UPDATE24122016/356 Kerstblog 2016 Belgie AA-

De lezers van dit blog wens ik heel gezellige Kerstdagen in goede gezondheid toe. Dit special-blog zal ik kijken naar de ontwikkeling van de globalisering, bezien vanuit Nederland, de Europese Unie en mondiaal. De oorzaak van de globalisering wordt bepaald door 4 factoren:
1. De voortdurende herschikking van de patronen van internationale arbeidsverdeling. Door verschillen in productieomstandigheden (en hoofdzakelijk door verschillen in lonen) zoeken producenten voortdurend naar de meest gunstige productielocaties. Arbeidsintensieve productieprocessen werden zodoende verplaatst naar ontwikkelingslanden (lagelonenlanden). Eén van de gevolgen daarvan is geweest dat de internationale handel in de laatste 25 jaar sneller groeide dan de internationale productie.
2. De internationalisering van de financiële markten is een tweede belangrijke factor. Het totale bedrag aan internationale investeringen is enorm gegroeid, dit is mede teweeggebracht door flitskapitaal.
3. De derde factor is de digitale en technologische revolutie die voor een compleet nieuw scala aan goederen en diensten heeft gezorgd, zoals zonneenergie, ICT, biotechnologie en containersering.
4. De groei van de consumentenmarkten is het laatste belangrijke element. Door vergelijkbare sociaal-economische processen ondergaat de welvarende consument vergelijkbare trends op de wereldmarkt. Er is in het welvarende deel van de wereld sprake van een materialistische en hedonistische cultuur. Vaak is niet de innerlijke betekenis van goederen bepalend voor de waarde, maar de waarde van het statusaspect, bijvoorbeeld de Nike-schoen of de snelle BMW. (bron: scholieren.com)
De gevolgen van globalisering zijn:
1. Ontwikkelingen multinationals. Om de gevolgen van globalisering goed te begrijpen moeten we eerst eens de multinational van dichter gaan bekijken. “Multinationals zijn grote bedrijven of handelsfirma’s die buiten hun thuismarkt op grote schaal opereren. Over het algemeen spreekt men van een multinational wanneer deze in verscheidene landen gevestigd is. De motieven voor een multinational om in het buitenland te gaan opereren (en dus om de schaal te vergroten) zijn:
 Kostenvoordelen: bepaalde diensten kunnen samengevoegd worden of worden geschrapt.
 Risicospreiding: doordat het bedrijf zich in een bredere markt bevindt is men minder afhankelijk van één bepaalde markttak en dus is het risico geringer.
 Toelevering van producten kan beter gegarandeerd worden. Dit geldt alleen bij voorwaartse integratie.
 Wanneer een bedrijf overgaat tot het vergroten van schaal is de toegang tot de vermogens/kapitaalmarkt gemakkelijker dan voor kleinere bedrijfjes.
 Is er meer geld en ruimte beschikbaar voor eventueel onderzoek.
 Profiteren van lage lonen, enerzijds in de zogenaamde lage-lonen-landen, anderzijds in de rijkere landen, waar de koopkracht stijgt door lagere prijzen.
 Ad hoc: profiteren van lage transportkosten door zich dicht bij de afzetmarkt en grondstoffen te vestigen.
 Makkelijker ontsnappen aan de controles van de nationale staten. Dit kan voor nationale staten ook nadelige consequenties opleveren (neem VW sjoemelsoftwaren en fijnstof uitstaat die negatieve gevolgen geeft voor de gezondheid van mens en dier).
 Het omzeilen van protectionistische maatregelen door de regering van het desbetref-fende land. De aanleiding voor het protectionisme is vaak het behouden van de werk-gelegenheid, dus wanneer een bedrijf zich in een land vestigt, zorgt dit voor het hand-haven voor de werkgelegenheid van dat land.”
De afgelopen eeuw zijn veel ondernemingen naar het buitenland uitgeweken voor de hier voor genoemde redenen. De eerste helft van de twintigste eeuw was er eigenlijk nog maar weinig sprake van echte economische ontwikkeling voor multinationals. Daar waar in de 19e eeuw nog duidelijk sprake was van globalisering en groei van de economie, werd dit al snel een halt toegeroepen door stagnatie van de economie en het plaatsvinden van de Eerste Wereldoorlog (1914-1918). In de twintiger jaren van de vorige eeuw vond er voor het eerst sinds een lange periode van een vertraagde economie een duidelijke groei plaats. In deze ‘fabulous twenties’ kwam de aandelenmarkt voor het eerst ter sprake en vooral in de Verenigde Staten waren er veel burgers die speculeerden/gokten op de beurs. De welvaart steeg hier enorm en het besteedbaar inkomen was ook flink vergroot. Grote autoconcerns merkten dat hun inkomsten flink vergroot werden door een sterk stijgende omzet. De T-Ford was een zeer populaire auto die ook nog betaalbaar was voor de bevolking. Het leek erop dat er een lange periode van welvaart zou plaatsvinden. Echter, bij de grootste beurscrash ooit in 1929, bleek dat de wereldeconomie helemaal niet ‘gezond’ was. Talrijke burgers die voor een grote lening een auto en huishoudelijke apparaten hadden aangeschaft waren niet meer in staat om alles terug te betalen. Zij waren namelijk te afhankelijk van de beursnoteringen geworden en door de vrije val van de Dow Jones hielden zij er nauwelijks een inkomen aan over. Het gevolg was dat de bedrijven de dupe werden van de overcreditering. De waarde van iedere onderneming daalde met de dag, de omzet was gedaald en er werd op grote schaal verlies geleden. Gedurende de hele jaren ’30 en het eerste deel van de Tweede Wereldoorlog (1939-1942) was er weinig reden om over te gaan tot schaalvergroting, omdat simpelweg het geld niet aanwezig was. Pas vanaf 1943, te midden van de oorlog, kwam het productieapparaat weer op gang. De oorlog kreeg voor de landen die de dupe waren geworden een positieve wending (Duitsland trok zich terug) en men werd weer optimistisch over het verloop van de oorlog. Bovendien zorgde de tegenaanval van de geallieerden voor nieuwe werkgelegenheid in de oorlogsindustrie en in de zorg. De Marshall-hulp in 1945 zorgde ervoor dat er voldoende geld beschikbaar kwam om een begin te maken met de wederopbouw van West-Europa. In 1947 werd de General Agreement on Tariffs and Trade (GATT) opgericht, met als doel de wereldhandel te bevorderen. Men wilde namelijk protectionistische maatregelen voorkomen die in de jaren ’30 veel hadden plaatsgevonden. Dit was dan ook de belangrijkste taak van de GATT. Pas van de jaren ’50 tot de jaren ’90 was er een duidelijke ontwikkeling te zien van de multinationals in de wereld. De economie leek zich op een gezonde manier groeiende te houden en veel grote ondernemingen zagen weinig toekomstperspectief meer in hun thuismarkt, deze was immers te beperkt en te klein geworden. Deze bedrijven vertrokken dus naar het buitenland, en veelal naar lagelonenlanden. Elektronicaconcerns zoals Philips en Sony vestigden zich in de Verenigde Staten en in andere landen die steeds welvarender werden. De winsten van deze gigantische ondernemingen stegen enorm, er was volop vraag naar nieuwe producten. De producten van deze concerns werden veelal gefabriceerd in Aziatische landen, met name China, Taiwan en Japan. Olieraffinaderijen, zoals Texaco en Shell, vestigden zich in Birma (het huidige Myanmar), Nigeria en Zuid-Afrika. Ook de opbrengst en omzet van deze bedrijven namen hevig toe. Toch kwam er al gauw kritiek vanuit verschillende hoeken. De plaatselijke bevolking van het land waar Shell en Texaco zich gevestigd hadden werd namelijk uitgebuit. De lonen waren veel te laag en de arbeidsomstandigheden waren ‘bijna’ mensonterend, er werd dus optimaal misbruik van de bevolking gemaakt. Bovendien zorgde Shell ervoor dat het apartheidsregime in Zuid-Afrika aan de macht bleef. Over het algemeen kan gezegd worden dat sinds 1950 de multinationals enorm gegroeid zijn. Daar waar de bedrijven aanvankelijk op de thuismarkt monopolist waren, hebben zij in meer dan 50 jaar tijd de wereldmarkt faliekant veroverd. Toch is er de afgelopen 2 decennia nog iets in de distributiemethode van de multinationals veranderd. Men is namelijk begonnen aan het JIT project, dat uitgaat van het Just-In-Time-principe. Bedrijven hebben steeds minder ruimte voor opslag. Als oplossing hiervoor is dat de producten in kleine hoeveelheden aangevoerd worden, waardoor er minder magazijnruimtes nodig zijn. Een voorbeeld voor een bedrijf die dit JIT-principe handhaaft is Albert Heijn. Per dag komen er bij de distributiecentra van AH honderden vrachtauto’s die constant kleine hoeveelheden naar de filialen brengen. Zo wordt er bijvoorbeeld gemiddeld 3 keer daags melk geleverd per filiaal. Op deze manier blijven de producten vers en is de ruimte die nodig is in de opslagplaats miniem. Minder op-slagruimte zorgt voor minder kosten en daardoor wordt meer winst gemaakt. Dit JIT-project is een goed voorbeeld van de effecten die door de globalisering zijn ontstaan met haar moordende concurrentie.
2. De Gevolgen: welke invloed had de ontwikkeling van multinationals op de wereldeconomie? Het is nu echter overdreven om te zeggen dat alle landen hebben mogen profiteren van de globalisering van de economie. In het Wereldbankrapport “Mondialisering, groei en armoede” staat kort beschreven hoe de verdeling van de globalisering ten opzichte van de wereldbevolking is. Er zijn volgens dit rapport 3 groeperingen in de samenleving:
1) De rijke landen, waaronder West-Europa, de Verenigde Staten en een groot deel van Zuid-Oost Azië. Deze groep bestaat uit ongeveer 1 miljard mensen. Ze vertegenwoordigt de meeste multinationals. De rijke landen profiteren volop van de globalisering van de vrije markt-economie.
2) Een groep van 24 landen die weergegeven worden als snelle groeier, zoals China en India, met een bevolkingsaantal van 3 miljard mensen. Uit deze groep zijn ‘nieuwe’ multinationals ontstaan. Deze multinationals zijn relatief nog erg jong en het zijn er ook nog niet zoveel. Deze groep begint steeds meer te profiteren van de vervlechting der economieën.
3) De arme landen, voornamelijk ten zuiden van de Sahara in Afrika, die samen met 2 miljard mensen een enorm gedeelte van de wereldbevolking in beslag neemt. De mensen uit deze klasse verdienen iedere dag minder dan 1 US $. De groep arme landen wordt steeds groter, omdat ze steeds meer buitengesloten worden van de wereldeconomie. Ze hebben het vermogen niet om hun economie te integreren in de wereld. Deze laatste groep is vooral de laatste decennia een stuk openhartiger behandeld. Het doel van de economie-globalisering is namelijk altijd geweest dat de hele wereld zou meeprofiteren. Hierbij vond men het noodzakelijk dat de multinationals zich zouden vestigen in arme landen. Extra investeringen zouden de economie namelijk bevorderen. De praktijk bleek heel anders. Als we namelijk terugkijken naar de kenmerken ven de multinational blijkt dat deze investeringen met goede bedoelingen alleen maar in uitbuiting en winst voor de multinational resulteert. Sinds Mexico de NAFTA met de Verenigde Staten en Canada tekende, zijn de reële lonen in het land 45% gezakt, twee miljoen mensen werkloos geworden en het aantal “extreem armen” gestegen van 31% in 1993 tot 50% nu. De VN-organisatie voor handel en ontwikkeling UNCTAD (United Nations Conference on Trade and Development), opgericht in 1964, concludeerde dat de huidige globalisering verantwoordelijk is voor een groeiende onge-lijkheid in de wereld. In 1965 was het gemiddelde inkomen in de zeven rijkste landen 20 keer zo hoog als dat in de zeven armste landen. In 1995 was die kloof maar liefs 39 keer zo groot. UNCTAD wijt deze ontwikkeling aan de liberalisering van de economie en ziet regulering als voorwaarde om de wanverhoudingen aan te pakken.
Deze cijfers zijn erg verontrustend en zeker de moeite van het bestuderen waard.
Een ander recent voorbeeld van een globaliseringproces is de mobiele-telefonieoorlog. In een artikel uit het tijdschrift Finance (mei 2002) wordt Vodafone als absolute winnaar uit die strijd uitgeroepen. “Na in de afgelopen jaren via allianties, verkapte fusies en vooral overnames leidende marktposities in 29 landen te hebben verworven, is de laatste weg aangebroken in Vodafones weg naar de absolute top: de toetreding tot het rijtje McDonald’s, Coca-Cola en andere toptien wereldmerken die meer zijn dan zomaar wereldmarktleider.” De strijd om de beste marktpositie heeft ervoor gezorgd dat veel telecombedrijven met grote schulden opgezadeld zitten met een relatief lage beurswaarde. Het succes van Vodafone wordt vooral toegeschreven aan het brein van de zakenbankier. Veel overnames (zoals die van Mannesmann, een rivaal op de Duitse telecommarkt) hebben ervoor gezorgd dat de concurrentie steeds verder achterop raakt. Zo hebben vooral Deutsche Telecom, Tele-com Italia, Telefonica en France Telecom veel moeite om Vodafone bij te benen, vooral omdat hun schuldenlast enorm groot is en het economische klimaat verslechtert. Die teruggang is extra gevoelig voor de telecomsector. Een bijkomend voordeel dat Vodafone heeft, is dat zij zich in veel landen heeft gevestigd, waardoor een economische tegenslag op regionale of continentale schaal (bijvoorbeeld in Zuid-Oost Azië) niet zo hard aankomt. Een beter voorbeeld om de situatie van ontwikkelingslanden te bekijken is het voorbeeld van Zuid-Oost Azië. Een vergelijking tussen Birma (het huidige Myanmar) en Singapore. Singapore heeft in het verleden haar grenzen helemaal opengesteld voor multinationals in tegenstelling tot Birma. Dit is goed aan te duiden met de openheidsgraad van het land. Dit is bedacht door Frankel en Romer (1999) en wijst uit dat elk percent extra openheid het inkomen per hoofd van het land in kwestie met 1% doet stijgen. Birma heeft een openheidsgraad van 0 procent, Singapore 100 procent. Vandaar dat het inkomen in Singapore ook zo’n 100 procent hoger ligt dan dat van Birma. Een artikel uit Het Parool van februari 2002 wijst uit dat het volk steeds minder vertrouwen heeft in de globalisering. En dat wordt steeds duidelijker door de stem tegen het gevoerde neo-liberale beleid en een verrechtsing van het politieke beleid (Wilders, le Pen, AfD, Hofer, UKIP). Wat is globalisme: de verspreiding van ons kapitalistische economisch systeem over de hele wereld, waardoor de economieën van de wereld meer verweven raken. (vrije markteco-nomie). De gevolgen: Vrije markteconomie: Aangeboden producten zijn meer gevarieerd in de rijke (westerse) landen. De keerzijde: De mens komt in dienst te staan van de economie. Voor arme landen: armoede en honger, mensen en hun rechten raken in verdrukking. Door gedumpte westerse tarwe: een devaluatie van 50%. De boosdoeners zijn de multinationals, grote landen, de Wereldbank en losgelaten financiële markten…
Resultaat: Één zesde van de wereldbevolking leeft in welvaart. Jammer voor de rest.
Nieuwigheden in de globalisering:
 Wereldwijd 7/7 en 24/24.uur presteren
 Kapitaal profiteert van de liberalisering
 Alles wordt geprivatiseerd (ongezonde situatie), het milieu is daarvoor opgeofferd.
 Het gezonde winstdenken van ‘vroeger’ tegenover het speculatieve winstdenken van nu.
 Politiek meer aanwezig (deregulering: geen regels meer) maar je kunt ook zeggen: minder aanwezig. De economie verovert alle terreinen en koloniseert ze (sociaal, politiek en cultureel). Met alle maatschappelijke gevolgen vandien. Het milieu wordt steeds meer geëxploiteerd. De cybercriminaliteit neemt dreigende vormen aan. Wat zijn de gevolgen van deze ontwikkeling: een beweging die ingaat tegen globalisering en streeft voor een meer democratische, duurzame en sociale wereld.  Zuiden: Viervijfde van de bevolking moet het doen met 1/5 van het wereldinkomen. Dit zorgt voor een maatschappelijk onhoudbare situatie. Het communistisch / marxistisch ideeëngoed leeft dan ook onder de bevolking. Noorden: milieubewegingen, vakbonden, derdewereldbewegingen, vredesbewegingen en mensenrechtenbewegingen. 
Wat raakt ons van dit mondiale beleid, waardoor worden wij benadeeld in de portemonnee? Met monetaire beleid van de vooraanstaande centrale banken als de FED en de ECB. Wat is de werkelijke waarde nog van de euro, nu de valuta massaal verhandelt wordt met een rente rond de 0%. Wat levert direct kwartaal sparen nog op bij de staatsbank ABNAmro: 0,35%. Een aantal Italiaanse banken staan op omvallen door €300 mrd aan oninbare vorderingen, die ze in portefeuille hebben. De Italiaanse regering wil het Italiaanse bankwezen helpen om te voorkomen dat een domino-effect ontstaat met andere Europese banken en wil toestemming van Brussel om €20 mrd voor reddingsgeld. Jens Weidmann, de president van de Duitse Bundesbank stelt echter dat staatssteun bedoeld als laatste redmiddel en niet als dekking voor voorzienbare verliezen, is bestemd. De grootste geplaagde Italiaanse bank Monte dei Paschi di Siena (MPS) moet daarom niet te snel steun van de overheid krijgen. MPS kondigde eerder al aan een verzoek in te dienen bij de Italiaanse overheid voor staatssteun. De bank sprak in een verklaring van een ,,voorzorgsmaatregel” om het kapitaal te verhogen. De Italiaanse regering stelde eerder een reddingsfonds van 20 miljard euro in voor de in nood verkerende banken. Volgens Weidmann kan staatssteun alleen worden verleend aan banken die ,,in de basis gezond zijn”. Daarbij moet volgens hem door de Italiaanse overheid een bijpassende publieke financiering worden gevonden, gelet op de hoge staatsschuld van het land. Eerder strandden de pogingen van Monte dei Paschi om zelf geldschieters te vinden. Zonder extra kapitaal is de oudste bank ter wereld gedoemd ten onder te gaan. Volgens Europese regels moeten beleggers eerst bloeden bij de ondergang van een bank. In het geval van Monte dei Paschi zijn dat relatief veel kleine beleggers, die bijvoorbeeld hun pensioen kwijt dreigen te raken. “Het doel van de staatssteun is de spaartegoeden van burgers zo veel mogelijk te beschermen en de bankensector van Italië te versterken”, zei de nieuwe Italiaanse premier Paolo Gentiloni over het reddingsfonds. Eurogroep-voorzitter Jeroen Dijsselbloem benadrukte in een reactie dat aandeel- en obligatiehouders moeten opdraaien voor de redding van een Europese bank. Tegelijkertijd wees hij op het belang van compensatie voor kleine beleggers, die bij de zogeheten bail-in hun pensioen zien verdampen. ,,De Europese regels verzetten zich hier ook niet tegen, maar dat kost natuurlijk wel veel geld”, aldus de minister van Financiën. ,,Het totaal van de oplossingen moeten we afwachten, dat is er nog niet.” Midweeks maakte Monte dei Paschi al bekend dat de nood nog meer aan de man was dan gedacht, doordat het geld sneller opraakt dan gevreesd. De bodem komt al in vier maanden in zicht, in plaats van de eerder verwachte elf maanden. Een ander aspect van de globalisering is van fiscale aard. Multinationals en de superrijken dezer aarde hebben de mogelijkheid middels Belastingparadijzen, zoals gevestigd in Europa, Zwitserland, Nederland, Luxemburg, Ierland, Cyprus en Yersey; in het Caribisch gebied Belize, Britse Maagden Eilanden en Panama en in Azië Hongkong en Singapore. Veel landen hebben een specialiteit. Nederland is aantrekkijk voor het afrekenen van royalty baten tegen een ongekend laag belastingtarief (0,5%?) tegen definitieve kwijting. Belasting kan worden ontdoken door het niet nakomen van belastingverplichtingen. Dit gebeurt bijvoorbeeld door het achterhouden van informatie bij een belastingaangifte of door het opgeven van valse informatie. Belastingontduiking kost veel geld voor de overheid: enerzijds loopt de schatkist inkomsten mis, anderzijds wordt er veel geld besteed aan het bestrijden en voorkomen van belastingontduiking. De Financiële Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) is verantwoordelijk voor het opsporen van dergelijke financiële fraude. Belastingontwijking is een manier om minder belasting te betalen zonder regels te overtreden. Over het algemeen worden hierbij landsgrenzen overschreden. Verschillende landen (ook binnen Europa) kennen namelijk verschillen in belastingwetgeving, bijvoorbeeld een lagere inkomstenbelasting. Belastingontwijking is niet wenselijk: er wordt immers minder belasting betaald aan de overheid. Daarom zijn er internationale belastingverdragen zodat de verschillende landen een vergelijkbare belastingwetgeving kennen. Ethisch bezien is dit schadelijk voor burgers (die hogere belastingen moeten betalen). En dan de sociaal/maatschappelijke gevolgen van de globalisering in Nederland. De arbeidsmarkt is sterk aan het veranderen. Werkgevers zijn nog slechts geïnteresseerd in hoogopgeleid (technisch) geschoolde werknemers, veel werknemers werken op flexcontracten dan wel zijn zzp’ers (lager inkomen, geen sociale dekking/pensioen) als gevolg van het overbrengen van productie capaciteit naar lage-lonen-landen. Daardoor neemt de armoede toe in ons land en worden mensen afhankelijk van de voedselbanken (in de Tweede Wereldoorlog noemden wij die vorm van voedselvoorziening: gaarkeukens). Er is voor mensen met schulden, heel vaak buiten hun eigen schuld, bijvoorbeeld omdat hun eigen woning onder water is komen te staan, wel een escape van schuldhulpverlening, maar de interpretatie hiervan op gemeentelijk niveau staat niet altijd open voor iedereen. Schuldeisers kunnen dat blokkeren. Werkt globalisering positief voor alle burgers? Nee, en die tegenstem van de kiezers moet door de politiek worden gehoord. De cruciale vraag is in elke mate de beleidsmakers in staat zijn de negatieve gevolgen van de globalisering te beheersen.
De Russische ambassadeur in Turkije is in de Turkse hoofdstad Ankara doodgeschoten. Andrej Karlov werd nog naar het ziekenhuis gebracht maar overleed daar volgens het Russische persbureau RIA. Deze week werd Karlov in Moskou met veel ceremonieel begraven. De dader, een Turkse politieman, zou ambassadeur Andrej Karlov hebben neergeschoten uit woede over Moskou’s steun aan president Assad. Rusland en Turkije zijn beiden betrokken bij het conflict in Syrië. Turkije is een fervent tegenstander van de Syrische president Bashar al-Assad, terwijl Rusland troepen en de luchtmacht inzet ter ondersteuning van de Syrische leider. Rusland, Iran en Turkije willen de vredesonderhandelingen in Syrië nieuw leven inblazen. De ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie van de drie landen ondertekenden deze week hiertoe in Moskou een verklaring. Volgens de Russische minister van Buitenlandse zaken, Sergej Lavrov, zijn Rusland, Iran en Turkije het eens geworden dat de strijd tegen terrorisme prioriteit heeft, en dat een machtswisseling in Syrië niet aan de orde is. Met hun verklaring zetten de drie landen de VS buitenspel bij de vredesonderhandelingen. Lavrov liet weten dat de drie openstaan voor samenwerking met anderen, maar wel onder hun leiding. De vredesonderhandelingen tussen Assads regime en de rebellen zouden wat betreft Rusland en Turkije moeten plaatsvinden in de Kazachse hoofdstad Astana. Eerdere onderhandelingsrondes in Wenen en Genève tussen de Syrische regering en de HNC, waarin verschillende rebellengroepen zich verenigden, liepen telkens stuk. Toch is onzeker of deze nieuwe poging succes zal hebben. Zo liet Turkije na het ondertekenen van de verklaring weten dat een eventueel bestand en een uitnodiging voor de vredesonderhandelingen niet van toepassing zullen zijn op terroristische groeperingen zoals Hezbollah. Die groepering geniet de steun van Iran en Rusland, die vooralsnog ontwijkend reageerden op de Turkse uitlatingen.

De VN-Veiligheidsraad eiste vrijdag dat Israël het bouwen van nederzettingen in bezette Palestijnse gebieden staakt. De Verenigde Staten onthielden zich van de stemming. Dat is een ommekeer in het gebruikelijke Amerikaanse beleid Israël te beschermen tegen maatregelen in de Veiligheidsraad. De overige veertien lidstaten stemden voor het aannemen van de resolutie. Het hoofd van de Palestijnse vredesonderhandelaars, Saeb Erekat, reageerde: “Dit is een overwinning van beschaafd taalgebruik en onderhandeling en een totale verwerping van de extremistische krachten in Israël.” In een reactie op het VN-besluit zei de Israëlische premier Benjamin Netanyahu dat Israël zich zwaar in de steek gelaten voelt en nu vooral uitziet naar het aantreden van Donald Trump. Netanyahu: “De regering van Obama heeft niet alleen nagelaten Israël te beschermen tegen deze bendevorming in de VN, ze spande er achter de schermen mee samen.” Het is de eerste keer in bijna acht jaar dat de Veiligheidsraad een resolutie aanneemt over het Israëlisch-Palestijns conflict. De onthouding van de VS bij de stemming was geen steek onder water van Obama richting Netanyahu. Dat zei Obama’s vice-veiligheidsadviseur Ben Rhodes bij CNN. “Het beleid van de VS is al decennialang gekant tegen het nederzettingenbeleid en dat we deze stap hebben genomen is omdat we de afgelopen jaren een versnelling in de groei van de nederzettingen hebben gezien. Als deze trend zich doorzet wordt de tweestatenoplossing onmogelijk”, zei Rhodes.De Amerikaanse VN-ambassadeur Samantha Powers zei dat ze geen gebruik had gemaakt van het Amerikaanse vetorecht omdat de resolutie “de feiten ter plaatse weerspiegelt en verenigbaar is met het Amerikaanse beleid”. Volgens Powers wordt de veiligheid van Israël ondermijnd als het doorgaat met het koloniseren van bezette gebieden. Vanuit de Joodse lobby in de VS werd heftig gereageerd. Hoewel het onwaarschijnlijk is dat de resolutie een directe invloed heeft op het conflict rondom de Israëlische nederzettingen, wordt het aannemen ervan gezien als een belangrijk symbool van de afkeuring van de internationale gemeenschap. Mogelijk geeft dat de Palestijnen meer ruimte voor verzet tegen Israël op het internationale politieke en juridische toneel. Een Israëlische woordvoerder zei dat als de resolutie werd aangenomen, er “nul kans” was dat Israël de Veiligheidsraad zal gehoorzamen. Dat strookt niet met de grondbeginselen van het VN-lidmaatschap, waarin staat dat lidstaten de beslissingen van de Veiligheidsraad moeten accepteren. De resolutie werd aanvankelijk voorgelegd door Egypte, maar werd door dat land teruggetrokken, nadat Israël en de Amerikaanse president-elect druk uitoefenden op de Egyptische president Adbdel Fattah al-Sisi. Een dag later brachten Nieuw-Zeeland, Maleisië, Venezuela en Senegal de resolutie alsnog op tafel. Trump, Israël en verschillende Joodse organisaties riepen de Amerikaanse regering op voorhand op een veto uit te spreken over de maatregel. De Amerikaanse oppositie reageert dan ook met woede op het besluit van de Veiligheidsraad. De Republikeinse voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, Paul Ryan, noemt de resolutie “absoluut schandalig” en “een klap voor de vrede”. President-elect Trump waarschuwde de VN in een bericht op Twitter dat “de situatie zal veranderen na 20 januari”, wanneer hij wordt ingehuldigd. Vice-veiligheidsadviseur Rhodes noemde Trumps poging het standpunt van de VS te beïnvloeden “ongebruikelijk”. “Vanaf 20 januari is hij verantwoordelijk voor het Amerikaanse beleid. Tot 20 januari is president Obama dat. Zo werkt het. Er is maar één president per termijn.” Op 1e Kerstdag ontboot, heel ongebruikelijk, Netanyahu de Amerikaanse ambassadeur voor overleg. Is dit het Kerstgeschenk van Obama aan de wereld?

Een ander Kerstkadootje komt van het Europees Parlement. Europese Commissie en lidstaten faalden voor én na ‘dieselgate’. De EC ondernam jarenlang geen actie tegen het gebruik van sjoemelsoftware in dieselauto’s, terwijl er volop signalen van fraude binnenkwamen. Bovendien hielden EU-lidstaten veel te weinig toezicht op de auto-industrie en de testen die de werkelijke uitstoot van schadelijke stoffen op de weg verbloemen. Die harde conclusies trekt de enquêtecommissie van het Europees Parlement, die de ‘dieselgate’ het afgelopen jaar onderzocht. Nadat in september vorig jaar duidelijk werd dat diesels van Volkswagen met software waren uitgerust om de uitstoot alleen tijdens de tests te verminderen, bleken veel andere automerken ook trucs uit te halen om op papier te kunnen voldoen aan de milieunormen. De Europese Commissie keek echter bewust de andere kant op. Economische belangen van de autobranche waren belangrijker dan de volksgezondheid, concludeert commissielid Gerbert-Jan Gerbrandy, die het rapport schreef. “In 2012 waren er ook in de Europese Commissie Barroso II al duidelijke signalen dat er iets niet in de haak was met de uitstoottesten maar dat is toen niet opgepakt.” “De Commissie heeft duidelijk steken laten vallen”, aldus Gerbrandy. “Het is ontluisterend vast te stellen dat dit grootschalig consumentenbedrog zo lang heeft kunnen doorgaan.” Bovendien is ook nadat het Volkswagen-schandaal boven water kwam te weinig gedaan om de problemen op te lossen. Gerbrandy: “Lidstaten weigeren boetes te geven aan de sjoemelende autofabrikanten en het terugroepen van sjoemeldiesels is bijna nergens verplicht gesteld.” “Het is ontluisterend vast te stellen dat dit grootschalig consumentenbedrog zo lang heeft kunnen doorgaan”, zegt Europarlementariër Gerben-Jan Gerbrandy (D66), rapporteur en één van de twee auteurs van het voorlopige eindrapport van de onderzoekscommissie ‘dieselgate’ dat deze week verscheen. “Onnodige vertraging in de besluitvorming, wanbeleid en het negeren van wettelijke verplichtingen hebben deze situatie mogelijk gemaakt.” Als zowel de EU-lidstaten als de Europese Commissie gewoon hun werk hadden gedaan, was Volkswagen veel eerder betrapt op gesjoemel met autosoftware en was de fraude niet in de Verenigde Staten, maar gewoon in Europa ontdekt – of zelfs helemaal niet mogelijk geweest, stelt Gerbrandy.
DFT: Een Kamermeerderheid heeft voor het Kerstreces vragen gesteld over de dreigende hypotheekchaos die DFT-columnist Harrie-Jan van Nunen voorziet naar aanleiding van nieuwe regels van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). In zijn column ‘Chaos bij hypotheken dreigt door nieuwe zienswijze AFM’, schrijft de hypotheekadviseur dat nieuwe regels van de toezichthouder grote onzekerheid teweegbrengen bij consumenten omdat deze samenvallen met de nieuwe hypotheeknormen die per 1 januari 2017 gelden. De AFM ziet bij hypotheekverstrekking niet langer het aanvraagmoment als leidend, maar de datum waarop de bank definitief akkoord gaat, dus nadat alle stukken zijn beoordeeld. Gemiddeld zitten drie à vier weken tussen aanvraag en akkoord. CDA, VVD, PvdA en de SGP willen ondermeer dat de AFM bij de tot nu toe uitgebrachte offertes het moment van aanvragen als leidend ziet. Nu is het zo dat de toezichthouder de oude normen aanhoudt als banken lopende aanvragen binnen de overgangsperiode, uiterlijk op 1 februari, goedkeuren. Volgens Van Nunen biedt de overgangsperiode geen soelaas omdat consumenten afhankelijk blijven van het hypotheektraject bij hun bank. Het kan grote gevolgen hebben voor consumenten als zij pas akkoord ontvangen op het moment dat de nieuwe normen gelden omdat zij per 1 januari 2017 minder kunnen lenen. Zo mag er nog 101% van de marktwaarde van de woning geleend worden in plaats van 102%. Ook daalt de leencapaciteit door hogere inkomenseisen. Het moment van aanvragen blijft wel voor de rentestand van belang. Onoverzichtelijk beleid van van de AFM. Wiens belangen worden hiermee gediend? De leencapaciteit wordt met 1% verlaagd. Hoe dramatisch is dat?

Het consumentenvertrouwen in de Verenigde Staten is in december gestegen naar het hoogste niveau in ruim elf jaar. Dat blijkt uit een definitief cijfer dat de Universiteit van Michigan. De index die het sentiment onder Amerikaanse consumenten weergeeft, ging naar 98,2, van 93,8 in november. Bij een voorlopige raming werd een stand gemeld van 98. Amerikaanse consumenten verwachten dat het beleid van aankomend president Donald Trump gunstig zal uitvallen voor hun financiën en de economie. Trump heeft beloofd de belastingen te verlagen en de werkgelegenheid aan te jagen.

De Russische economie liet de afgelopen maanden ,,een positieve trend” zien en komt uit de economische crisis. Dat heeft de Russische president Vladimir Poetin voor zijn jaarlijkse persconferentie die hij tegen het einde van het jaar houdt. Poetin denkt dat de economie dit jaar met 0,5% tot 0,6% zal krimpen, na een economische neergang met 3,8% in 2015. In november was, volgens de president, zelfs een kleine groei te zien. De inflatie wordt voor 2016 geraamd op 5,5% met een begrotingstekort van 3,7%, wat volgens Poetin ,,een acceptabel tekort” is. Rusland werd als grote olieproducent hard geraakt door de lage olieprijzen en heeft te kampen met de westerse sancties (de EU verlengden deze week de sancties) voor onder meer het annexeren van de Krim. Daardoor staan de overheidsfinanciën flink onder druk en moest worden bezuinigd, waaronder op defensie. Om de gevolgen van de sancties te compenseren heeft het Kremlin ingezet op meer binnenlandse productie. Poetin verklaarde daarbij dat de Russische graanoogst dit jaar het recordniveau van 119 miljoen ton zal bereiken, wat volgens hem ,,een uitstekend resultaat” is. Ook is Moskou bezig staatsbezittingen te privatiseren om extra inkomsten te genereren. Onlangs werd nog bekend dat het staatsinvesteringsfonds van Qatar en grondstoffenbedrijf Glencore voor meer dan €10 mrd een groot belang kopen in het Russische staatsolieconcern Rosneft, de grootste privatiseringsactie in Rusland ooit. Volgens Poetin is dat geld inmiddels ontvangen door de overheid.

De Britse economie is in het derde kwartaal wat sterker gegroeid dan eerder werd gedacht. Dat blijkt uit de nieuwste raming. De op twee na grootste economie van Europa groeide vorig kwartaal met 0,6%, in plaats van met 0,5% zoals onlangs werd geraamd. De meevaller is mede te danken aan de financiële sector, die wat beter draaide in de afgelopen maanden dan eerder gemeld. De robuuste groei werd verder ondersteund door de uitgaven van consumenten. De investeringen van het bedrijfsleven vielen beperkter uit dan gedacht.
Deutsche Bank heeft een schikking getroffen met de Amerikaanse autoriteiten over de verkoop van risicovolle hypotheekbeleggingen in aanloop naar de financiële crisis. Het financiële concern liet weten dat er een akkoord is met het Amerikaanse ministerie van Justitie. Deutsche Bank betaalt een boete van $3,1 mrd (circa €3 mrd). Daarnaast stelt de bank een bedrag van $4,1 mrd ter beschikking voor verlichting van de hypotheken bij de Amerikaanse klanten. Amerikaanse autoriteiten stelden eerder dit jaar een boete van $14 mrd voor om verdere vervolging af te kopen. Deutsche Bank wees die schikking af. De bank had voorzieningen ter waarde van ruim $6 mrd getroffen in verband met de dreigende boete. Tegen Deutsche Bank lopen nog enkele andere grote zaken, onder andere voor valutamanipulatie en verdachte handelstransacties in Rusland. Naast de schikking met Deutsche bank over wangedrag, dat uiteindelijk leidde tot het ineenvallen van de Amerikaanse huizenmarkt en een wereldwijde financiële crisis, kwamen de autoriteiten ook tot een akkoord met het Zwitserse Credit Suisse. Dat financiële concern betaalt circa $5,3 mrd. Daarvan gaat $2,8 mrd naar huiseigenaren en gemeenschappen die werden getroffen door het kelderen van de huizenprijzen. Naar verluidt had Credit Suisse een voorstel van $5 tot 7 mrd eerder afgewezen. De boete komt voort uit een initiatief van president Barack Obama in 2012. Die wilde banken verantwoordelijk houden voor de hypotheekproducten die ze verkochten terwijl ze investeerders misleidden over de risico’s. De praktijken speelden een grote rol bij het ontstaan van de grootste crisis sinds de jaren dertig van de vorige eeuw. Een reeks Amerikaanse banken is al beboet. Nu richten Amerikaanse aanklagers zich op Europese banken. Naast Credit Suisse en Deutsche Bank zijn dat Royal Bank of Scotland, Barclays en HSBC.

Het ophogen van het minimumloon, het koppelen van de AOW aan de loonstijgingen, een basisbudgetbeheer: ideeën van politieke partijen om armoede in Nederland te bestrijden. In aanloop van de verkiezingen bepalen politici welke doelen zij de komende jaren hopen te realiseren. Vindt de politiek de armoedebestrijding van afgelopen jaren geslaagd, wat kan er beter, zijn ze blij met de voedselbank, maar ook: vinden ze dat armoede in Nederland bestaat? EenVandaag deed er onderzoek naar.

1. Bestaat er armoede in Nederland?

Met uitzondering van de VVD geven alle partijen direct aan dat ze vinden dat er armoede is. D66, CDA, 50Plus, PvdA en GroenLinks geven aan dat “niet mee kunnen doen” armoede is. “Armoede houdt ook schaamte en sociale uitsluiting in, doordat je bijvoorbeeld geen geld hebt voor een kopje koffie of een sportclub”, aldus GroenLinks. Wie een inkomen van minder dan 971 euro per maand heeft, leeft onder de armoedegrens. In Nederland is dat 7% van de bevolking en dat zijn 1,2 miljoen inwoners. De SP wijst ook naar de half miljoen mensen die werken, maar daarmee te weinig verdienen voor een bestaanszekerheid. De VVD stelt: “hoewel je in vergelijking met sommige andere landen in Nederland niet kunt spreken van armoede, zijn er mensen die het financieel aanzienlijk moeilijker hebben dan de gemiddelde Nederlander.”

2. Wordt er goed beleid gevoerd om armoede te bestrijden, wat kan er beter?

Het is niet verwonderlijk dat de twee partijen die de afgelopen jaren het kabinet vormden antwoorden op deze vraag dat “het moeilijke jaren waren” (PvdA), er “hard gewerkt” is (VVD), daar nu “de vruchten van geplukt worden” (VVD) en ze de “armoedetrend hebben weten te keren” (PvdA). Het SCP stelt inderdaad dat hoewel sinds 2007 tot 2013 de armoede met 48% toenam, in 2014 weer een daling te zien is. Hardnekkig blijft echter de langdurige armoede. Die blijft stijgen. Oppositiepartij 50Plus vindt het beleid niet goed genoeg. “Het armoedecijfer loopt onvoldoende terug.” De partij wil onderzocht hebben of het sociaal minimum wel hoog genoeg is. De SP beschrijft het armoedebeleid van de afgelopen jaren als “pleisters plakken”. De partij stelt dat het inkomen van veel mensen onder druk is komen te staan als gevolg van de bezuinigingen. Zij willen daarom onder andere het minimumloon verhogen, ontslagvergoeding verdubbelen en het systeem van toeslagen vereenvoudigen. Dat veel mensen in het toeslagensysteem vastlopen, erkent ook GroenLinks. Ook zij willen dit vereenvoudigen en ze willen kwijtscheldingen voor mensen met problematische schulden. Volgens GroenLinks is de kloof tussen arm en rijk groter geworden door het kabinetsbeleid. Het CDA benadrukt dat vooral gemeentes een belangrijke taak hebben bij armoedebestrijding, zij kunnen maatwerk leveren. Ook het CDA ziet dat mensen vastlopen door de steeds meer ingewikkelde samenleving. De partij heeft zich eraan gestoord dat staatssecretaris Klijnsma veel wetgeving in het vooruitzicht stelde, maar dat de processen wel erg traag verliepen. D66 wil extra inzetten op het voorkomen en oplossen van schulden met een budgetplan en “een abonnement op een financiële hulpdienst.” Zij zien werk en onderwijs als de beste manieren om armoede te bestrijden en willen daarin investeren. De PvdA heeft in het nieuwe verkiezingsprogramma opgenomen te pleiten voor één incassobureau voor alle Rijksdiensten. Daarmee hopen ze schuldeisers en schuldenaren meer overzicht te geven en te voorkomen dat schulden zich verdiepen. De VVD vindt dat we met onder andere “gesubsidieerde huizen, zorg- en huurtoeslag, bijstand en betalingsregelingen” een goed vangnet hebben voor mensen die weinig te besteden hebben.

3. In 2017 bestaat de voedselbank in Nederland 15 jaar. Is deze verjaardag een schande of een zegen?

Geen enkele partij noemt de verjaardag van de voedselbank ronduit een schande. Ook niet ronduit een zegen trouwens. De VVD vindt dat de voedselbank laat zien “dat de Nederlandse samenleving krachtig en weerbaar is en dat de mensen met problemen niet altijd meteen naar de overheid hoeven te kijken. De overheid kan niet alle problemen altijd maar oplossen.” Toch is dat maar de vraag, zeker als die overheid zelf die problemen heeft veroorzaakt. Alle andere partijen benoemen vooral dat er twee kanten zijn aan de medaille. Nederland is een welvarend land waarin het “simpelweg treurig” (PvdA) is dat er een voedselbank nodig is. Vrijwilligers die zich bij deze armoedeverlichting inzetten, worden geroemd. Maar de verjaardag wordt ook gezien als een stimulans armoede beter te bestrijden. GroenLinks: “De overheid moet zich dit aantrekken, zodat mensen niet meer naar de voedselbank hoeven.” D66: “Zolang er armoede is, is het bestaan van de voedselbank een zegen. […] Het is echter ook een wake up call.” In 2006 schreef de PvdA in het verkiezingsprogramma dat voedselbanken zouden moeten verdwijnen. Nu schrijven ze zich “er niet bij neer te leggen.” Het CDA zegt dat de overheid nog meer de samenwerking moet zoeken met voedselbanken, en kerken, om armoede tegen te gaan.

Waardoor zijn mensen met de voedselbank in contact gekomen: financiële problemen, onbetaalde rekeningen en boetes die alsmaar blijven stijgen. Werkelozen, met te hoge lasten die niet kunnen worden gedragen, zzp’ers met dalend inkomen. Persoonlijke omstandigheden die een rol spelen, zoals een ziekte van de kostwinner of een kind in het gezin, toenemende zorgkosten of het wegvallen van de partner door echtscheiding of overlijden. Tweederde (67%) van de ondervraagden zegt dat zij zonder de voedselbank honger zouden hebben. Voor veel deelnemers was het gewoon geworden om maaltijden over te slaan voordat ze bij de voedselbank kwamen. De helft (54%) zegt dat ze een paar keer per week de warme maaltijd moesten overslaan omdat ze niet voldoende te eten hadden. Volgens hen was het vaak een kwestie van kiezen tussen de belangrijkste rekeningen betalen of een bord met warm eten. Diverse ouders geven in het onderzoek aan dat ze er alles aan deden om te zorgen dat hun kinderen geen honger hoefden te hebben, ook al ging dit ten koste van henzelf. Tweederde (67%) van de ondervraagden zegt dat zij zonder de voedselbank honger zouden hebben. Voor veel deelnemers was het gewoon geworden om maaltijden over te slaan voordat ze bij de voedselbank kwamen. De helft (54%) zegt dat ze een paar keer per week de warme maaltijd moesten overslaan omdat ze niet voldoende te eten hadden. Diverse ouders geven in het onderzoek aan dat ze er alles aan deden om te zorgen dat hun kinderen geen honger hoefden te hebben, ook al ging dit ten koste van henzelf.

De gesprekken met Griekenland over schuldverlichting worden binnenkort hervat. Dat liet de voorzitter van de Eurogroep, Jeroen Dijsselbloem, weten. Medio december besloot de Eurogoep om de schuldverlichting voor Griekenland tijdelijk stop te zetten. De ministers van financiën van de eurolanden reageerden op deze manier op het besluit van de regering-Tsipras om zonder overleg een extra uitkering te geven aan gepensioneerden en mensen met een laag inkomen. Dijsselbloem zei dat de schuldeisers van het land hebben afgesproken om verder te gaan met de schuldverlichting nadat de Griekse minister van Financiën hen een brief had gestuurd. In die brief bevestigt Griekenland haar inzet voor het hervormingsprogramma opnieuw. De eurogroep besloot op 5 december Griekenland lucht te geven door een aantal aanpassingen in het schuldenpakket, zoals het verlengen van looptijden van leningen en het vastzetten van rentepercentages. Als ik dit bericht zo lees sluit ik niet uit dat met de Kerstdagen de Eurogroep toch haar sociale gezicht (voor het eerst) heeft laten zien door te accepteren dat Grieken aan de onderkant van de Griekse samenleving Kerstgeld hebben gekregen. Daar komt eigenbelang bij, om een brug te slaan naar het IMF met betrekking tot de eisen van het IMF inzake schuldderving voor de Grieken.

©2016 hannesdewitte@gmail.com

Slotstand indices 23 december 2016; week 51: AEX 482,86; BEL 20 3.599,79; CAC-40 4839,68; DAX 30 11.449,93; FTSE 100 7068,70; SMI 8.232,64; RTS (Rusland) 1117,92; DJIA 19933,81; NY-Nasdaq 100 4.940,023; Nikkei 225 19427,67; Hang Seng 21.587,47; All Ords 5675,10; SSEC 3110,154; €/$ 1,0456; goud $1133,50; dat is €34.862,09 per kg, 3 maands Euribor -0,317% (1 weeks -0,373%, 1 mnds -0,369%), 10 jarig Nederlandse Staat 0,394%, 10 jaar VS 2,5356%. Een liter diesel hier aan de pomp €1,219, elders €1,339.

Dit bericht is geplaatst in Financieel/economisch. Bookmark de permalink.