UPDATE21062014/225 Nederland heeft geen 673.000 werkelozen maar > 1 miljoen arbeidslozen

Het CBS manipuleert de werkeloosheidscijfers, die ze maandelijks publiceert. In mei zou de werkeloosheid zijn gedaald met 14.000 naar 673.000. Dat is 8,6% van de beroepsbevolking. De vraag is of het aantal benoemde werkelozen ook realistisch is. Het CBS schrijft in haar rapportage over mei, dat de daling van maart moet worden toegeschreven aan mensen, die zich hadden terugtrokken van de arbeidsmarkt. De norm die het CBS hanteert is dat iemand niet meer werkeloos is als hij langer dan vier weken niet gesolliciteerd heeft. Alleen die groep zou 300.000 mensen groot zijn. Het gaat in deze groep in hoofdzaak om 55++. Er is ook nog een andere groep namelijk afgestudeerde jongeren die geen baan vinden en besluiten om terug te gaan naar de schoolbankjes voor een vervolgopleiding. Als we uitgaan van 1 miljoen mensen die, op dit moment, niet deelnemen aan het arbeidsproces, dan komen we uit op een percentage van 12,7. Dat ligt in de buurt van het gemiddelde in de EU. Uit cijfers van UWV blijkt dat het aantal WW-uitkeringen voor de vierde maand op rij is afgenomen. In mei 2014 kwam het aantal WW-uitkeringen uit op 436.000, 8.000 lager dan in april. De vraag is in hoeverre het hier gaat om seizoens-gecorrigeerde data.

Ik stel al > 1 jaar dat het beleid van dit kabinet de toestand alleen maar verslechterd door het terugbrengen van de staatsschuld te laten prevaleren boven het scheppen van werkgelegenheid. De bezuinigingen moeten van tafel en worden omgebogen naar hervormingen. Het grote probleem is het ontbreken van een visie op de toekomst. Reinier Castelein, de voorzitter van de vakbond De Unie, zegt daarover: in Den Haag moet werk worden gemaakt voor onze toekomst. Het lijkt er steeds meer op dat de Haagse politiek steeds minder oog lijkt te hebben voor onze toekomst. 'Het is hollen en rennen om maar te zorgen dat de coalitie niet sneuvelt. Op zich een nobel streven, nadat we in een decennium veel kabinetten hebben zien komen en zien gaan. Maar dit kabinet heeft geen visie op de toekomst. Door wankele allianties te smeden met kleinere partijen is er feitelijk sprake van beleid op dagelijkse basis. Er is geen stip aan de horizon. Er is geen langjarige visie waar we heen gaan. Zolang ondernemers en werkgevers te maken hebben met een visieloos kabinet, zullen er minder investeringen gedaan worden.' Het zijn juist die investeringen die we zo hard nodig hebben om dit land weer op de rails te zetten. Voor zover je het positief kunt noemen zegt de premier luid en duidelijk dat hij gruwelt van het idee dat hij een visie zou moeten hebben over de toekomst van dit land. Hij is de man van het 'liberaal pragmatisme'. Hij geeft eerst een absurde definitie van het begrip visie – een ‘alomvattende blauwdruk van de oplossing’ – om vervolgens te zeggen dat hij daar niets in ziet: Nederland wordt weliswaar geconfronteerd met problemen, maar als we ons maar aanpassen komt het goed. Hij onderbouwt zijn verhaal met foute vergelijkingen en halve waarheden. [De opmerking van Castelein snijdt geen hout wanneer hij zich niet verzet tegen het beleid van Politiek den Haag dat dit kabinet zo lang mogelijk overeind moet worden gehouden om daarmee te voorkomen dat er alweer een kabinet zijn zittingsperiode heeft vol kunnen maken. In mijn beleving is de politieke realiteit dat dit kabinet er niet in slaagt een stip op de horizon in beeld te brengen en dus …. plaats moet maken voor een nieuw beleid, waar ondernemers en consumenten wel vertrouwen in hebben.] DFT: Bernard Wientjes, de vertrekkende voorzitter van werkgeversorganisatie VNO-NCW Nederland, stelt dat de Haagse politiek vastloopt en dat de democratie een rommeltje is geworden. In een afscheidsinterview de VK zegt hij dat versplintering de Nederlandse politiek dreigt te verlammen. Wientjes vindt dat er een paar dingen moeten gebeuren. Hij herhaalt nog eens dat er een kiesdrempel moet komen van 5%. “Een partij moet dan minimaal acht zetels halen om in de Tweede Kamer te komen”. Hij denkt dat dat de helderheid in het parlement ten goede komt. “Het gevolg zal zijn dat de ChristenUnie fuseert met de SGP en GroenLinks opgaat in de PvdA of D66.” Ook vindt de werkgeversvoorzitter dat tussentijdse verkiezingen niet meer mogelijk moeten zijn. In Duitsland is dat ook zo. “Een parlement wordt dan niet meer ontbonden als het kabinet valt. Als een college van B&W valt, sturen we de gemeenteraad toch ook niet naar huis?” Wientjes ziet ook wel wat in een ander Duits systeem, dat van de ‘Zweitstimmen’. Burgers kunnen dan bij de landelijke verkiezingen twee stemmen uitbrengen. Een op een landelijke kandidaat en een op een regionale kandidaat. “Dat verstevigt de band tussen het volk en de politiek”, zegt Wientjes. De Eerste Kamer moet volgens hem ook anders gaan werken. “Als vrijwel enige land ter wereld hebben wij een senaat met een absoluut veto. Daar wil ik van af. Ik ben voor het terugzendrecht. De Eerste Kamer mag dan een besluit van de Tweede Kamer voortaan één keer retour sturen.” [Wientjes geeft hier aanwijzingen voor hervormingen van ons politieke stelsel. De beperkingen van de macht van de senatoren deel ik niet met hem. Senatoren, wijze mensen, hebben een eigen verantwoordelijkheid, die afstand zou moeten hebben van de politieke besluitvorming in de 2e Kamer. Ik vind het verwerpelijk en in strijd met de de opdracht die de wetgever geeft aan het instituut 1e Kamer, dat 2e Kamer fracties ‘dealtjes’ overeenkomen, waaraan fractieleden in de 1e Kamer zich dienen te onderwerpen. Staatsrechtelijk gezien kan en mag dat niet aan senatoren worden opgelegd. Ik doel hier met name op de achterkamertjes politiek van de coalitie met D66, CU, DGP en GL.] Als één van de hoogtepunten in zijn carrière noemt hij het Sociaal Akkoord dat hij in 2012 sloot met premier Rutte, vice-premier Asscher en FNV-voorzitter Heerts. “Dit akkoord is historisch, dat zal over een paar jaar wel blijken. “Rutte is pragmatisch, altijd doorgaan, het onmogelijke mogelijk maken. Hij is exact de juiste man op de juiste plek. Je ziet hoe Asscher zijn charme gebruikt in combinatie met zijn hoge intellect en je ziet Ton Heerts van de FNV die zijn nek durft uit te steken in de moeilijkste tijd die de vakbonden ooit hebben doorgemaakt. Groot respect, ondanks onze ruzies.” Wientjes vindt het pensioenakkoord van 2010 met de vakbonden zijn grootste fout als werkgeversvoorzitter. “Je sluit een overeenkomst met voorzitter Agnes Jongerius en dan blijkt dat zij daar een te smal draagvlak in haar achterban voor krijgt. Ik had toen moeten aanvoelen dat het pensioenakkoord een pyrrusoverwinning was.” [Ik heb zo mijn bedenkingen over het gesloten Sociaal Akkoord. De verheerlijking van Rutte en Asscher roepen bij mij een negatieve lading op: Rutte leidt een kabinet dat incompetent is de complexe problematiek waarin we verkeren, op te lossen. Het is een mission impossible, waarmee ze bezig zijn. De dag waarop dit kabinet valt, steek ik de vlag uit.] Negatief is dat de rekenmeesters van dit land, DNB, CBS en CPB, geen moeite hebben te sjoemelen met data en prognoses. Ik heb vorige week al geageerd dat de uitgesproken verwachting dat de consumentenaankopen wel weer moeten gaan stijgen. Alle parameters wijzen daarop, zeggen ‘ze’. Maar de gevolgen van de aangekondigde bezuinigingen moeten nog wel door de samenleving worden ‘gevoeld’. Mario Draghi reageerde deze week op de uitspraak van Dijssel, de voorzitter van de Eurogroep, dat de Brusselse politiek de maatregelen moet nemen voor het aanzetten van economische groei. Het beleid van de ECB mag dat ondersteunen. Draghi zegt nu dat Brussel linksom of rechtsom meer macht moet krijgen, van de lidstaten. [Daar zal Rutte wel van gruwelen, dat is nu juist hetgeen hij wil voorkomen.] Het zou de enige manier zijn om de toekomst van de euro te waarborgen en de crisis definitief achter ons te laten. Draghi neemt, in DFT, daarmee duidelijk afstand van de bewering van de VVD en sommige andere politici dat het europroject af is. De ergste crisis is bedwongen, maar er is nog veel nazorg nodig. „De grote onbalans tussen de eurolanden is veroorzaakt door een gebrek aan structurele hervormingen in sommige landen. De volgende stap moet zijn om die structurele hervormingen onder een gemeenschappelijke discipline te brengen.” Het is goed dat er strengere begrotingsregels zijn en een bankenunie. Maar daarmee zijn we er nog niet, stelt de president van de ECB. „Er is nog meer nodig om er een perfecte monetaire unie van te maken.” Economisch beleid kan niet louter een nationale aangelegenheid zijn, er moet nog meer eensgezinde richting in dat beleid komen. Concreet betekent dit dat Europa iets te zeggen krijgt over bijvoorbeeld de Nederlandse hypotheekrenteaftrek. „Bij de begrotingsafspraken hebben we soevereiniteit gedeeld met de lidstaten. Zo zou dat ook moeten met de arbeidsmarkt, het concurrentievermogen, de bureaucratie en afspraken over de interne markt”, zegt Draghi. „Je kunt meer macht geven aan de Europese Commissie of aan de lidstaten in de Europese Raad of je kunt nieuwe Europese instanties creëren, zoals bijvoorbeeld een Europese begrotingsautoriteit, daar ga ik niet over. Dat is aan de politiek.” Draghi pleit voor meer structurele hervormingen in sommige landen. Hij noemt geen namen maar doelt op Frankrijk en Italië, twee grote en belangrijke eurolanden die hopeloos achterop liggen wat betreft de noodzakelijke hervormingen. Italië zucht ook nog eens onder een staatsschuld van 130% van het nationaal inkomen. De ECB-president begrijpt dat Nederlanders zich zorgen maken dat zij gaan opdraaien voor de fouten van Zuid-Europa. „Ik zie dat conflict wel.” Toch bepleit hij solidariteit. Dat betekent dat de Europese rente laag is om het zuiden te helpen. Uiteindelijk moet het noorden daar ook voordeel van krijgen. Volgens Draghi is de eurozone nu op de goede weg, de lage inflatie heeft één belangrijk pluspunt, de koopkracht wordt erdoor versterkt. Minpunt is dat de vrees voor deflatie de economie remt en dat schulden nauwelijks minder worden omdat ze niet worden ’opgegeten’ door de inflatie.

Parlementaire enquete Woningbouwcorparaties: uit de verhoren bleek deze week dat banken provisies betaalden aan financiële adviseurs van woningbouwcorporaties (in ieder geval aan die van Vestia en Havensteder) voor verleende diensten bij het afsluiten van rentederivaten. DFT: De accountants van Vestia hebben in het derivatendebacle bij de Rotterdamse corporatie verzaakt. Vooral KPMG leverde beroerd werk af. Dat verklaarde de Autoriteit Financiële Markten (AFM) bij de parlementaire enquête over woningcorporaties. De AFM bestudeerde onder meer het Vestia-jaarverslag over 2010. „We slaakten een brul. Er stond veel in, maar het was ondoorgrondelijk”. Ook Deloitte, dat in de jaren voordat KMPG bij Vestia aantrad de boeken van de Rotterdamse corporatie controleerde, heeft volgens de AFM steken laten vallen. Het valt weliswaar te prijzen dat Deloitte externe hulp inschakelde na het zien van de uiterst complexe derivaten van de corporatie. Maar Deloitte controleerde vervolgens niet of deze externe informatie wel deugde. „Dat valt de accountant te verwijten”. De AFM heeft wel een verklaring voor het broddelwerk van de accountants. Er zaten namelijk niet de grootste genieën. De echt goede accountants vonden de corporatiewereld „niet erg sexy”. „Accountants die boven op de apenrots zaten, controleerde beursgenoteerde ondernemingen”.

Het zit nog vers in mijn geheugen: DNB ziet het consumentenvertrouwen verder verbeteren met als gevolg dat de consumentenbestedingen verder gaan toenemen. Ik heb bij die aanname direct al vraagtekens gezet [lees blog 224]. Het verbaasde mij ook niet te lezen dat 'de stemming onder consumenten in juni hetzelfde was als in mei, meldde het CBS. De indicator van het Consumentenvertrouwen bleef staan op -2, daarmee blijft het percentage pessimisten nog altijd iets groter dan het percentage optimisten. Het consumentenvertrouwen is sinds de zomer van 2013 vrijwel onafgebroken toegenomen en ligt nu op hetzelfde niveau als eind 2007. De consumenten zijn per saldo positief over het algemene economische klimaat, maar nog negatief over hun eigen financiële situatie. Consumenten zijn al vier maanden op rij positief over de economie. In juni veranderde zowel hun oordeel over de economische situatie in de komende als over de economische situatie in de afgelopen 12 maanden niet. De deelindicator Economisch klimaat bleef staan op 10. De koopbereidheid was in juni vrijwel hetzelfde als in mei. De verwachting over de eigen financiële situatie in de komende 12 maanden sloeg om van voorzichtig positief naar licht negatief. Ook vonden consumenten de tijd ongeveer even ongunstig als vorige maand voor het doen van grote aankopen, zoals wasmachines en televisies. Per saldo daalde de deelindicator Koopbereidheid 1 punt naar -11. Daarmee is de koopbereidheid nog altijd laag. Het hebben van een baan speelt een grote rol bij de koopbereidheid van huishoudens. Consumenten zijn nog steeds negatief over de ontwikkeling van de werkgelegenheid. De helft van de respondenten rekende in juni op een toename van de werkloosheid in de komende 12 maanden. Een op de vijf verwachtte een afname. Nederlanders hebben in april iets minder uitgegeven dan in dezelfde periode vorig jaar. De consumentenbestedingen liepen met 0,1% terug, zegt het CBS. Net als in de eerste drie maanden van 2014 verstookten huishoudens in april minder gas dan een jaar eerder. Huishoudens besteedden in april wel 3,2% meer aan voedings- en genotmiddelen. Zij gaven ook 3,8% meer uit aan duurzame goederen, zoals kleding en auto’s. Aan diensten besteedden de huishoudens 0,9% meer dan een jaar eerder. Daarentegen gaven ze aan overige goederen, waaronder gas, 11,4% minder uit dan een jaar eerder. Volgens de Consumptieradar van het CBS zijn de omstandigheden voor de consumptie in juni iets verslechterd. Dat komt vooral doordat de ondernemers in de industrie negatiever zijn over de omvang van hun personeelsbestand in de komende drie maanden en doordat consumenten iets negatiever zijn over hun toekomstige financiële situatie. De consumptieve bestedingen door huishoudens leveren samen met de bedrijfsinvesteringen en uitvoer een belangrijke bijdrage aan de economische groei. De bijdrage van de consumptieve bestedingen is in 2014 nog steeds negatief. Daarentegen dragen de investeringen en uitvoer positief bij aan de groei. Het volume van de bedrijfsinvesteringen in april was 5,8% hoger dan een jaar eerder. Het is de zevende maand op rij met een forse toename van de investeringen. Eerder maakte het CBS al bekend dat de uitvoer van goederen in de eerste maanden van 2014 is gegroeid. De export werd overigens ook geremd door een lagere vraag naar gas.

De lage inflatie in de eurozone is een ,,hardnekkig'' probleem dat direct verdere actie vereist. Die waarschuwing geeft IMF af aan de ministers van Financiën van de 18 eurolanden tijdens een vergadering in Luxemburg. De Europese Centrale Bank (ECB) zou om mogelijke deflatie in de eurozone te voorkomen staatsobligaties moeten opkopen, aldus het IMF. Als de ECB obligaties opkoopt, beschikken de houders van deze papieren, zoals pensioenfondsen of banken, direct over geld. Op hun buurt is het dan dus makkelijker om dat geld weer in de economie te pompen door bijvoorbeeld leningen te verstrekken aan bedrijven of particulieren. [Een kanttekening mijnerzijds: zitten pensioenfondsen te wachten op grotere liquiditeiten? Pensioenfondsen zijn op voorhand geen financiers voor het bedrijfsleven. Wat heeft het IMF daarmee voor?] Ja, de inflatie is gedaald naar 0,5%, er is dus sprake van een negatieve spiraal die kan eindigen in een deflatoire ontwikkeling. Dan bestaat het gevaar dat consumenten hun aankopen uitstellen omdat het product later nog goedkoper kan worden. [Klopt, maar is die situatie er nu al niet? Ja, daar zitten we al zeker 2 jaar middenin. Zolang er op de markt gestunt wordt met 3 halen 1 betalen, actiekorting op kleding van 40% en nu een auto kopen en de helft betalen en in 2016 de andere helft, zonder daarover rente te moeten betalen, het zijn allemaal deflatoire signalen.] Na afloop van het overleg lichtte IMF-baas Christine Lagarde het rapport toe. Zij roemde dat er veel is gedaan in Europa en door de ECB de economie herstelt, de stemming op de financiële markten is verbeterd en de binnenlandse vraag is toegenomen. Maar Lagarde waarschuwde dat Europa ,,nog niet aan het einde van de weg is''. De werkloosheid is veel te hoog, de overheidsschulden blijven te groot en de inflatie is ,,zorgelijk'' laag. Bovendien is de economische groei niet sterk genoeg. En deze problemen dienen aangepakt te worden. Structurele hervormingen op zowel nationaal niveau als binnen de eurozone in zijn geheel zijn nodig, aldus het IMF. Lagarde noemde onder meer het openstellen van de dienstensector, het aangaan van vrijhandelsverdragen en het creëren van een Europese energiemarkt. Bovendien moet de Europese bankenunie daadwerkelijk worden afgemaakt.

In het vorige blog heb ik al melding gemaakt van een drietal onderzoeken van de EC naar drie dossiers, in de belastingparadijzen Nederland, Ierland en Luxemburg, om te toetsen of hier sprake is van oneigenlijke staatssteun aan multinationals, als gevolg van belastingontwijking. Binnen de Europese Unie zijn een aantal landen die zich hiermee bezig houden en de vraag is hier of hier sprake is van legale activiteiten. Manoeuvreren banken en fiscale juristen hier niet op of over de grenzen van de opgelegde Europese tax rules? Het uitgangspunt moet zijn dat internationaal opererende bedrijven daar hun belasting betalen waar het verdiend wordt. De ministers van Financiën van de 28 lidstaten hebben deze week besloten dat er een einde moet komen aan het gebruik van zogenaamde 'hybride leningen'. Daarmee zou worden voorkomen dat bedrijven een fiscale constructie opzetten waardoor ze vrijwel geen belasting meer betalen. Met dergelijke constructie is Nederland, in een bepaald segment van deze markt, heel actief. Uit eerder onderzoek was de EC al op de hoogte dat jaarlijks als gevolg van belastingontwijking en fraudes de 28 lidstaten van de EU een biljoen (=€1000 mrd) aan belastinginkomsten derven. Omdat er consensus moest worden bereikt met alle lidstaten (Malta heeft lang tegengesputterd) is het voortraject traag verlopen. Wordt vervolgd.

Kort Nieuws

De hausse in de verkoop van TV-toestellen, voor de start van het WK-Voetbal, zoals in 2010, toen 527.000 apparaten werden verkocht, is in mei ver achtergebleven. De schatting van verkochte TV's in mei bedraagt 279.000 stuks. Wel steeg de verkoop in mei op jaarbasis met 'slechts' 20%. De schatting voor de TV-verkoop in 2014 bedraagt 1,1 mln, dat is 100.000 stuks minder dan in 2013.

Bij de Belastingdienst is een ICT-project mislukt, waarvoor in 2009 al werd gewaarschuwd door ambtenaren. Kosten: €203 mln.

De producentenprijzen in Duitsland zijn in mei met 0,2% gedaald in vergelijking een maand eerder. In april gingen de Duitse producentenprijzen met 0,1% omlaag. Op jaarbasis lagen de prijzen die Duitse fabrikanten vragen voor hun producten 0,8% lager.

Energiebedrijf Eneco voegt dochterbedrijven Stedin en Joulz samen. Daardoor verdwijnen er 400 tot 500 arbeidsplaatsen, waarbij gedwongen ontslagen niet zijn uitgesloten. Netbeheerder Stedin en infrabedrijf Joulz bundelen de krachten om de dienstverlening slagvaardiger en efficiënter te maken. Volgens Stedin-directeur Nancy Kabalt -Groot is er te veel overlap tussen de bedrijven. ,,De noodzaak om efficiënter te werken is groot. Uitgebreid onderzoek toont aan dat er dubbel werk is ontstaan, doordat Joulz en Stedin als twee aparte organisaties in dezelfde ketens werken. Een brede netbeheerder levert structurele kostenbesparing op en leidt tot meer efficiënte dienstverlening voor onze klanten.’’ De integratie van Jopulz en Stedin zal een jaar duren. Eneco laat weten er alles aan te zullen doen om de boventallige werknemers te begeleiden naar een andere baan binnen het bedrijf.

Het aantal mensen dat terechtkomt in de wettelijke schuldsanering daalt, hoewel er wel meer mensen met schulden zijn en het gemiddelde schuldbedrag stijgt. In 2013 zaten 12.000 mensen in de schuldsanering, tegen 14.000 een jaar ervoor en 15.000 in 2011. De schijn bedriegt, want het betekent niet dat het aantal mensen met schulden daalt. Integendeel zelfs, dat aantal steeg tussen 2011 en 2013 van 76.000 tot 89.000 mensen. En ook het gemiddelde schuldbedrag steeg in die periode: van 32.000 tot 38.000 euro. De samenstellers van de Schuldenmonitor 2013 onderzochten de oorzaak van de daling in de toeloop naar de wettelijke schuldsanering. Zij concludeerden dat de selectie voor de WSNP niet strenger is geworden. De oorzaak ligt bij de gemeentes. Wie terecht wil komen in de WSNP moet doorverwezen worden door de gemeentelijke Kredietbank. Uit het onderzoek blijkt dat de gemeentelijke Kredietbanken steeds minder mensen doorsturen. Dat komt omdat zij steeds minder mensen geschikt achten voor de schuldsanering. Volgens Nadja Jungmann, lector Schulden aan de Hogeschool Utrecht, komt meer dan de helft van de mensen die zich bij de Kredietbank melden niet in de schuldsanering terecht. Ze komen niet door de screening van de gemeenten of laten zelf niets meer van zich horen. In Rotterdam valt 58% af; in Den Haag 62% en in Amsterdam zelfs 83%. Jungmann stelt: "Er blijft een groep over, en die zakt eigenlijk steeds dieper weg in de ellende. De deurwaarders blijven komen, de schulden blijven zich opstapelen en op een gegeven moment is het de vraag wie als eerste maatregelen neemt: het woningbedrijf of het energiebedrijf." Slotstand indices 20 juni 2014/week 25: AEX 417.90; BEL 20 3.166,15; CAC 40 4.541,34; DAX 30 9987,24; FTSE 100 6.825,20; SMI 8701,61; RTS (Rusland) 1358,73; DJIA 16947,08; Nasdaq 100 3802,638; Nikkei 15349,42; Hang Sen 23197,71; All Ords 5401,60; €/$ 1,3601; goud $1314,70 dat is €31.046,27 per kg, 3 maands Euribor 0,212, 10 jarig Staat 1,59,3% .

Dit bericht is geplaatst in Financieel/economisch met de tags , , , . Bookmark de permalink.