UPDATE24122013/201 Het kabinet is eventjes uit de gevarenzone, maar de toestand blijft kwetsbaar. Het land heeft een inspirerend leider nodig om uit de crisis te komen.

Een bestand van >35.000 Nederlanders heeft Geert Wilders uitgekozen tot de politicus van het jaar 2013. De parlementaire journalisten op het Binnenhof kozen Dijssel tot de politicus van het jaar, onder meer, staat in het juryrapport, omdat hij 'binnenbrandjes' heeft geblust. Dijssel wordt geprezen voor zijn koelbloedigheid, intelligentie en standvastigheid. Een opmerking en een vraag mijnerzijds aan de parlementaire pers: binnenbrandjes blussen is geen reden om verkozen te worden tot de allerbeste politicus van dit moment! Moeten er eerst geen uitslaande branden worden aangepakt? Intelligentie en standvastigheid kunnen ook leiden tot de slechtste politicus van het jaar. Als er een beleid wordt gevoerd dat Nederland er niet bovenop brengt en je bent daarin nog standvastig ook, dan kan dat tot dramatische ontwikkelingen leiden. De cruciale vraag is of het beleid dat door Brussel wordt opgelegd en door Dijssel wordt uitgevoerd zal leiden tot het einde van de crisis. Vooralsnog geloof ik daar niet in: ik ben tegen de bezuinigingen en voor de hervormingen. Bezuinigingen leveren geen rendement op, hervormingen doen dat, mits met visie uitgevoerd, wel, waardoor de economie wordt versterkt. Voor de goede orde: ik heb dit jaar geen stem uitgebracht voor de politicus van 2013. Dijssel en Pechtold hebben geen visie en Buma en van Ojik hadden zich sterker moeten profileren. Dit kabinet moet weg, zo snel als politiek mogelijk is, en dat lukt niet zolang D66, de CU en de SGP dit kabinet blijven steunen. De zwakste schakel in de coalitie is de PvdA die bij de Hond in één jaar >50% van haar zetels is kwijtgeraakt. Mijn hoop is gevestigd op een sociaaldemocraat die de stekker uit dit kabinet trekt. Samsom is een socialist die een neoliberaal beleid uitvoert. Erger kun je het niet bedenken. Jammer dat Adri Duivesteijn, koos voor het partijbelang en niet voor het landsbelang. Hij gaf de Eerste Kamer wel een college over het woonakkoord, met visie.

Een voorstel van de Duitse bondskanselier Angela Merkel om zogenoemde lidstaatcontracten in te voeren is doorgeschoven naar juni/oktober volgend jaar. Onder andere premier Rutte was het niet eens met het bindende aspect van de maatregel. Het gaat om contracten waarmee eurolanden zich tegenover de Europese Commissie verplichten tot economische hervormingen. Volgens Rutte is er niet ingestemd met het bindende aspect. Het woord bindend is volgens hem vervangen door "in wederzijds overleg goedgekeurde contracten". Het idee voor de lidstaatcontracten is in Duitsland ontstaan om meer hervormingen voor elkaar te krijgen. Een lidstaat sluit daarover een contract met de Europese Commissie en met de andere eurolanden. "Dat doel steunen wij, want dat is in het belang van de stabiliteit in de eurozone, maar ik geloof niet dat dit instrument het gaat opleveren", zei Rutte. Hij vindt het instrument te licht. Er is geen meerderheid voor in de Tweede Kamer. Rutte ziet het nut ervan niet in en denkt dat de maatregel weinig toevoegt aan de bestaande afspraken. Hij heeft wel een voorstel om alleen nog uitstel te geven voor het op orde stellen van de begroting als het betreffende land toezegt minstens één grote hervorming door te voeren (van Dijssel), voorgelegd bij zijn Europese collega's. Bondskanselier Merkel bleef na afloop van de EU-top overtuigd van het nut van de contracten. Op een top medio volgend jaar wordt er opnieuw over gepraat. Vooralsnog legt Bondskanselier Angela Merkel zich niet bij neer bij de onwil van Nederland en andere eurolanden om verplichtende hervormingscontracten aan te gaan. Na afloop van de eerste dag van de Europese Raad in Brussel, waar de verdieping van de economische beleidscoördinatie tussen de eurolanden het meest omstreden agendapunt was, zei Merkel dat de discussie ‘verhit’ was geweest. Rutte herhaalde dat hij het nut van de contracten niet inziet. ‘Ik geloof er niet in. Natuurlijk moet er hervormd worden, maar dit instrument is te licht, voegt te weinig toe aan bestaande regelingen en als je niet oppast leidt het tot overdracht van soevereiniteit’. Zolang de regelingen niet bindend zijn, wil de premier ze echter niet blokkeren. ‘Duitsland en Nederland trekken aan dezelfde kant van het touw. We steunen het doel dat er hervormingen tot stand moeten komen.’ In tegenstelling van hetgeen Rutte zei zegt Merkel dat de regeringsleiders en staatshoofden nadrukkelijk hebben gesproken over een ‘wederzijdse verbintenis’ en daarbij het woord ‘vrijwillig’ verworpen. Volgens Rutte is ‘wederzijdse verbintenis’ echter een afzwakking. Merkel is bereid om extra te betalen aan landen die zich verplichten tot hervormingen en daar moeite mee hebben. Nederland weigert daarentegen om bij te dragen aan zo’n ‘solidariteitsmechanisme’.

Kredietbeoordelaar Standard & Poor's (S&P) reageerde onmiddellijk door de kredietbeoordeling voor de Europese Unie te verlagen van AAA naar AA+. De firma hanteert bij de rating AA+ een stabiele verwachting, dat was eerder nog negatief. S&P wees er in een rapport op dat de kredietwaardigheid van de 28 landen van de Europese Unie is afgenomen. Ook constateert de kredietbeoordelaar dat de begrotingsonderhandelingen in de EU ,,meer omstreden'' zijn geworden. Daardoor zou steun van een aantal landen kunnen afbrokkelen. S&P constateert dan ook dat de ,,cohesie'' van de Europese Unie is verzwakt en dat het financiële profiel is verslechterd. De kredietbeoordelaar verlaagde in januari 2012 de verwachting voor de AAA-beoordeling van de Europese Unie naar negatief. Sindsdien is de gemiddelde beoordeling van landen die bijdragen aan het EU-budget afgenomen van AA+ naar AA.

Er komt, voor het eerst, kritiek vanuit de Europese Commissie op het desastreuze beleid dat in de eurozone wordt gevoerd. Harde kritiek op het beleid van de Muntunie: “Europa heeft de stagnatie aan zichzelf te danken”. De € is onhoudbaar, zegt de Hongaarse econoom László Andor, Europees Commissaris voor Werkgelegenheid en Sociale Zaken. In de EU zijn 26,6 miljoen mensen werkeloos, van economische groei is nauwelijks sprake en de inflatie ligt <1%. De broodnodige groei in de ontwikkeling stagneert al enige tijd en een opleving is nog niet in zicht. De schuld daarvoor legt hij bij de politiek neer, met name bij de beruchte 3% emu-saldo en de 60% EMU-schuld. Begrotingsdiscipline is goed, maar niet tegen elke prijs. In het Verdrag van Maastricht in 1992 werd wel degelijk aandacht geschonken aan werkgelegenheid en economische groei, maar daar is de laatste jaren te weinig aandacht voor geweest. Hier en daar gebeurt er wel eens wat maar het is onvoldoende om Europa niet uit het slop te trekken. Het idee voor een gemeenschappelijk budget om zwakke regio's te ondersteunen was goed, maar er wordt volstrekt onvoldoende uitvoering aan gegeven. Met de Muntunie is de monetaire tool verdwenen om middels re- en devaluatie van de nationale valuta economische problemen op te lossen. In theorie is de enige mogelijkheid nu nog het verlagen van de arbeidskosten: interne devaluatie noemen we dat. Dat werkt in de praktijk niet omdat de trojka eist dat eerst de schulden worden afgelost. Merkel heeft daar een zware vinger in de pap: eigen schuld, dikke bult. Landen moeten hun eigen problemen eerst oplossen, voordat ze een beroep kunnen doen op de Gemeenschap, is haar credo. De rijkere landen hadden wel beloofd bij de start van de Muntunie in 1999 dat de zwakkere landen 'vrienden zouden zijn in goede en in slechte tijden en dat de rijke landen de arme landen naar hun welvaartsniveau zouden begeleiden' maar in de praktijk werd dat één grote disaster (rampspoed). Na 10 jaar moest worden geconstateerd dat het project compleet uit de klauw was gelopen. Met de gevolgen daarvan zitten wij nog steeds opgescheept. Andor zegt daarover dat “sommige van deze (zwakke) landen zijn niet ver van de desastreuze situatie dat het lidmaatschap van de Muntunie en de democratie niet langer samengaan.” De EU kan niet langer vasthouden aan de bolwerken uit het verleden, waarop de euro is gegrondvest. Werkgevers, werknemers, schuldenaren en gebruikers van publieke voorzieningen hebben meer last van de crisis als nodig is. Andor pleit voor een beleid dat echte economische groei voor alle landen centraal stelt en taboes bespreekbaar maakt. De euro is ooit geboren uit de behoefte om 'Europa bijeen te houden', het is nu verworden tot een financieel en economisch project. Rutte en Dijssel moeten hoognodig naar een bijscholingscursus.

DFT: Europa is op weg naar herstel, maar de crisis laat diepe littekens na. Ondanks tekenen van stabilisering blijft de groei laag en de werkloosheid hoog. Dat voorspelt onderzoeksbureau Ernst & Young (EY). De economie van de eurozone blijft dit jaar met een ½% krimpen, gevolgd door een groei met 0,9% volgend jaar. In de 3 jaar daarna blijft het herstel in de eurolanden zwak, met een verwachte groei van gemiddeld 1,6% per jaar. Door het zwakke herstel blijft de groei in de periode van 2008 tot en met 2017 steken op slechts 0,4% per jaar. In de 10 jaar voor de crisis bedroeg de economische groei in de eurolanden nog 2,3% per jaar. Het aantal werklozen in de eurozone loopt volgens de onderzoekers in de periode van 2008 tot en met 2017 op tot gemiddeld 17 miljoen, ten opzichte van 13 miljoen tussen 1998 en 2007. Ook in het bedrijfsleven blijft de crisis voelbaar. Investeringen dalen in de 10 jaar sinds 2008 gemiddeld met 0,1% per jaar, na een jaarlijkse toename met ruim 3% in het voorgaande decennium.

Op de Opiniepagina van Trouw van afgelopen weekeinde schreef Arie van der Zwan, oud-hoogleraar, econoom en publicist een ingezonden stuk over de warboel die de banken in onze samenleving hebben aangericht door volstrekt onverantwoord handelen. De slogan was: je werkt niet voor je geld maar je laat je geld voor jouw werken door het inbrengen van winstversnellers. De bomen zouden nu echt tot in de hemel gaan groeien, dachten de bankers, maar de realiteit was dat ze in de 'zelfgegraven' kuil van geld vielen. “De financiële wereld bevindt zich momenteel in de greep van herstructurering, desinvestering en banenverlies als gevolg van de krimp.” Tot de, in verhouding van de Nederlandse economie, grote financiële sector (6xbbp) is de klap hier flink aangekomen. En er staat ons nog wel de nodige ellende te wachten. Het hele spektakel van civiele claims als gevolg van frauduleus handelen van medewerkers van banken moet, in al zijn omvang, nog aanvangen. Daarbij komt dat aan de banken veel zwaardere solvabiliteitseisen zullen worden gesteld. Het gevolg zal zijn: herkapitalisatie, hogere buffers, de vorming van fondsen voor dekking van de risico's verbonden aan het depositie garantie stelsel, voor Nederlandse spaarders maar in een latere fase ook voor alle Europese spaarders. Daar komt dan nog bovenop het nog te vormen resolutiefonds, de strengere eisen van de stresstests en de buffers die moeten worden opgehoogd tot minimaal 7% van het uitgeleend vermogen (Basel III). Ook het Toezicht op de 130 systeembanken in de eurozone zal banken strenger aan de leiband leggen. De tijd van de onverantwoorde risico's is definitief voorbij. De financiële instellingen keken in de jaren voor 2008 vooral naar hun hoge rendementen, waarvoor ze ook hoge bonussen betaalden aan de bankers, maar het ontging hen aan de slinkende buffers die daarvan het gevolg waren. De Toezichthouders, in ons land Wellink c.s., die zich druk hadden moeten maken over het bewaken van de soliditeit, lieten het massaal afweten. Het resultaat was dat banken zich onkwetsbaar waanden en zoveel macht uitstraalden dat weinigen het waagden om daarop kritiek te uiten. De hoogmoed bereikte zijn top. Er werd een hoog spel gespeeld, risico-aspecten werden genegeerd, banken overspeelden hun hand en moesten uiteindelijk met geld van de belastingbetalers worden gered. Nooit eerder, voor zover wij kunnen terugkijken, was de financiële wereld zo massaal bij de instorting betrokken, nooit eerder was de schade zo groot, nooit eerder was de maatschappelijke impact zo verstrekkend en raakte de economie zover in het slop. Het vertrouwen in de financiële wereld daalde sterk. Woekerpolissen, te hoge hypotheken, maatschappelijk onacceptabele verdienmodellen en grote verliezen in de vastgoedsector eis(t)en hun tol. De aangekondigde ontslagen van 10% van het personeelsbestand zullen niet voldoende zijn voor de herinrichting van de banken. De verdergaande digitalisering, het internetbankieren en de daaruit voortvloeiende inkrimping van de kantoornetten zullen in de bankensector verdergaande saneringen in het personeelsbestand tot gevolg hebben. Ook in de verzekeringsbranche zullen de al aangekondigde ontslagen niet voldoende zijn voor het terugbrengen van de kosten. “De meeste verzekeringsproducten zijn dood”luidt de alarmkreet en verder bezuinigen is een bittere noodzaak. Ondersteunend voor deze aanname is een opiniestuk van de directievoorzitter van Zwitserleven, Maarten Edixhoven, over het Pensioenakkoord, dat afgelopen week werd gesloten. 'Nederlanders moeten aan het stuur van hun eigen financiële toekomst komen te zitten'. Deze verzekeraar onderkent de onzekerheden die dit vernieuwde akkoord in zich draagt, maar hij ziet ook mogelijkheden om deelnemers van pensioenfondsen hun pensioenopbouw 'op maat' over te halen naar de verzekeraars. In ieder geval gaat Zwitserleven daaraan werken. Een eerdere poging daartoe werd een gigantische catastrofe als gevolg van massaal afgesloten beleggingsproducten, die later woekerpolissen bleken te zijn. Er wordt een getal genoemd van 900.000 van deze polissen. In 2006 wordt door de AFM geconstateerd dat er veel mis is met deze beleggingsverzekeringen. Ze bleken complex en relatief duur te zijn. Verzekerden ondervinden bij veel beleggingsverzekeringen een groot financieel nadeel (als gevolg van de financiële crisis) bij tussentijdse beëindiging, de verzekeraars zouden hierover onvoldoende duidelijkheid geven. Op 13 april 2010 meldde RTLZ dat hoogleraar Arnoud Boot de totale schade voor de consument schat op tussen de €20 tot 30 mrd. Een op de vier gezinnen zou schade hebben geleden als gevolg van een woekerpolis-affaires. Edixhoven erkent dat hij ondanks de versobering van het Witteveenkader positief is over de koers die de politiek hiermee voor pensioenen uitzet. De weg vooruit is naar zijn idee de gedachte van keuzevrijheid. ' 'Het is wel de grondslag om ons mooie stelsel naar een nieuw niveau te tillen. Vooruitdenken vergt moed'. Ik vrees dat burgers, als gevolg van de woekerpolis-affaires en de wijze waarop verzekeraars daarmee zijn omgegaan, lees daarvoor het Radar-dossier, zeker in eerste instantie terughoudend zullen reageren. Transparantie is daarvoor een absolute must.

Een andere invalshoek richting de financiële wereld is de keuzes die EcoFin en de EU-top van vorige week donderdag en vrijdag zijn gemaakt in het kader van de inrichting van de Bankenunie. Het zijn de 6 fundamenten die zijn geformuleerd, op hoofdlijnen, over de herinrichting van het Europese bankwezen. Ad hoc zijn de afspraken allemaal al eens de revue gepasseerd. Ad 1: De ECB wordt de Toezichthouder op 130 systeembanken. Dat project gaat in november aanstaande van start. De ECB heeft daarvoor 1000 vacatures openstaan. Waar het toezicht naartoe gaat over de 5870 andere banken is niet bekend. Ik neem wel aan dat die banken, die een onvoldoende scoren bij de stresstest die dit voorjaar wordt uitgevoerd, ook onder de paraplu van de ECB worden opgenomen. Vast zal wel staan dat het toezicht op de andere duizenden banken wel zal worden verscherpt. Wie dat gaat doen, onder welke voorwaarden en onder wiens verantwoordelijkheid is nog onduidelijk. Voor de hand ligt dat de nationale centrale banken daarvoor zullen worden ingeschakeld, maar die hebben in het verleden nooit uitgeblonken in kwalitatief hoogstaande controles. Daarom is besloten dat nationale centrale banken een veel kleinere rol krijgen toebedeeld waardoor de afstand tussen de toezichthouder en de nationale banken minder familiair wordt. Ad 2: er komt, op zijn vroegst in 2016, een resolutie-autoriteit die wordt belast met met reddingsoperaties van 'falende' banken dan wel een gecontroleerde aanpak voor banken die in een default situatie terecht komen. Over de macht van deze bankenautoriteit is nog veel onzeker. Merkel c.s. willen meebeslissen over de besluitvorming van dit instituut. Het wordt een chaotische situatie als de politieke Europese elite zich hier intensief mee gaat bezighouden. Ad 3: binnen de Bankenunie komt er , op enig moment, een Europees depositie garantie stelsel (Edgs) waarvoor de 6000 Europese banken reserves moeten gaan opbouwen om bij calamiteiten bij te kunnen springen bij de uitbetaling van het gegarandeerde spaargeld per bank, per persoon van maximaal €100.000. De letterlijke interpretatie hiervan is dat bij het omvallen van een Italiaanse bank het bankwezen in de overige lidstaten, waaronder Duitse, Franse, Spaanse, Nederlandse en Belgische banken, moeten meebetalen. Daarover is binnen de EU-top geen eenduidigheid. Daarom blijven de nationale depositie garantie-stelsels bestaan. De opbouw van voldoende reserves blijft wel bestaan. Ad4: over waar de rekening komt te liggen bij een reddingsactie dan wel een faillissement van bank is wel duidelijkheid. Volgens de EU-regeringsleiders en de Eurogroep/EcoFin staat op de eerste plaats de bank zelf. Hier zal wel bedoeld zijn dat bij het omvallen van de Deutsche Bank Nederland, de Deutsche Bank Duitsland als eerste moet bijspringen. Iets anders kan ik mij er niet bij voorstellen. Dan volgen de aandeelhouders, de houders van (achtergestelde) obligaties/leningen, spaarders met een spaarvermogen van >€100.000 bij deze bank, het resolutiefonds van de Bankenunie met een vermogen van €55 mrd dat binnen een periode van tien jaar moet zijn opgebouwd door alle 6000 banken in de EU. Wie hoeveel moet gaan storten en binnen welke tijd daarover bestaat geen duidelijkheid. Er is überhaupt geen zekerheid dat alle Europese banken, con amore, hieraan mee willen en kunnen werken. En als al die partijen zijn aangesproken en er resulteert nog een ongedekte schuld dan kunnen de belastingbetalers worden aangesproken (de overheden regelen dan een uitkering uit het ESM). Ad 5: de bepalingen van Basel III. De reserves bij de (spaar)banken moeten worden opgehoogd naar 7% van het uitgeleend vermogen. Ad 6: het project waarmee wordt gestart is een helse klus namelijk de doorlichting van de balansen van ongeveer 130 systeembanken door middel van een strengere stresstest. Mochten daaruit probleembanken te voorschijn komen dan moeten die problemen worden opgelost voordat de ECB over 10 maanden van start gaat met de overname van het Toezicht. Hier wil ik duiden op een grote omissie in de taakstelling van het Toezicht. De ECB kijkt naar de financiële data en dat is veel te beperkt. Er dreigt namelijk een probleem van geheel andere aard en dat is de cybercriminaliteit. Systemen van banken die geen 100% garantie bieden tegen inbraken door hackers/criminelen. De Toezichthouder moet zich daar intensief mee gaan bezighouden zodat klanten van banken volledig vertrouwen kunnen hebben in veilig internetbankieren. Dijssel stelde zondag in Buitenhof dat hij niet verwacht dat Nederlandse banken in problemen zullen geraken door de uitslag van de komende stresstests. Waarvan nota genomen. Ik vind die uitspraak nogal stellig, mede omdat hij suggereerde dat de ECB al doende is met het toezicht op de 130 grote systeembanken. Het personeel dat dat toezicht moet gaan uitvoeren moet nog worden aangenomen en opgeleid. Ik vind daarom die uitspraak nogal voorbarig. Het heeft er de schijn van dat Dijssel wil voorkomen dat er onrust onder spaarders zou gaan ontstaan voordat de draaiboeken op orde zijn. Het grote probleem met de banken is dat het bankwezen in de toekomst geregeerd gaat worden door bureaucraten die bankiers de les gaan lezen wat mag en wat niet mag. Als ik nu op het punt zou staan, na mijn opleiding voltooid te hebben, te moeten kiezen voor een baan dan zou ik een aantrekkelijke functie in het bankwezen niet accepteren.

Aan het einde van het jaar 2013, waarin ik 50 blogs heb geschreven, wil ik even stilstaan bij het heden. Ik realiseer mij dat ik een somber toekomstbeeld schets, ik word misschien wel neergezet als een doemdenker, die op de korte termijn geen kansen ziet voor een herstel van de economie en het stoppen van de afbraak van de samenleving, waar dit kabinet hard aan werkt. Dat is waar, dat ontken ik niet en toch voel ik me geen doemdenker maar een realist die met beide benen op de grond staat. Ik zie beren en leeuwen op de weg staan, die we nog moeten passeren, dat is waar. Ik zie Rutte als een angsthaas zonder visie. Hij en Dijssel, de pragmaticus, voeren een eendimensionaal beleid uit, waar een drielaagse aanpak noodzakelijk is om de complexe problemen op te kunnen lossen. Beiden doen uitspraken die ofwel te optimistisch zijn dan wel niet onderbouwd en ze vertellen ook niet het hele verhaal. Rutte moet zich realiseren dat van hem wordt verwacht dat hij een visie op de toekomst bij het volk neerlegt. Het probleem is echter dat hij geen idee heeft waar het met Europa en Nederland naartoe gaat in de komende tien jaar. Hij verdedigt de soevereiniteit, hij stemt tegen het voorstel van Merkel om alle eurolanden een contract te laten sluiten met de EC, waarin de doelstellingen voor het financieel/economische beleid van het land worden vastgelegd. Landen kunnen dan worden aangesproken als het beleid niet adequaat wordt uitgevoerd waardoor hoognodige hervormingen niet worden verwezenlijkt. Daardoor kunnen de EMU-normen voor schuld (60% bbp) en saldo (3% bbp) niet worden gehaald. Rutte stelt dat dat goed zou zijn voor de zwakke(re) landen maar niet voor ons land, want het parlement wil daarvoor geen soevereiniteit inleveren aan Brussel. Er is geen draagvlak voor in de samenleving. Maar ook als dat waar is dan nog moet hij zich, als leider, sterk maken om dat draagvlak te scheppen. Eerlijk gezegd, heb ik daar weinig vertrouwen in. Rutte richtte zich dezer dagen tot het volk en kondigde aan dat 2014 een beter jaar voor iedereen gaat worden, ondanks de bezuinigingen die hij blijft uitvoeren. Het is typisch een benadering van een éénlaags denker: hij ziet de export wat aantrekken en verwacht dat alle andere problemen (werkeloosheid, jeugdwerkeloosheid, arbeidsmarkt, de veel te dure zorg, de bouwmarkt voor sociale woningen, die op z'n gat ligt, de bankenproblematiek) zich dan gaan oplossen. Ook bij de uitspraak van Dijssel, afgelopen zondag te gast bij Buitenhof, dat hij niet verwacht dat Nederlandse banken problemen zullen krijgen met de stresstests, die begin volgend jaar afgenomen gaan worden door de ECB, plaats ik een vraagteken. Ik wil eerst de 'gestrengheid' van de tests zien en als die inderdaad veel strenger zijn (solvabiliteit, buffers) pas dan wil ik Dijssel wel/niet geloven. Ik heb geen vertrouwen in de goede afloop van het laissez-faire beleid van de ECB: er komt telkens meer geld in omloop. Het is een gestage stroom, gecombineerd met liberalisering van de financiële markten en losjes toezicht van diezelfde centrale banken op de gewone banken. Dat broeierige mengsel heeft veroorzaakt dat alles en iedereen zich in de schulden kon steken. En dat maakt de huidige situatie zeer kwetsbaar. "We zijn nu zeker vijftien jaar achteruit geworpen. We betalen een hoge prijs voor die economische vooruitgang in de vorm van een stijgende werkloosheid." Het zijn de centrale banken die nog altijd veel meer geld in de markt pompen dan het bedrijfsleven nodig heeft = dan de geproduceerde goederen en diensten bij elkaar rechtvaardigen. Er is zodoende een overvloed aan vermogens dat ergens heen moet. Daardoor stijgen de aandelenkoersen ver boven de intrinsieke waarden. Een valuta waarvan de rente 0,25% bedraagt is kwetsbaar, laten we ons dat goed realiseren. We zitten midden in een schuldenproblematiek met grote sociaal/maatschappelijke financieel/economische uitwassen. En dat we daar binnen een afzienbare tijd uit zullen komen, nee dat zie ik nog niet helder voor de geest. Daarvoor zijn de hervormingen die nog moeten plaatsvinden te ingrijpend van aard. De politiek sluit slechte akkoorden, neem het woonakkoord, dat het succes niet zal opleveren waarop wordt gerekend door de de VVD, PvdA, SGP, CU en D66. En ook over de sociale akkoord ben ik niet optimistisch. Ik zal daar in het Nieuwe Jaar nog wel eens over schrijven. Over één zaak ben ik wel heel optimistisch. Ik was afgelopen zondagmiddag op de thee bij mijn schoonzuster vanwege haar verjaardag en daar was ook haar dochter, mijn nichtje dus, met haar twee kinderen: Sanne van drie en Floor van anderhalf. Als ik naar Sanne kijk hoe die praat en handelt, hoe handig die omgaat met een tablet en wat ze daar al mee kan, hoe ze in het Engels al tot tien kan tellen en al een paar woordjes Frans spreekt, dat wordt de generatie van de toekomst. Daar heb ik het volste vertrouwen in. Daar word ik blij van. Maar ik ben ook blij geworden van de Francis-effecten in de Katholieke kerk. Al in het eerste jaar van zijn aantreden als paus Franciscus is deze volstrekt onbekende Argentijnse aartsbisschop Jorge Mario Bergoglio door het vooraanstaande Amerikaanse tijdschrift TIME uitgeroepen tot de “Person of the year 2013” . Hij veroorzaakt in de hele wereld een revolutie, hij is een kerkhervormer pur sang, een man van het volk. Hij studeerde af als chemisch technicus, werkte als uitsmijter bij een discotheek, werd verliefd op een vrouw, maar koos er toch voor jezuïet te worden. Hij staat bekend om zijn nederigheid, zijn bekommernis om de armen en zijn inzet voor dialoog als een manier om bruggen te bouwen tussen mensen van alle achtergronden, overtuigingen en religies. Sinds zijn verkiezing tot paus toont hij een simpelere en minder formele aanpak van het pausdom. Zo verkiest hij het Vaticaans gastenverblijf als zijn woonstee in plaats van het marmeren Pauselijke Paleis. Op Witte Donderdag kuste hij de voeten van vrouwen, gevangenen en moslims. Recentelijk hield hij een toespraak, staande achter een katheter, terwijl een jongetje op zijn Pauselijke zetel kroop. Hij liet het goedkeurend gebeuren en glimlachte naar het jongetje. Ik zie in hem een groot wereldleider, een hele grote.

Ik heb regelmatig kritiek gekregen op de wijze waarop ik Marc Rutte in beeld heb gezet. Ik wil daar wel een toelichting bij geven. Ik benader de heer Rutte vanuit drie invalshoeken: de persoon, de politicus en de premier. Op de persoon Mark Rutte heb ik geen kritiek. Ik vind het alleen 'jammer' dat hij er nog altijd niet in is geslaagd samen met een partner te leven. Bij de politicus Rutte wil ik wel enkele kanttekeningen plaatsen. Hij is een uitstekend debater, goed van de tongriem gesneden een aimabele man met een politieke visie die niet de mijne is. Zijn vermogens zijn beperkt doordat hij een eendimensionaal denker is. De premier Rutte benader ik veel kritischer. Het neoliberale beleid dat hij voert is zo rechts als je rechts kunt voorstellen. Meedogenloos, maar wat erger is: zonder enige visie. Hij is niet in staat om complexe problemen aan te pakken en op te lossen. Hij heeft geen financieel/economische opleiding, vandaar dat hij met maatschappelijke veld akkoorden heeft afgesloten (woon-akkoord, sociaal-akkoord, zorg-akkoord, pensioen-akkoord, energie-akkoord), om die leegtes op te vullen. Slim, nee dom! Op dat onderdeel faalt hij volledig. Als hem voorstellen worden voorgelegd die zijn beperkte denkwereld overschrijden, haakt hij af. We hebben dat afgelopen week weer gezien met het voorstel van Merkel over de 'lidstatencontracten'. Hij denkt dat met het uitvoeren van bezuinigingsoperaties, waardoor de samenleving wordt afgebroken, de problemen zich vanzelf oplossen. Dat hij uitspraken doet dat volgend jaar alles er veel beter uit gaat zien zonder die te onderbouwen. De persoon Rutte kan best een goede geschiedenisleraar in het middelbaar onderwijs zijn, maar geen premier. Dat is waar ik tegen ageer. Nederland heeft behoefte aan een leider die driedimensionaal kan denken en daarmee complexe problemen op te lossen. Het is de reden dat ik in het afgelopen jaar regelmatig heb laten horen dat iedere dag dat dit kabinet blijft zitten een verloren dag is voor dit land. En dat snappen Pechtold, van der Staay, Slob en Duivesteijn niet. Die denken een goede zaak te doen door het kabinet te steunen, maar dat is nu juist wat niet moet plaatsvinden.

Ik citeer nu delen uit een artikel van Esther Bijlo in Trouw van 21 december j.l. Aan het woord is de monetair econoom Edin Mujagic, een Bosniër die 21 jaar geleden naar ons land kwam met zijn familie. Hij stelt dat 'de grote verbindende factor van alle ellende de uitholling van de waarde van het geld is'. Als ik U de vraag zou stellen 'wat is vandaag de dag de waarde nog van de euro' wat zegt U dan? Mujagic zegt daarop 'steeds minder, dankzij het geknoei van centrale banken en politici'. Ik zou hier 'dankzij hebben vervangen door 'als gevolg van'. “In het welvarende Nederland maakt Mujagic zich grote zorgen. Over de eurocrisis, de waarde van geld, het 'gevaarlijke' stimuleringsbeleid van de centrale banken, de roep om hogere inflatie om problemen op te lossen. Hij blijft met zijn boodschap dichtbij het individu. "Het is een verklaring voor het dubbele gevoel dat mensen momenteel hebben", legt Mujagic uit. "De westerse wereld is steeds welvarender geworden en toch hebben we steeds meer moeite om rond te komen. De armoede neemt toe. Dat heeft niet alleen te maken met de huidige economische toestand. Onze inkomens stijgen al decennia minder hard dan onze uitgaven. Dat gat hebben we opgevuld door te gaan lenen. We hebben daarmee op het randje geleefd. Er hoeft dan maar iets te gebeuren, en we komen in grote problemen." In de vierde druk van zijn boek Geldmoord, geschreven door Mujagic, is het voorwoord en het hoofdstuk 'De gouden eeuwen voor de koopkracht' gratis te downloaden op www.geldmoord.nl Die grote problemen zijn de hoge schulden waarmee mensen en overheden nu kampen, de zwakke banken die steeds weer overeind gehouden moeten worden, de algehele economische malaise. De grote verbindende factor van al die ellende is volgens Mujagic de uitholling van de waarde van geld. Om dat helder te kunnen zien is het nodig ver terug te gaan in de geschiedenis. Dat is ook het onderwerp van een volgend boek van zijn hand: de monetaire geschiedenis van Nederland over de laatste tweehonderd jaar, dat uitkomt als De Nederlandsche Bank volgend voorjaar tweehonderd jaar bestaat. Lees het hele artikel hier. Er is uitgerekend hoe groot de schade is voor onze samenleving als gevolg van de bankproblemen, die in 2008 kwamen bovendrijven en waarvoor het bankwezen mede verantwoordelijkheid draagt. Schrik niet: laten we uitgaan van een bbp van €600 mrd per jaar. Laten we uitgaan van een een inflatie van 2% per jaar. Laten we uitgaan dat er in 2008 geen bankencrisis heeft plaatsgevonden, dat er sindsdien geen overheidsschuldencrisis heeft plaatsgevonden, dat er geen recessie zou zijn ontstaan, dan zou sinds 2008 ieder jaar er een groei van de economie hebben plaatsgevonden van €60 mrd in Nederland. Dat zou je de achterstand kunnen noemen, waarmee we geconfronteerd worden. En dat allemaal omdat het volume van het Nederlandse bankwezen zes keer zo omvangrijk is/was als het bbp van onze samenleving. Dus €3,6 mrd. En dan rijst de vraag waar ligt de macht in dit land: bij de financiële markten of bij de politiek. En dan komt de vraag naar boven of Rutte en Dijssel met hun Europese kompanen daartegen zijn opgewassen?

DFT: Spanje heeft een aantal ernstige problemen in zijn bankensector opgelost. Echter, door de aanhoudend zwakke economische omstandigheden zal de winstgevendheid van de instellingen nog jaren onder druk staan. Dat schrijft de Europese Commissie en de Europese Centrale Bank (ECB) na het vijfde en laatste bezoek aan het land in het kader van de steun die Spanje, ruim een jaar geleden, kreeg voor zijn banken. Het land heeft voldaan aan alle voorwaarden van het steunprogramma ter waarde van €41 mrd. Dat programma wordt op 23 januari 2014 afgerond, aldus de Europese Commissie. Spaanse banken krijgen geleidelijk meer toegang tot de financiële markten en na een herkapitalisatie van een aantal instellingen is de solvabiliteit op orde. Wat nu prioriteit heeft, is een verlaging van de grote schuldenlast in de private sector. Kredietverstrekking aan het bedrijfsleven neemt nog altijd substantieel af. Deze elementen, aangevuld met een verdere daling van de huizenprijzen, zal de winstgevendheid van banken nog jaren beïnvloeden. Het IMF onderschrijft in een eigen rapport de bevindingen van Brussel en de ECB. Het IMF riep Spaanse toezichthouders op banken aan te moedigen om geen dividend uit te keren maar het geld op zak te houden voor de versterking van de kapitaalpositie. Ik plaats hierbij een kanttekening: Spanje heeft aan de voorwaarden van de trojka (de Spanjaarden willen dat woord niet horen) voldaan en de vraag is wat zijn die voorwaarden dan wel. Wat ik heb zien gebeuren is dat de banken in de gelegenheid werden gesteld om onverkoopbaar vastgoed in een bad bank te stoppen. Waar komt het geld vandaan voor de noodzakelijke herkapitalisatie van het Spaanse bankwezen? De voorzet van het IMF is ook niet steekhoudend. Als het dividend door de banken wordt teruggebracht zullen de aandeelhouders niet in de rij staan om, bij een lager of geen rendement, nieuw geld in te brengen.”

Deze week is er een historische stap gezet op weg naar een Europese Bankenunie. Moet ik daar de Europese politieke elite mee feliciteren? Nee, daar is het veel te vroeg voor. Het stuk dat EcoFin op tafel bij de EU-top heeft neergelegd is een voorstel op hoofdlijnen, met nog veel losse eindjes. Verder is de vraag of het, in deze vorm, ooit gaat werken. De besluitvorming over het resolutie mechanisme komt niet in één hand te liggen, maar bij een wirwar van personen die onder meerdere instanties vallen en met een complexe stemprocedure moeten werken. Het leidt ertoe dat de lidstaten bij de besluitvorming over 'falende' banken een vinger in de pap houden, zodat niet het Europese belang wordt gediend maar het nationale belang een rol blijft spelen. Wat de functie van de EC wordt is onduidelijk. Merkel kreeg gelijk toen ze voor de EU-top zei dat het om een zeer gecompliceerde kwestie gaat. De vraag is of het een hele dan wel halve Europese Bankenunie wordt. Draghi, de president van de ECB, zegt dat een halve bankunie niet meetelt. Er is een akkoord bereikt over de ontmanteling van falende banken. De overeenkomst zou een blauwdruk moeten zijn voor de afhandeling van elke bank in de eurozone die in de problemen komt. Er komt een vangnet voor de periode dat de nationale banken in elk land een fonds opbouwen waaruit hun bankbroeders kunnen worden gered als ze in de problemen komen. Dat kan wel tien jaar duren. Voor daarna komt er nog een apart fonds waarvan de contouren nog niet helemaal duidelijk zijn, maar dat fonds krijgt de mogelijkheid in de markt geld te lenen. Dat betekent dat er altijd genoeg geld zal zijn om banken af te wikkelen, ook als de nationale reserves onvoldoende zijn. Op die manier hoeft er nooit meer te worden aangeklopt bij de Europese belastingbetaler. Het ’single resolution mechanism’ (SRM) is het laatste onderdeel van de bankenunie waarover nog een akkoord moet worden bereikt. Volgens minister van Financiën en Eurogroepvoorzitter Jeroen Dijsselbloem (PvdA) was er sprake van een ’constructieve bijeenkomst’. Nu is het Europees Parlement aan zet. Daar is men van mening dat de gemaakte compromis-afspraken nodeloos ingewikkeld zijn gemaakt en dat de lidstaten teveel invloed kunnen uitoefenen op de besluitvorming die bij de EC thuishoort. Mario Draghi uitte zich in kritische noten en Eurocommissaris Barnier is niet gelukkig met het voorliggende voorstel. Wat er gebouwd moet worden is een gemeenschappelijk systeem en geen intergouvernementeel netwerk van meerdere verdiepingen. Hier wil ik wel enige kanttekeningen bij plaatsen. De besluitvorming over de Bankenunie zal niet leiden tot de zo noodzakelijke rust in de Europese bankensector. Het is een fata morgana te denken dat de ontmanteling van falende banken gecontroleerd kan gaan plaatsvinden als er sprake is van een complexe stemprocedure. Als de eerste grote bank in de problemen raakt ontstaat een domino-effect met als resultaat een niet meer in de hand te houden ontwikkeling. Draghi waarschuwde daar al voor. En dat gaat hier plaatsvinden. Wie bedenkt het dat zo een proces tien jaar vooruitgeschoven wordt. Het is ook een illusie te denken dat het resolutiefonds zonder garanties van de rijkere EU-landen geld kan lenen op de financiële markten om banken die op het punt van omvallen staan van nieuw geld te voorzien. Dijssel mag dan wel politicus van het jaar zijn geworden, maar hier slaat hij de plank volledig mis. Ook is de procedure over de besluitvorming onnodig ingewikkeld gemaakt, dat tot grote vertraging kan leiden over het te volgen beleid. Verder is het nog maar de vraag in hoeverre in alle 28 lidstaten de banken daar bereid en in staat zijn op korte termijn een nationaal fonds te vormen dat de gelden kan fourneren die ter beschikking moeten staan van de resolutie autoriteit. Stel een Spaanse bank komt in de problemen, welke mogelijkheden staan er dan ter beschikking voor een gecontroleerde aanpak? Het resolutiefonds is er nog niet en in het Spaanse bankenfonds zit veel te weinig geld om te interveniëren. De aandeel- en obligatiehouders leggen geen nieuw geld in, de grotere spaarders proberen zo snel als mogelijk is hun tegoeden terug te brengen <€100.000. Er is nog geen Europees deposito garantie stelsel. Een aantal Spaanse banken is niet meer in staat om aan de verplichtingen van het Spaanse DGS te voldoen. De Spaanse regering mag geen overheidsgaranties afgeven want de positie van de belastingbetaler moet worden gevrijwaard. In het voorliggende scenario wordt voorgesteld, in zo een situatie, het Europees Stabilisatiemechanisme (ESM) in stelling te brengen. Dan is de vraag 'wat doet Merkel op zo een moment'? Wat is in die situatie de positie van de ECB? Voordat in Brussel alle neuzen van de regeringsleiders dezelfde kant op staan is het aantal falende banken al gestegen naar 15. Dit wordt dan een horror scenario. Europa komt terecht in een niet meer te sturen ontwikkeling. De conclusie die achteraf gemaakt zal worden is dat de politiek het lef had moeten hebben om in 2008 een paar banken om had moeten laten vallen. Dat had 'au' gedaan, maar het had ons een hoop ellende bespaard, die ons nu nog te wachten staat. Hoe ver zijn wij gevorderd met de inrichting van de Bankenunie? Aan het Europees Deposito Garantie Stelsel moet nog worden begonnen en zullen banken en lidstaten nog hun medewerking moeten verlenen. Het gaat wel betekenen dat Duitse en Nederlandse banken mee moeten gaan betalen als er Zuid- en Oost-Europese banken omvallen. Daar is nog geen draagvlak voor in de rijkere EU-staten. Alle 6000 banken onder toezicht van de ECB. Dat gaat nooit lukken, als we de startdatum op november 2014 stellen. We moeten rekenen dat de Toezichthouder in de beginfase slechts met enkele tientallen banken kan aanvangen. Dat betekent dat de nationale centrale banken veruit het allergrootste deel van het bankenbestand moet gaan controleren volgens door de ECB/Toezichthouder vast te stellen procedures. Verder heeft de politiek over het hoofd gezien dat er een spanningsveld gaat ontstaan tussen de ECB/Toezichthouder en de nationale toezichthouders en de financieel/monetaire belangen belangen van de ECB. Stel de ECB heeft onverantwoorde financieringen verstrekt aan een bank die geherkapitaliseerd moet worden. Gaat de resolutie-autoriteit dan handelen tegen de belangen van de ECB in? Nee, dat denk ik niet. Ik ga ervan uit dat de politieke en financiële belangen gaan prevaleren in het besluitvormingsproces. Bij de afwikkelingsmechanismes, de werkwijze van de resolutie-autoriteit, zijn er ook nog veel onzekerheden. De macht van de financiële markten is groot en is in staat de markten te regeren. Ik voorzie grote onrust als de resultaten van de stresstesten bekend worden en tegenvallen. Beleggers kunnen zich dan terugtrekken uit de bankensector met als gevolg een ineenstorting van de koersen van bankaandelen en bankobligaties. De politici van EcoFin en de EU-regeringsleiders hebben wel tot het uitvoeren van de stresstests besloten, maar het is nog lang geen gelopen race. Daar zullen nog veel hindernissen moeten worden overwonnen. Dan over de oprichting van de nationale noodpotten en het Europese resolutiefonds (of hoe dat ook mag gaan heten) vraag ik mij af of de banken daar spontaan aan mee gaan werken, zijn ze in staat de middelen in te brengen die daarvoor noodzakelijk zijn en is de norm van 1% van het belegd vermogen wel te realiseren bij een ECB-rente van 0,25%. Daar komt bij wat het belang kan zijn voor banken om concurrenten in Europa overeind te houden met hun geld. Allemaal vragen: geen antwoorden.

Twee andere onderwerpen van nationaal belang. Het door de 1e Kamer goedgekeurde woningakkoord. Er was een mogelijkheid om van minister Blok, de allerzwakste minister na WO II, af te komen. Er was zelfs een kans dat het kabinet zou vallen als de PvdA fractie uiteen zou vallen, hetgeen ik op voorhand niet voor onmogelijk zou houden. Senator Duivesteijn heeft het goed in beeld gebracht maar liet zich om de tuin leiden door vage toezeggingen van de minister. Het woningakkoord dat nu uitgevoerd gaat worden onttrekt structureel jaarlijks >1 mrd aan de woningbouwcorporaties, waardoor nieuwbouw en onderhoud zullen terugvallen. Het bouwvolume blijft ook de komende jaren laag, de werkeloosheid in de bouw en aanverwante sectoren blijft hoog en de huren in de sociale woningbouw gaan fors omhoog. De discriminatie van starters met een hypotheek ten opzichte van lopende hypotheekcontracten blijft bestaan. De uitvoering van dit akkoord zal meer negatieve gevolgen hebben voor de samenleving dan positieve. Dat is ook het geval van het pensioenakkoord. De pensioenopbouw wordt op zijn kop gezet. De pensioenopbouw van 2,25% wordt verlaagd naar 1,875%. Dat betekent dat de overheid jaarlijks €3 mrd meer aan belastingen gaat innen om het begrotingsmodel in te kunnen vullen. De aanname is wel dat werknemers langer gaan werken, misschien wel tot 70 jaar. De vraag is echter hoe lang die aanname realistisch is in het licht van de hoge jeugdwerkeloosheid. Overwogen moet worden of korter werken een niet veel betere aanpak zou zijn om te voorkomen dat we een halve generatie jongeren af moeten schrijven. Daar komt bij dat de overheid het sociaal akkoord openbreekt door de doorwerkbonus voor oudere werknemers te verschuiven van 50 naar 56 jaar en krijgen de werkgevers ook nog eens minder lastenverlichting dan eerder was toegezegd. Daarbovenop moeten de pensioenfondsen ook nog eens BTW gaan betalen. Dat is slecht nieuws voor werkgevers en werknemers. De reacties uit de samenleving zijn niet positief. De ANBO is bezorgd over de pensioenopbouw. De norm van 70% van het gemiddelde inkomen is niet haalbaar meer. Dat heeft consequenties voor de koopkracht van de lagere pensioenuitkeringen. Ook is de belangenbehartiger van de senioren ontstemd over het schrappen van €250.000 voor het aan het werk helpen van oudere werknemers. GL zegt: 'Eerlijk delen en meer ambitie op werk: dat is wat de inzet zou moeten zijn. Met het pensioenakkoord is de tegenovergestelde keuze gemaakt. Het FNV en het CNV reageren kritisch. De jongeren moeten de grootste rekening betalen. “Het kabinet en de oppositiepartijen hebben hoge verwachtingen gewekt, maar weinig bereikt. Dit kabinet is meer aan het boekhouden dan aan het investeren in de toekomst van onze jongeren. Dat is harde taal, maar niet onterecht. De achteruitgang van dit pensioenakkoord is op korte termijn niet zichtbaar maar 17 en 18 december 2013 zullen de geschiedenisboekjes ingaan als de kanteling van het welzijn. De schade die het Woonakkoord gaat in de samenleving desastreuze schade aanrichten.

In 2012 nam het aantal mensen, die een beroep deden op de Voedselbanken met 20% toe, dit jaar kan dat wel groeien met 30%. In welk deel van de samenleving ligt de armoede: bij mensen die in de schuldsanering zitten, bij mensen met een uitkering, bij mensen met een klein inkomen en hoge lasten. In tegenstelling tot wat de premier zegt merken ze bij de Voedselbanken helemaal niet dat er licht is in de tunnel. Vanuit die invalshoek neemt de verarming van de samenleving verder toe en verdere bezuinigingsmaatregelen zullen die ontwikkeling versterken. Mensen met een netto besteedbaar inkomen van €50 per maand voor voeding en kleding moeten wel naar de Voedselbank. Voor hen is er geen Kerstdiner. Laten wij ons wel realiseren dat die ontwikkeling wordt veroorzaakt door het neoliberale beleid van dit kabinet, dat wordt gevormd door VVD en PvdA. De prijs is hoog, die wij ervoor moeten betalen. Het aantal daklozen waarvoor geen onderdak is, neemt verder toe. Velen moeten de nacht doorbrengen in een tentje op een plantsoen, omdat er onvoldoende opvang beschikbaar is. Gemeentes zijn daarvan op de hoogte maar kunnen daar geen oplossing voor aanbieden. De Federatie Opvang meldt dat vorig jaar 57.763 personen gebruik maakten van de (nacht)opvang. De leeftijdsgroepen zijn vooral 18-22 en 50-64. Dit jaar kan dat aantal verder zijn gestegen. Als reden kan worden aangevoerd de aanscherping van de regels voor het verkrijgen van bijstand alsmede de daling van het aantal bedden in de geestelijke gezondheidszorg, waardoor mensen met problemen aan hun lot worden overgelaten. Het achterliggende probleem is de stilgevallen bouwmarkt waardoor er geen nieuwe sociale woningbouw gerealiseerd wordt, waardoor de doorstroming wordt verstopt. Het grote probleem daarvoor is het vorige week door de 1e Kamer geaccepteerde Woonakkoord, waardoor woningbouwcorporaties de reserves voor het plegen van nieuwbouw moeten afdragen aan de overheid, die daarmee de staatsschuld gaat aflossen. De markt voor betaalbare huren voor sociale woningen ligt stil. Bijkomend is het feit dat doorstroming wordt belemmerd door de aangekondigde huurverhogingen voor bij huurwoningen uit de sociale sector. Huurders kunnen daardoor hun huur niet meer opbrengen. Van de VVD en de PvdA kenden wij het standpunt daarover, van D66, de CU en de SGP zie ik dat als verraad aan mensen aan de onderkant van de samenleving. Bij de peiling van de Hond worden de de beide coalitiepartijen daarvoor beloond: VVD 20>22 en PvdA van 13>14. Onbegrijpelijk!!!!

Slotstand indices 20 december 2013/week 51: AEX 391,56; BEL 20 2.869,67; CAC 40 4.193,77; DAX 30 9.400,18; FTSE 100 6.606,58; SMI 8081,35; RTS (Rusland) 1428,50; DJIA 16221,14; Nasdaq 100 3531,189; Nikkei 15870,42; Hang Seng 22827,12; All Ords 5.261,50; €/$ 1,3672; goud $1203,50, dat is €28.281,02 per kg, 3 maands Euribor 0,292%, 10 jarig 2,174%. 

Dit bericht is geplaatst in Financieel/economisch met de tags , , , , . Bookmark de permalink.