UPDATE11022012/100

Ik ben deze keer wat laat met mijn wekelijkse blog. Familiefeestje en wachten op de uitslag van de stemming in het Griekse parlement over de hervormings- en bezuinigingseisen van de trojka zijn de reden. Over Griekenland kan ik kort zijn: het parlement is met 199 stemmen voor en 74 tegen akkoord gegaan met aanvullende bezuinigingen van €325 mln, op een totaal van €3,3 mrd (=1,5% van het bbp), waarmee in de uitkeringen, de lonen en de pensioenen gesneden gaat worden. De bijstand wordt verlaagd naar €400 per maand. Het minimumloon wordt met 20% verlaagd, de pensioenen met 35%. Van de vakbonden wordt geëist dat ze meewerken aan een loonsverlaging van 15%. Verder wordt extra bezuinigd op Defensie-uitgaven. Verder hebben 15.000 ambtenaren hun ontslag aangezegd gekregen en staan nog 135.000 op de ontslaglijsten. Als tegenprestatie verwachten de Grieken €100 mrd aan leningen uit het noodfonds en €30 mrd aan garanties. Woensdag wordt daarover in Brussel beslist door de Jager c.s. Op 20 maart a.s. moeten de Grieken voor €14,5 mrd aan aflossingen betalen, dat ze op dit moment niet hebben. Ik heb nog nergens gelezen of de €130 mrd in een keer dan wel in tranches beschikbaar wordt gesteld zodra de Grieken daarvoor een tegenprestatie hebben geleverd. Tijdens het debat in het Griekse parlement is er massaal gedemonstreerd door > 100.000 Grieken. Er zijn rellen uitgebroken: tientallen politieagenten en 37 betogers zijn daarbij gewond geraakt. Er zijn zeker tien gebouwen in vlammen opgegaan, waaronder een bank, een anti3eke bioscoop, een telefoniebedrijf, een café en een winkel . 20 demonstranten werden gearresteerd. De politie moest traangas gebruiken om de orde te handhaven. Er is inmiddels al een 'afwachtende' reactie van de zijde van de Europese bewindslieden: de ministers van financiën van de eurolanden nemen nog geen besluit over nieuwe steun aan Griekenland. De komende dagen willen ze meer details zien over het akkoord van nieuwe bezuinigingen en hervormingen, zoals dat door Europa aan de Grieken is opgelegd. Over onder andere de ontwikkeling van de schuld, de verlaging van de loonkosten en het politieke draagvlak voor de ingrepen zijn nog teveel onbeantwoorde vragen. De euroministers komen pas bijeen zodra die vragen zijn beantwoord in de ambtelijke euro-werkgroep, zegt voorzitter Jean-Claude Juncker. Volgens EU-commissaris Olli Rehn van economische en monetaire zaken en de euro zou er dan een akkoord over het geheel moeten worden gesloten. Griekenland heeft tot 2014 nog € 130 mrd nodig, waarvan €30 mrd op korte termijn, om een deal te sluiten over de beoogde schuldafschrijving door banken. Minister De Jager sprak over het Griekse akkoord als "een hele belangrijke stap voorwaarts". Maar hij zag ook leemtes in het Griekse akkoord. Zo is nog steeds onduidelijkheid over de invulling van een deel van de afgesproken bezuinigingen van € 3,3 mrd. Maar De Jager wil ook meer duidelijkheid over de vraag hoe Griekenland zijn loonkosten met 15% omlaag gaat brengen, zodat het land weer beter kan concurreren. Bovendien voldoet het accoord op het eerste gezicht nog niet aan de eis die de regeringsleiders in oktober stelden, dat de Griekse schuld in 2020 moet zijn teruggebracht tot 120% van het bruto binnenlands product. ‘De marges zijn daar heel klein, misschien moet er een stapje bijgezet worden’, aldus De Jager. Jean-Claude Juncker stelt drie voorwaarden waaraan moet worden voldaan voordat er volgende week besluiten kunnen vallen: het Griekse parlement moet instemmen met de maatregelen die nu zijn afgesproken en Griekenland moet de laatste € 325 miljoen aan extra bezuinigingen concreet invullen. En tenslotte zijn er "sterke politieke garanties" nodig om te verzekeren dat de afspraken ook na de algemene verkiezingen, die nu in april worden verwacht, worden nagekomen. Juncker zei dat er een akkoord op hoofdlijnen is over de schuldreductie met de internationale banken, die bereid zijn om tenminste de helft van hun vorderingen af te schrijven. De garantstelling van € 30 mrd die daarvoor nodig is van de eurolanden, komt niet beschikbaar als er geen zekerheid is over de implementatie van de Griekse toezeggingen, zei Juncker. Tegen de Jager, Rehn en Juncker zou ik willen zeggen: 'wie het onderste uit de kan wil hebben krijgt de deksel op zijn kop'.

Op Facebook trof ik deze tekst aan: Oppassen geblazen: 'Het ergste moet nog komen voor Europa. Niets is meer waar. De Eurotop heeft niet alleen niets opgeleverd, Europa boldert voort in de richting van een crisis die zijn weerga niet kent. En de voetval voor de Duitse eisen effent de weg naar economische stagnatie en sociale chaos. Niets waar de Europese regeringsleiders zich voor op de borst kunnen kloppen. De woorden van de Spaanse premier Rajoy illustreren aardig de afgrond tussen de rauwe economische werkelijkheid en de losgeweekte schijnwereld die nu al geruime tijd in Brussel wordt opgehouden. Een Facebook-vriend van de schrijver reageerde daarop met 'vind ik leuk'. Daarop heb ik gereageerd met 'dit is een afschrikwekkend vooruitzicht'.

Ik was deze week bij de boekpresentatie van De Euro, een terugblik op het Verdrag van Maastricht, waar 20 jaar geleden werd besloten tot de oprichting van de muntunie en een politieke unie. De financieel/economische analist Roel Janssen ondervroeg drie mannen die toentertijd aan de basis stonden van het besluitvormingsproces: premier Ruud Lubbers, minister van Financiën Wim Kok en DNB president André Szasz, de voorganger van Wim Duisenberg en later Nout Wellink. Vier aspecten trokken mijn aandacht. Lubbers stelde dat het de hoogste tijd is om een Europese minister van Financiën te benoemen in Brussel. Daaronder zouden dan economische, financiële en fiscale zaken komen te vallen van de 17 eurolanden. Een heel zware post, laat daar geen discussie over ontstaan. En of daar een kandidaat voor beschikbaar is, is ook nog de vraag. Volgens Lubbers is het een must om uit de eurocrisis en de schuldencrisis te komen. Het betekent wel dat een groot deel van de soevereiniteit aan Brussel moet worden overgedragen. Ook de macht van de 17 ministers van Financiën wordt sterk gereduceerd. In feite mogen ze alleen nog maar ´voordragen´ en ´uitvoeren´. Het tweede onderwerp ging over de wenselijkheid om groei te creëren door een hogere inflatie toe te staan. De vraag die niet beantwoord werd was hoe groot de schade zou kunnen zijn voor het monetaire beleid van de ECB. De belangrijkste stelling vanuit de zaal kwam van iemand die zelf langere tijd in Griekenland heeft gewoond en gewerkt. Hij verweet zowel het IMF als de EU dat Griekenland al eeuwenlang een Byzantijnse cultuur heeft. Een cultuur die sterk afwijkt van onze Westerse normen en waarden. Een cultuur die een grote aantrekkingskracht heeft op 'Westerse' toeristen. In Griekenland wordt niet gedacht in dagen, weken en maanden, zoals Brussel afdwingt. Grieken denken in decennia en generaties. De druk die de trojka op Griekenland zet komt voort uit een Westerse manier van denken en handelen. Door de eurozone heen loopt een scheidingslijn van de Middellandse Zee-landen en West Europa. Dat is een realiteit waar Brussel en Frankfurt rekening mee zouden moeten houden. We zien ook dat de besluiten die in Maastricht werden genomen onder aanvoering van Helmut Kohl en zijn Franse vriend Francois Mitterand over de instelling van de eurozone en de vastgelegde normen voor het emu-saldo en de emu-schuld de eerste 6 jaar, tot de 1-1-1999, de startdatum van de muntunie, goed werden nageleefd door de 12 landen, waarmee de eurozone werd gestart, stelt Lubbers. Achteraf, zou ik willen stellen dat, toen duidelijk werd dat de zwakkere broeders gelegen aan de Middellandse Zee ook werden binnengehaald, veelal op basis van boekhoudkundige trucs, het gedaan was met de begrotingsdiscipline binnen de groep. Ik heb het dan over Griekenland, Italië, Spanje en Portugal. Ook toen duidelijk werd dat het met de begrotingsdiscipline bergafwaarts ging greep, in de afgelopen tien jaar, niemand in. Het niet-ingrijpen van zwakke politici leidde tot de euro-crisis waarin wij ons thans bevinden.

De vraag, die dit weekend centraal stond, is of we de Grieken laten vallen of dat we ze verder gaan uitkleden zonder ze enig perspectief aan te bieden. In feite zijn de Grieken niet goed bij hun hoofd als ze akkoord gaan met de eisen van de trojka. De €130 mrd die ze als een worst wordt voorgehouden, is niet meer dan lokaas waarmee de schulden aan Franse en Duitse banken worden verlaagd. In feite is dit een wisseltruc waarmee private vorderingen op de Griekse Staat (van de banken) worden omgezet naar de publieke sector (naar de overheden van de eurolanden, dus naar de belastingbetalers: U en ik dus). Ik sluit niet uit dat, onder aanvoering van Duitsland en Nederland, de nieuwe noodhulp in tranches beschikbaar gesteld gaat worden, afhankelijk van de vorderingen die de Grieken maken met de herinrichting van de economie. Waar de Grieken grote behoefte aan hebben zijn specialisten die de Grieken kunnen helpen met de wederopbouw. Maar waar de trojka mee bezig is leidt naar een deconfiture, waarvan de burgers de rekening krijgen gepresenteerd. Met een economische krimp van 7%, een aantal bezuinigingsmaatregelen die de koopkracht nog verder aantasten, een werkeloosheid van >20%, een werkeloosheid van >40% onder jongeren, en het vertrek van hoogopgeleide jongeren naar het buitenland, komt Griekenland nooit uit deze ellendige situatie. Vanuit dit startpunt is het een mission impossible. Zolang Athene onder de dwang van Brussel moet regeren, wordt het niks, helemaal niks. Ik zeg niet dat er niet van alles moet gebeuren in Griekenland, maar om de Grieken daarvoor enthousiast te krijgen moet er eerst een visie komen op de toekomst. De trojka is alleen maar bezig de belangen van banken en overheden te behartigen. In mijn optiek moet dat pas op de tweede of derde plaats komen. Eerst moeten de Grieken weer aan het werk gaan, zodat de koopkracht weer groeit en het vertrouwen in de economie en de politiek weer toeneemt. Door al het gedoe in Griekenland is de euro en tikkende tijdbom geworden. Misschien zouden de Grieken het er allemaal wel voor over hebben: de armoede, waarin ze terechtkomen, de loonsverlagingen, de werkeloosheid, maar we zijn nog niet zover dat iedereen op één lijn zit. Duitsland, Nederland, Luxemburg, ze vertrouwen de Grieken voor geen meter. Achter elke afgedwongen bezuiniging verwachten ze een tijdbom. Ze willen de zekerheid dat alle voornemens die de Grieken op papier hebben gezet en door het parlement hebben geloosd ook daadwerkelijk met de stopwatch in de hand op het afgesproken tijdstip, tot volle tevredenheid van de waarnemers, worden opgeleverd. Die zekerheid is er niet, is er nooit. Ik snap ook niet waarom de Griekse regering en de Griekse politiek zich zo inzetten om die €130 mrd toegezegd te krijgen. Wordt er een toekomstperspectief bij die noodhulplening geleverd. Nee, dat verwacht ik niet. Waar zijn de Grieken dan mee bezig? Een emu-schuld van 120% in 2020 is ook dan nog een onneembare vesting om uit de sociaal/economische ellende te geraken. Ik vrees dat het een hopeloos dossier blijft, tenzij een gierende inflatie de Grieken gaat redden. Maar dan zitten we allemaal in hetzelfde treintje. De eerste drempel die de Grieken moeten nemen zijn de landelijkse verkiezingen in april en de rest van Europa moet een keuze maken of we laten de Grieken vallen of we nemen zelf het verlies.

De vraag is welke waarde moet worden gehecht aan de eisen die mevrouw Merkel stelt aan Griekenland en welk doel ze daarmee voor ogen heeft. Dat Nicolas Sarkouzy naast haar staat en knikt dat hij het met haar eens is, is in feite een uiting van onmacht. Met de eisen die ze stelt aan de Grieken overvraagt ze de mogelijkheden. Met welk doel? Dat de Grieken 15% salarisverlaging en 35% verlaging van de pensioenen moeten inleveren, zijn in feite beleidsmaatregelen die, in feite, in heel West-Europa moeten worden doorgevoerd. De factor 'arbeid' is in Europa te duur geworden in relatie tot de BRIC-landen. Arbeid moet concurrerender worden op de wereldmarkt. Daar zullen we ons, op wat langere termijn, niet aan kunnen onttrekken. Het is het gevolg van het feit dat wij in de slangenkuil zitten die 'euro' heet. Als we, om welke reden dan ook, ons concurrerender moeten profileren op de wereldmarkt, bijvoorbeeld om onze export te versterken, dan is daarvoor nog slechts één tool beschikbaar: verlaging van de prijs van arbeid. De andere tool: devaluatie van de eigen valuta als de gulden, Franse franc, lire, peseta, drachme, escudo, om er maar enkele op te noemen, hebben wij op 1 januari 1999-2002 ingeleverd, zonder dat daar ook maar één politicus, dus ook Gerrit Zalm niet, op heeft gewezen. Daarom is de opbouw van 'kennis-economie' zo belangrijk. Wij moeten ons gaan specialiseren op sectoren in de economie waar de concurrentie laag is vanwege gespecialiseerde kennis die wij hebben en gaan opbouwen. Terug naar de trojka: zijn wij bezig de Grieken aan de halsband van de slavernij te ketenen? Ik geef er nog geen antwoord op. De toekomst zal het leren. Wat de regeringsleiders van de 17 eurolanden de laatste anderhalf jaar wel mee bezig zijn geweest is de beleggingen van Europese banken, hoofdzakelijk Franse, Griekse en Duitse, in Grieks overheidspapier af te stoten naar de Europese Centrale Bank, onder het mom van ………….. die hebben daar de mogelijkheden voor. Die aanname is de grootst mogelijke nonsens. Wat de 17 regeringsleiders hebben gedaan is de commerciële banken uit de wind te houden door de zwarte piet van de Griekse junkbonds weg te schuiven naar de ECB. De verliezen die aan dit papier kleven worden op enig moment ten laste gebracht van de nationale centrale banken van de 17 aangesloten eurolanden en komen uiteindelijk middels het Ministerie van Financiën terecht op de bordjes van de belastingbetalers. Ik heb er al meerdere keren voor gewaarschuwd: het spaargeld en de pensioenrechten van de burgers zullen door het gevoerde beleid van onze politieke elite, als sneeuw voor de zon verdwijnen. Waar staan we op dit moment? Een default van Griekenland is voor Brussel niet langer onbespreekbaar. Een vertrek van de Grieken uit de muntunie is politiek bespreekbaar geworden. Alleen Barosso sputtert nog wat tegen. Het rampenscenario voor de euro is verdwenen. Het zou Nederland mogelijk €7 mrd gaan kosten. De Jager gaat ervan uit dat, ook als Griekenland de Griekse staatsobligaties en uitgekeerde noodhulp gaat afstempelen, de Grieken op enig moment dat geld wel aan ons zullen terugbetalen. Misschien niet de eerste 10 of 20 jaar maar, misschien wel binnen 50 jaar. Ook als ze alle eisen van de trojka zullen accepteren, dan betekent dat nog niet dat ze aan die verplichtingen zullen kunnen voldoen. Neem het ontslag van 150.000 ambtenaren. De Griekse grondwet staat dat niet toe. Zo is dat ooit besloten, dom maar ja, wel de realiteit. En dan tracht Merkel vanuit Berlijn daar een streep doorheen te halen. Merkel tracht de soevereiniteit van eurolanden te ondermijnen. Ik vind het heel eng waar de EU mee bezig is. Meer wil ik er op dit moment niet over zeggen.

Het is een lange weg voor de Grieken om zichzelf uit het moeras te trekken. Groeicijfers zoals het andere Europese zorgenkindje Ierland heeft het noodlijdende Zuid-Europese land nooit kunnen produceren. Grote vraag is dan ook hoe de Grieken de miljardenleningen ooit gaan terugbetalen. Daarnaast heerst er de angst dat de grootscheepse bezuinigingen (in ruil voor de steunpakketten van EU en IMF) het laatste restje groeikansen uit het land trekken. De werkloosheid loopt rap op, talentvolle Grieken trekken het land uit, de vakbondsstakingen nemen weer toe en bedrijven willen niet meer investeren. Volgens voormalig DNB-directeur en econoom Lex Hoogduin moet naast kostenmatiging de productiviteit fors omhoog om Griekenland concurrerender te maken. „Dat kan door de strikte bescherming rond beroepen af te breken en gevestigde belangen te slechten. Met de €130 miljard die de Grieken nu waarschijnlijk volgende week toch wel gaan ontvangen, krijgen ze de tijd om binnen een paar jaar hun economie te hervormen en te moderniseren”, zegt Lex Hoogduin.

Ik vraag me al een tijdje af of ik nu echt de enige ben die geen vertrouwen heeft in het Europese beleid dat Merkel voert en afdwingt van de EU-lidstaten. In mijn vorige blog heb ik haar neergezet als 'moedereend, die met een troep eenden naar een niet met name genoemde plek onderweg is'. Dit weekend heeft de Hongaarse superbelegger George Soros, waar heb ik die naam eerder horen vallen ……………….exact ik herinner het me weer, zich daarover uitgelaten. In Der Spiegel zegt hij dat 'de Duitse bondskanselier Angela Merkel Europa de verkeerde kant opstuurt in de schuldencrisis. De kemphanen Merkel en Sarkozy lijken tot elkaar veroordeeld. Volgens Soros moet de crisis niet tegengegaan worden met besparingen. Er moeten juist miljarden in de economie gepompt worden. „Anders maakt Europa dezelfde fouten die ervoor zorgden dat de Verenigde Staten in 1929 in de Grote Depressie terechtkwam. En dat snapt Merkel niet”, zegt Soros. De Amerikaanse zakenman constateerde dat Europa de schuldencrisis zonder de hulp van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) kan oplossen. Het is volgens hem verkeerd om het land te redden met steunpakketten via onder meer het IMF waarover een hoge rente moet worden betaald. Bovendien zijn deze leningen preferent boven alle andere geldschieters. Soros verwierf in 1992 internationaal bekendheid toen hij een miljard dollar verdiende door te speculeren op een waardedaling van het Britse pond. Hij denkt dat Europa zal „exploderen” wanneer de crisis in Griekenland escaleert, het land failliet gaat en Italië en Spanje meetrekt. Waarvan acte.

De Oostenrijkse regering heeft een bezuinigingsplan aangekondigd dat in 5 jaar tijd 26,7 miljard euro moet opleveren. De regering wil dit bereiken via besparingen, maar ook door een toename van de belastinginkomsten. Bezuinigingen vormen de hoofdmoot van het pakket, maar een derde zou moeten komen uit hogere belastingen. Oostenrijk zal de regio's vragen om de uitgaven te snijden met 5,2 miljard euro. Ambtenaren, gepensioneerden en het nationale spoorbedrijf zullen de bezuinigingen het meest voelen. De maatregelen moeten het land in overeenstemming brengen met de Europese regels voor overheidstekorten. In 2010 bedroeg het Oostenrijkse begrotingstekort 4,4 procent van het bruto binnenlands product. Volgens voorlopige cijfers voor 2011 zou dit op 3,3 procent uitkomen, lager dan de verwachte 3,9 procent door de overheid en net boven het EU-plafond van 3 procent. De Oostenrijkers gaan de ´kip met de gouden eieren slachten´.

Het consumentenvertrouwen in de Verenigde Staten is in februari gedaald ten opzichte van een maand eerder. De vertrouwensindex kwam uit op 72,5, tegen 75 een maand eerder, toen de index op het hoogste niveau in bijna een jaar uitkwam. De index die de huidige omstandigheden meet, zakte flink. Amerikanen maken zich meer zorgen over hun financiële situatie. Het sentiment over de arbeidsmarkt toonde echter verbetering. Ook de graadmeter voor de toekomstverwachtingen zakte weg. In januari bereikte deze index nog de hoogste stand sinds mei vorig jaar.

Verzekeraar Aegon heeft een moeilijk kwartaal achter de rug, verwachten analisten. De onderliggende winst voor belastingen zou met bijna 19 procent zijn gedaald. De nettowinst zou zelfs een duik van bijna 45 procent hebben gemaakt. Aegon publiceert komende vrijdag voorbeurs de cijfers over het vierde kwartaal en heel 2011.

De Europese begroting voor dit jaar zit nu al met een tekort van 11 miljard euro. Dat zegt Europees commissaris voor de begroting Janusz Lewandowski. Hij waarschuwt dat hij de 27 EU-lidstaten om meer geld zal moeten vragen. De Europese Unie kreeg vorig jaar een rekening van 15 miljard euro gepresenteerd. Het ging om uitgaven voor de structuurfondsen, die Europa maar voor een deel kon honoreren. Daarom zit de Unie begin 2012 al met een gat van 11 miljard euro, verduidelijkt de Europees commissaris.

De commissaris wijst erop dat de lidstaten de begroting voor dit jaar met slechts 1,86 procent tot 129 miljard euro optrokken. Dat is lager dan de inflatie en minder dan de EU vroeg, benadrukt Lewandowski. De verklaringen komen op een moment dat binnen Europa een discussie woedt over verdere economische groei en het vergroten van de concurrentie. Een van de voorstellen om dit te verwezenlijken is een betere toewijzing van de Europese structuurfondsen. De lidstaten moeten het dit jaar verder eens worden over het kader voor de EU-begroting voor de periode 2014-2020. Nu sommige landen weigeren meer bij te dragen voor Europa, dreigt dit een moeilijke discussie te worden.

Kort financieel/economisch nieuws van week 2012/6:

de Kunduz/training kost 1/2 mln per agent voor 6 weken opleiding;

Mitsubishi sluit NedCar-fabriek in Born kregen 1500 werknemers te horen;

de Europese Bankenautoriteit (EBA) is kritisch over een groot deel van de plannen die 30 Europese banken, waaronder de SNS bank, eind januari hebben ingeleverd ter versterking van hun buffers;

de overheid rekent op een schadepost van €2 mrd op zijn belang in de Gasunie, waarvan de verdiencapaciteit flink is gedaald als gevolg van lagere tarieven opgelegd door de NMa;

De omzet van woonwinkels is vorig jaar gedaald met 3%, van modezaken met 6,2% en schoenenzaken met maar 2,5%;

de Duitse export is in december onverwacht sterk gedaald: de uitvoer daalde 4,3% ten opzichte van november;

ArcelorMittal: onverwacht nettoverlies van $1 mrd in het 4e kwartaal;

India verlaagt economische groeiverwachting naar onder de 7%;

ruim de helft van de Nederlandse woningbezitters met een hypotheek houdt aan het einde van de looptijd een restschuld over;

Kredietbeoordelaar Moody's is somberder geworden over de vooruitzichten voor Philips. Het bureau stelde de outlook voor de kredietwaardigheid van Philips bij van stabiel naar negatief. De rating bleef ongewijzigd op A3;

Kredietbeoordelaar Standard & Poor's (S&P) heeft de kredietwaardigheid van 34 Italiaanse banken verlaagd, in navolging van de afwaardering van de Italiaanse kredietwaardigheid door S&P vorige maand. De afwaardering geldt voor 34 van de 37 Italiaanse banken die S&P onder toezicht had geplaatst. Het gaat onder meer om de grote banken Unicredit, Intesa Sanpaolo, Banca Nazionale del Lavoro en Mediobanca. Op 13 januari verlaagde S&P de kredietwaardigheid van Italië met twee stappen, van A naar BBB+;

Het Economisch Instituut voor de Bouw verwacht dat de productie in de bouw dit jaar met 3,5 procent zal dalen. Niet alleen de woningbouw, maar ook de bouw van kantoren en winkels loopt terug. De utiliteitsbouw (van gebouwen zonder woonbestemming) wordt met een terugval van 8 procent het zwaarst getroffen. De nieuwbouw van woningen krimpt met 4,5 procent; de grond-, weg- en waterbouw met 5,5 procent. Alleen het onderhoud van gebouwen zal iets groeien: 1 procent. Voor 2013 verwacht het EIB een licht herstel van 0,5 procent. Er worden dan wat meer woonhuizen gebouwd, maar de utiliteitsbouw blijft krimpen;

De industriële productie in Duitsland is in december met 2,9 procent gedaald in vergelijking met een maand eerder. Dat is de sterkste krimp in bijna 3 jaar. De krimp valt veel sterker uit dan verwacht. In november bleef de productie ongewijzigd, terwijl eerder een teruggang met 0,6 procent werd gemeld. In het vierde kwartaal van 2011 nam de industriële productie in Duitsland met 1,9 procent af op kwartaalbasis;

de staatsschuld van de eurolanden lag in het derde kwartaal van vorig jaar hoger dan een jaar eerder. De schuldenlast van de eurolanden bedroeg in het derde kwartaal van 2011 gemiddeld 87,4 procent van het bruto binnenlands product (bbp), de som van alle goederen en diensten die in de eurozone worden geproduceerd. Een jaar eerder lag de schuld nog op 83,2 procent. Griekenland (159 procent), Italië (119,6 procent) en Portugal (110 procent) hebben de zwaarste schuldenlast. Estland (6 procent) en Luxemburg (18 procent) hebben in verhouding nauwelijks schulden uitstaan. In Nederland nam de staatsschuld in het derde kwartaal toe tot 64,5 procent, tegen 63,1 procent een jaar eerder. De Duitse schuldenlast nam toe van 75,7 procent tot 81,8 procent;

het handelstekort van Frankrijk is vorig jaar scherp opgelopen naar een recordhoogte van 69,59 miljard euro. Dat betekent een stijging van 33 procent ten opzichte van het tekort van 51,52 miljard euro een jaar eerder. De export steeg met 8,6 procent tot 428,8 miljard euro. Dat werd echter tenietgedaan door hogere prijzen van ingevoerde grondstoffen en brandstoffen. Het land importeerde voor in totaal 498,39 miljard euro, een groei van 11,7 procent. De Franse export is het afgelopen jaar minder hard gegroeid vergeleken met landen als Duitsland, Groot-Brittannië, Spanje, Italië en de Verenigde Staten.

Als Griekenland de eurozone zou verlaten, is er volgens eurocommissaris Neelie Kroes "geen man overboord". Kroes is geen voorstander van een Grieks vertrek uit de eurozone, maar volgens haar zou het niet het einde van de gemeenschappelijke munt betekenen. Misschien is mijn woordkeus niet helemaal gelukkig", zegt de eurocommissaris. "Wat is een man overboord? Er wordt steeds gezegd: als je één land laat uitstappen of vraagt om uit te stappen, dan stort het hele bouwwerk in. Maar dat is gewoon niet waar." De Europese Commissie, waar Kroes deel van uitmaakt, en de lidstaten stelden de afgelopen tijd herhaaldelijk dat nieuwe miljardenleningen aan Griekenland noodzakelijk zijn om een financiële chaos te voorkomen. Kroes stelt dat de Griekse politici hun beloften niet nakomen en niet genoeg bezuinigen. De voorzitter van de Europese Commissie deelt het standpunt van mevrouw Kroes niet. Het besmettingsgevaar van een eventueel Grieks faillissement op andere landen van de eurozone is in het voorbije anderhalf jaar afgenomen door de getroffen maatregelen. Maar als Griekenland bankroet gaat, zal dat Nederland nog steeds geld kosten. Dat zegt minister Jan Kees de Jager (Financiën) tijdens het wekelijkse vragenuurtje in de Tweede Kamer in reactie op uitspraken van eurocommissaris Neelie Kroes. De minister benadrukte nog eens dat Kroes in het vraaggesprek zei Griekenland het liefst bij de eurozone te houden. Dat is ook de inzet van de minister. Een vertrek van Griekenland uit de eurozone levert geen ,,Armageddon'' op, maar leidt wel tot kosten. ,,En dat willen we voorkomen'', aldus De Jager. De PVV heeft De Jager vragen gesteld over de opstelling van Neelie Kroes. Die partij ziet het liefst dat steun van Nederland aan Griekenland per direct wordt gestopt. Volgens de PVV heeft De Jager zich bezondigd aan bangmakerij door steeds te roepen dat steun aan de Grieken echt noodzakelijk is omdat eurolanden anders als dominostenen zouden omvallen. ,,Geloof niet in die bangmakerij. Volgens De Jager werpen maatregelen van de eurozone echter hun vruchten af, zoals het instellen van noodfondsen, strengere begrotingsregels en het herkapitaliseren van banken. De conclusies van de PVV, gedoogpartner van het kabinet, werden door De Jager dan ook betiteld als ,,makkelijke fact-free politics''. Hoewel de inzet van de eurolanden nog steeds is om Griekenland erbij te houden, zitten daar grenzen aan. De Jager herhaalde dat het land hervormingen en bezuinigingen moet doorvoeren, zoals een lager minimumloon en het ontslag van duizenden ambtenaren. De woorden van Kroes ziet De Jager dan ook vooral als een waarschuwing aan het adres van de Grieken. ,,En die waarschuwing is zeker terecht. Laat ieder signaal een waarschuwing zijn'', aldus De Jager

Woningcorporatie Vestia heeft haar derivatenpositie sinds eind 2010 verdubbeld en daarmee haar kwetsbaarheid voor rentedalingen sterk vergroot. Naar nu blijkt is de portefeuille aan derivaten vorig jaar opgelopen naar € 20 mrd. Onlangs werd bekend dat Vestia enkele miljarden euro’s moet betalen voor haar derivatenpositie. Vestia had zich met de derivaten ingedekt tegen een rentestijging, maar de contracten — zogeheten renteswaps — bepalen dat de corporatie juist moet bijbetalen als de rente daalt. En dat gebeurde vorig jaar. Vestia heeft vlak voor deze rentedaling zeer veel extra derivaten bijgekocht, zo hebben diverse bronnen gemeld. Eind 2010 had de Rotterdamse corporatie voor €10 mrd aan posities, maar dat is vorig jaar nog eens verdubbeld. ‘Vermoedelijk is er ingekocht voor latere jaren wegens de lage rente’, zegt een bron. Met andere woorden: Vestia vond de rente zo laag, dat ook voor de verre toekomst rentecontracten werden gesloten, bovenop de bestaande. De corporatie hield kennelijk geen rekening met nog verdergaande rentedalingen. De uitbreiding van de derivatenposities verklaart waarom Vestia een bedrag van meerdere miljarden bij de banken moet storten. Banken hebben geen totaalbeeld van de derivatenportefeuille van Vestia en hebben geen inzicht in de portefeuilles van derden. De in liquiditeitsproblemen geraakte woningcorporatie heeft met de meeste in Nederland actieve grote banken contracten ter waarde van vele miljarden euro’s afgesloten. Geen van deze partijen heeft echter inzicht wat elders is afgesloten. Het gebrek aan inzicht maakt het lastig om met Vestia te onderhandelen over een oplossing voor de problemen van de corporatie. Er is op dit moment geen sprake van gecoördineerd overleg tussen de banken om de situatie bij Vestia duidelijk te krijgen. Vestia heeft in de afgelopen twaalf maanden in totaal zeker €2,5 mrd aan borg moeten storten bij banken als gevolg van derivatencontracten die nadelig voor Vestia uitpakten. De corporatie heeft zichzelf ingedekt tegen een hogere rente, maar banken eisen overdracht van liquiditeiten nu de rente de afgelopen negen maanden flink is gedaald. Als grootste woningbouwcorporatie van Nederland was Vestia een van de grote afnemers van rentederivaten. Daarbij heeft ze voor een veel hoger bedrag aan posities afgedekt dan ze aan kredieten heeft uitstaan.

Als gevolg van de Europese schuldencrisis bereidt het kabinet een wet voor die alle lagen van de Nederlandse overheid treft. Deze Wet houdbare Overheidsfinanciën (HOF) dicteert niet alleen aan welke strenge begrotingsregels de landelijke overheid moet voldoen. Het kabinet krijgt ook verregaande bevoegdheden om in te grijpen als door schulden van provincies, gemeenten en waterschappen Nederland uit de pas loopt met Europese begrotingsafspraken. Bovendien kan de minister van Financiën organisaties aanwijzen die vooraf toestemming moeten vragen als ze geld willen lenen op de kapitaalmarkt. Dat gaat om organisaties met een publieke taak, zoals spoorwegbeheerder ProRail, Havenbedrijf Rotterdam, ziekenhuizen, omroep NOS, de politie en de Nederlandsche Bank. De provincies zijn niet gelukkig met de nieuwe wet. De lagere overheden (provincies, gemeenten en waterschappen) worden elk aangeslagen voor een deel van het nationale begrotingstekort. Overschrijdt een van hen zijn aangewezen norm, dan kort het kabinet op geld dat het Rijk jaarlijks overmaakt aan het Gemeente- en het Provinciefonds. Sommige gemeenten en provincies zijn rijker dan andere, bijvoorbeeld door de opbrengst van geprivatiseerde energiebedrijven. De nieuwe wet kan ertoe leiden dat nieuwe wegen, tunnels en spoorviaducten niet meer worden aangelegd omdat de begrotingsregels knellen voor de hele groep. Daarvoor waarschuwt Johan Remkes, voorzitter van het Interprovinciaal Overleg (IPO). ‘Er kleven absurde effecten aan de methodiek die het kabinet voorstelt’, zegt Remkes. ‘Wij willen niet dat onze investeringen een geweldige tik krijgen, want dat schaadt de economische groei. We mogen niet geregeerd worden door statistieken.’ Linksom of rechtsom moeten we met het kabinet een oplossing vinden.’ Remkes pleit voor een regeling dat Nederland zijn afspraken nakomt, maar dat de verdeling over de overheden flexibel is, bijvoorbeeld door saldering van overschotten en tekorten. ‘Voor provincies geldt het extra hard, omdat er daarvan veel minder zijn dan gemeenten, dus valt er minder te middelen’, aldus de IPO-voorman. Het kabinet spreekt aan het begin van zijn regeerperiode af aan welke begrotingsregels het zich zal houden. Maar nooit eerder zijn in Nederland afspraken over minder uitgeven en schuldreductie vastgelegd in een wet. Zo zal de zalmnorm, die dicteert dat meevallers niet mogen worden gebruikt voor uitgaventegenvallers, tevens voor toekomstige kabinetten gelden, ook al hebben die geen liberale signatuur. Het wordt dus moeilijker voor komende regeringen om begrotingsregels te versoepelen.

Slotstand indices week 2012/6: AEX 320,09; BEL 20 2230,78; CAC 40 3373,14; DAX 30 6692,96; FTSE 100 5852,39; SMI 6130,66; DJIA 12801,23; Nasdaq 100 2547,32; Nikkei 8947,17; Hang Seng 20783,86; All Ords 4322,60; € $1,3195, goud $1722,10.

Er staat geen woord Grieks in het ‘memorandum over financieel en economisch beleid’ dat is gedicteerd door het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Een belangrijke reden voor de vertraging in de Griekse besluitvorming van afgelopen week was dan ook dat het document, dat in alles de geroutineerde en koele hand verraadt van de mandarijnen van de IMF-staf, nog moest worden vertaald in de taal van de onderhandelaars. Aan de andere kant van de grens kijken de Turken geamuseerd toe. Ze herkennen de stijl, taal, maatregelen en compromisloze teneur van het document. In 2004 verzonden ze namelijk ongeveer dezelfde ‘letters of intent’ naar Washington, in ruil voor IMF-kredieten die uiteindelijk opliepen tot $ 28 mrd. Vorig jaar bedroeg de economische groei in Turkije bijna 8%. De schuld als percentage van het bruto binnenlands product, die in 2001 verdubbelde van 51% tot 104%, was vorig jaar teruggebracht tot 41%. Dit jaar betaalt Turkije het laatste restant van het IMF-krediet terug. Helemaal geruststellend is dat niet, want Turkije is een ‘boom and bust’-economie. Jaren van diepe recessie worden afgewisseld met euforische periodes van uitbundige groei. Tot afgrijzen van hetzelfde IMF, dat in 2008 dan ook weigerde om opnieuw de helpende hand toe te steken zonder ingrijpende hervormingen. ‘We hebben onze trots’, zei premier Erdogan toen hij de eisen van het IMF hovaardig afwees en de economie in één kwartaal met 14,7% kromp. Maar Turkije toont wel aan dat niets onmogelijk is in dit zonnige deel van Europa. Als Griekenland erin zou slagen om zelfs maar de helft uit te voeren van het akkoord dat deze week werd gesloten over hervorming van de arbeidsmarkt, het juridisch systeem, de product- en dienstenmarkten, de gezondheidszorg en vooral het overheidsapparaat en het belastingstelsel, dan komt het goed. Maar de plechtige belofte dat het allemaal zonder dralen wordt uitgevoerd, is dermate ambitieus dat de scepsis bij de europartners groot is.

Geen enkele minister van financiën in Europa kan geloven dat Griekenland in zo korte tijd zo veel kan doen, te midden van een economische en sociale crisis zonder weerga. Dat komt door percepties over de bedrieglijke Grieken en door hun nationale referentiekader. In de eigen politieke en maatschappelijke arena kosten hervormingen namelijk tijd en politiek kapitaal. Belastinghervormingen nemen vele jaren van voorbereiding en eindeloze discussie over de details in beslag en arbeidsmarkthervormingen blijven vaak steken in retoriek, liberalisering van markten en privatisering van publieke diensten stuiteren vaak terug op maatschappelijke weerstand en gevestigde belangen. Dat wil niet zeggen dat er niets verandert. In de economische literatuur is ‘Dutch disease’ de standaard term voor een land dat dankzij natuurlijke hulpbronnen op te grote voet leeft en zijn economische basis uitholt. Rusland heeft de Dutch disease, maar Nederland al lang niet meer. Terugkijkend op de jaren tachtig en negentig hebben de destijds vaak verguisde kabinetten-Lubbers en Kok structurele hervormingen doorgevoerd. Het ‘poldermodel’ werd even wereldvermaard als de Dutch disease. De Duitse bondskanselier Schröder leek in 2003 te zijn mislukt als hervormer en werd weggehoond door pers en kiezer. Het verenigde Duitsland was de zieke man van Europa. Maar zijn erfenis is een van de krachtigste economieën ter wereld, die heel Europa op de been houdt. De combinatie van zuinigheid en vlijt, vrije marktprincipes en een selectief interveniërende overheid, wordt door de Franse president ten voorbeeld gehouden aan zijn landgenoten. Hervormen is in Europa een kwestie van consensus vormen, doordat de zwakste schakel in het proces vaak de kiezer is, of de angst voor de kiezer. De laatste grote Europese hervormer die zich daar niets aan gelegen liet liggen was Margaret Thatcher. Zij loodste met een dogmatisch idealisme haar land een nieuwe tijd in en rekende rigoureus af met de bonden die haar voorganger James Callaghan ten val hadden gebracht. Ook dat was in de nasleep van een traumatische periode van economische neergang en ook daar lag het IMF aan de basis van haar succes. Groot-Brittannië was in 1976, net als Griekenland nu, vrijwel bankroet en een vrije val van het pond leidde ertoe dat het IMF moest bijspringen. In ruil voor noodkrediet moest Callaghan saneringen doorvoeren die hem in de ‘winter of discontent’ van 1978 uiteindelijk opbraken toen het land werd platgelegd door zijn eigen achterban. Griekenland heeft na de verkiezingen, die vermoedelijk in april worden gehouden, geen nieuw regeerakkoord nodig. Dat ligt er sinds deze week. De Griekse burger heeft dus weinig te kiezen. En de premier die het land straks moet leiden, kan zich er vast op voorbereiden dat hij kopje-onder gaat tussen Scylla en Charybdis, het zeventienhoofdige monster van eurolanden en IMF enerzijds en een draaikolk van volkswoede aan de andere kant. Daarmee is Griekenland ook een afschrikwekkende katharsis voor de rest van de Europese leiders. Het is niet meer de kiezer die de bepalende factor is voor het te voeren beleid, het zijn de financiële markten die regeringen afrekenen. Nu houdt dompteur Mario Draghi de wilde beesten nog even zoet. Maar zonder coherente maatregelen om de structurele onevenwichtigheden te corrigeren die in alle EU-landen optreden is geen enkel land meer veilig. In een aantal landen is dat urgent. Portugal en Ierland voeren al IMF/EU-dictaten uit. Italië en Spanje hebben geen andere keuze dan te volgen. Frankrijk en België zijn er niet ver vanaf. De eb in de economische getijdebewegingen legt wrakhout bloot wat in de overvloed tot 2007 verborgen kon blijven, zoals structureel onevenwichtige overheidsfinanciën, slecht functionerende markten en onbeheersbaar stijgende zorgkosten. Minister van Economische Zaken Maxime Verhagen is de eerste die onraad ruikt én kansen ziet. Hij geeft drie schoten voor de boeg: hervorm de arbeidsmarkt, de zorg en de huizenmarkt. Het zijn precies de drie terreinen waarvan ook de Europese Commissie vindt dat Nederland stappen moet zetten om op middellange termijn een beter fundament te creëren voor meer groei en concurrentiekracht. De donkere wolken boven Europa leiden ertoe dat overal bedenkelijk naar daken en dakgoten wordt gekeken. Ook burgers maken zich grote zorgen. Als het IMF in Latijns-Amerika of Azië ingrijpt, is dat ver weg. Maar de Griekse crisis is een beetje van ons allemaal. Sporen van de excessen van de welvaartsstaat die daar breed worden uitgemeten, zijn ook in Nederland en Duitsland terug te vinden, om nog maar te zwijgen van Frankrijk en België. Dat schept een klimaat waarin hervormingen gemakkelijker kunnen worden doorgevoerd. Voor Griekenland is het te laat om dat nog op een weloverwogen en langs de weg van geleidelijkheid te doen. Maar voor de rest van Europa is het crisis in zijn oorspronkelijke Griekse betekenis, een moment om beslissingen te nemen en keuzes te maken.

Dit bericht is geplaatst in Financieel/economisch met de tags , , , , , , . Bookmark de permalink.