UPDATE02122017/406 Hebben politici een zorgplicht voor het welzijn van ouderen?

Er hebben zich vier kandidaten aangemeld voor de functie van voorzitter van de eurogroep. Waarschijnlijk stapt Dijssel 15 januari op. Het gaat om de Portugese minister van Financiën Mário Centeno, zijn Slowaakse collega Peter Kazimir, de Luxemburger Pierre Gramegna en de Letse minister Dana Reizniece-Ozola. De laatste is voor mij de meest voor de hand liggende kandidaat: ze is met haar 36 jaar nog relatief jong, ze is een vrouw en grootmeester schaken.

Waarschuwing: De week begon met een forse stijging van de koers van de digitale munt bitcoin op weg naar $10.000. Op 28 november rond half twee in de middag bereikte de munt, die afgelopen jaar stormachtig in waarde toenam maar uiterst volatiel beweegt, op $10.074 per stuk op het platform Coinmarketcap. Dat is een van vele platforms, het verwerkt de gemiddelden van tientallen platforms. In de ochtend meldde Sky al dat de populaire munt, waarin sinds 2013 gehandeld werd in ons land, elders de historische grens van $10.000 had overschreden. De munt is een hype geworden, speculatief ingestelde beleggers stromen toe. De vraag naar BTC nam verder toe tot aan $11.395, maar op 29 november daalde de koers fors naar $9295. In oktober ging de beweeglijke munt door de $5.000 grens. Bankiers als Jamie Dimon noemden de bitcoin ’bedrog’, terwijl het grote beursplatform CME Group in Chicago juist futures op de meest verhandelde munt gaat brengen. Op de laatste beursdag van week 47 doorbrak de koers de $9000, minder dan een week nadat de barrière van de $8000 was geslecht. Op de eerste beursdag van week 48 steeg de koers van één bitcoin naar $9700. In de afgelopen twee weken werd de bitcoin al ruim 45% meer waard. De stijging wordt mede veroorzaakt door bredere aandacht voor de cryptomunt. Steeds meer bedrijven uit de traditionele financiële sector gaan zich ook op de bitcoin richten. Tegelijkertijd is er ook kritiek van veel mensen die zeggen dat de munt een bubbel is die op zeker moment zal barsten. Op de opening van dit jaar noteerde de BTC $928. Daarmee is de waardestijging al meer dan 800%. Het grootste deel van die stijging is sinds de zomer tot stand gekomen, waarmee de munt ook zeer aantrekkelijk is voor speculanten. Insiders spreken al van een waarde van $500.000. De gekte ten top. Het wordt hoog tijd dat de Centrale banken wereldwijd ingrijpen. Het aantal rekeningen bij Coinbase, een van de grootste platformen voor het handelen in cryptomunten als bitcoin en concurrent ethereum, is dit jaar bijvoorbeeld al bijna verdrievoudigd. De vraag is of cryptovaluta’s wel een reële waarde hebben of dat het een product is van gokkers, die blufpoker spelen. De gekte op de platforms, waar bitcoins worden verhandeld vertoont gelijkenis met de ‘tulpenbolmanie’ (1634-1637). In januari 1637 werden tulpenbollen verkocht voor meer dan tien keer het jaarsalaris van een ervaren vakman en waren ze ongeveer evenveel waard als een Amsterdams grachtenpand. Ook werd er gespeculeerd in opties op tulpen, die op dat moment nog in de grond zaten. De tulpenmanie wordt door economen gezien als de eerste uitgebreid beschreven bubbel (speculatiegolf) in de Europese geschiedenis. De term tulpenmanie wordt vaak gebruikt als een metafoor voor een grote economische bubbel (= zeep-, luchtbel). Op dinsdagavond 3 februari 1637 stortte in Haarlem de windhandel abrupt in, toen een verkoper bleef zitten met een partij pondsgoed die hij voor 1400 gulden had aangeboden. Twee dagen later echter werd in Alkmaar tijdens een veiling van tulpenbollen in totaal nog 90.000 gulden omgezet. De week daarop kelderden overal in Holland en Utrecht de prijzen. Er ontstond een chaotische situatie met veel onenigheid onder handelaren over de geldigheid van de afgesloten contracten. Al snel bleek dat de meeste floristen tulpen die ze niet bezaten, hadden doorverkocht aan kopers die ze niet konden betalen. Aan het einde van dit blog een artikel over hebzucht in relatie tot de ‘tulpenmanie’. Criminelen gebruiken vaak de bitcoin om te handelen in illegale goederen zoals wapens of drugs op het darkweb, een verborgen gedeelte van het internet, waar illegale activiteiten plaatsvinden. Ook wordt er soms gevraagd om losgeld te betalen in bitcoins. Het voordeel voor criminelen is dat een bitcoinrekening niet gekoppeld is aan persoonlijke gegevens. Anoniem is het gebruik van bitcoins echter niet. Ze hebben allemaal een uniek nummer, en alle transacties zijn openbaar. Wat een crimineel dus met zijn bitcoins doet, is te volgen. Ook als je bitcoins omzet naar euro’s of dollars ben je niet meer anoniem. Voor mij is het de vraag of deze cryptomunten wel geld vertegenwoordigen? Bij geld is er sprake van onderliggende waarden, als andere valuta’s, effecten, grondstoffen als edele metalen en andere waardevolle entiteiten. De waarde van cryptocurrencies is nul. Op de handel en wandel in deze virtuele waarden vindt geen toezicht plaats (door centrale banken en andere financiële autoriteiten), in de beurshandel ontbreken stabiliserende elementen, waardoor de prijsvorming heel bewegelijk is. Voor mij is de hype één grote luchtbel. Stel, dat een reële waarde van een Bitcoin $1 zou zijn dan is op dit moment $10.834,10 niet meer dan een illusie, waar gelukszoekers zich rijk mee rekenen. Dit proces heeft kunnen plaatsvinden omdat er wereldwijd, behalve door China, niemand heeft ingegrepen in de ontwikkeling van deze rage. Ik sluit niet uit dat het monetaire beleid van de centrale banken, zowel de FED als de ECB, de BoE en de BoJ, ertoe heeft geleid dat de financiële markten zijn overspoeld met gratis geld. De liquiditeiten zijn zo groot dat er gespeculeerd kan worden in windhandel, zonder dat er nog monetaire tools beschikbaar zijn bij de autoriteiten om in te grijpen. Ik zeg ‘pas op, deze virtuele producten hebben geen waarde’ maar de realiteit is dat onze munteenheden, dollars, euro’s, ponden en Yens, ook nog maar nauwelijks ‘harde onderliggende waarden’ hebben. Ik doel hierbij dat de dekking van een valuta bestaat uit andere valuta’s die ook geen waarde hebben. U mag het lezen als een waarschuwing dat monetaire autoriteiten het beleid nu snel zullen moeten bijstellen. Als, ik zeg als, er nog een weg terug mogelijk is, waardoor het financiële systeem overeind blijft in de chaos die daarmee gepaard zal gaan. Waar ik mij grote zorgen om maak is dat bij de explosies van de koersen van virtuele valuta’s, deze week specifiek de Bitcoin, geen reacties laten zien op de financiële markten. Of het de gewoonste zaak van de wereld is, ondanks dat vooraanstaande economen aan de alarmbel trekken. Yale-econoom en Nobelprijswinnaar Robert Shiller spreekt van een beweging die op termijn lijkt op de beurskrach van 1929. De ineenstorting van de financiële markten toen volgde destijds op een stevige opleving van de beurzen, maar leidde uiteindelijk tot de ‘grote depressie van de dertiger-jaren’. ,,Ik weet niet waar het gaat stoppen”, aldus Shiller, die in 2013 samen met anderen de Nobelprijs ontving voor een analyse van de prijzen van activa en het ontstaan van ‘zeepbellen’ in de economie. ,,De bitcoin is absoluut spannend. Investeerders voelen zich slim. Ze begrijpen zaken die niemand anders begrijpt (danwel omdat ze niet te begrijpen zijn). De bitcoin is anti-overheid, anti-regulering. Het is een prachtig verhaal.” Maar toch is het succes van de bitcoin relatief, zegt Shiller. ,,De waarde loopt op. Net als de aandelenmarkten in de jaren twintig. Uiteindelijk wordt 1929 bereikt. Daarmee begon de ellende. De waarde van cryptomunten zal dalen, maar niet naar nul, maar zakken zal hij zeker.” Robert Shiller stelt dat er geen echte waarde achter de bitcoin zit, zoals in een bedrijf, en daarom niet zal slagen relevant te blijven. Eerder pleitte een andere Nobelprijswinnaar voor een verbod op de cryptomunt. Volgens Joseph Stiglitz, die in 2001 de Nobelprijs voor de Economie won, dankt de digitale munt zijn populariteit uitsluitend aan zijn mogelijkheden voor criminele witwassers vanwege het gebrek aan toezicht. Het dient geen enkel maatschappelijk nut, zo zegt hij. Ook de hoogste bestuurder van de Franse centrale bank, François Villeroy de Galhau, waarschuwt samen met de centrale bankiers in andere eurolanden, voor de risico’s die kleven aan de bitcoin. ,,Op geen enkele wijze is sprake van een valuta”, zo zei hij. ,,Het is een speculatieve bezitting zonder economische basis.” Volgens de bestuurder is investeren in de cryptomunt volledig op eigen risico. Al deze autoriteiten laten waarschuwingen horen maar niemand trekt aan de noodrem. Het is voor mij de waanzin van de vrije markt. Geen enkele autoriteit en/of politicus neemt de verantwoordelijkheid om in te grijpen. Ik herhaal nog maar eens dat de virtuele (digitale) munten waardeloos zijn. Waar handel je dan in. In een illusie om snel veel geld te verdienen? De centrale banken wereldwijd moeten de handel in die virtuele producten, die geen enkele waarde vertegenwoordigen, verbieden. Platforms sluiten, is mijn signaal, om te voorkomen dat de prijsvorming nog verder zal worden opgeblazen. Het tegendeel is zelfs het geval in de VS, daar geeft de Amerikaanse toezichthouder CFTC groen licht voor de handel in futures voor de bitcoin. Daarmee kan worden gespeculeerd op waardestijgingen en dalingen door te handelen tegen toekomstige prijzen. De goedkeuring voor het beleggingsinstrument wordt gezien als een teken van vertrouwen in digitale valuta. Die goedkeuring zal door hedgefondsen (gokpaleizen) worden opgenomen om snel veel geld te verdienen aan het speculeren op snelle prijsveranderingen in de koersvorming. Sinds augustus verdrievoudigde het aantal investeringsfondsen dat geld steekt in de hype. In augustus waren 55 van deze hedgefondsen actief met de relatief nieuwe cryptomunt bitcoin en tientallen anderen. Bitcoin heeft door de enorme belangstelling een marktwaarde van ruim $160 miljard gekregen. Volgens de Financial Times investeren nu 169 hedgefondsen, terwijl een toenemend aantal economen en toezichthouders waarschuwt voor een bubbel die kan ontploffen. In korte tijd ging de waarde van bitcoin naar >$10.000, tegen $300 waarde begin 2015 en $978 begin 2017. De gevestigde financiële sector wijst op misbruik van de munt voor criminele transacties, maar kan niet langer om bitcoin heen, concludeert de Financial Times na een rondgang. Topbankiers die aanvankelijk fel tegen waren, nuanceren hun uitspraken: wellicht zou de munt toch relevant kunnen worden. Ik zet bij deze uitspraak van ‘topbankiers’ grote vraagtekens. Waar baseren zij hun uitspraken op? Experts verwachten meer toestroom van kapitaal naar bitcoin. Meer beleggers kunnen derivaten op deze en andere digitale munten gaan gebruiken. Nadat beurzengroep CME Group eerder meldde futurecontracten op bitcoins te maken, kondigde de Nasdaq deze week aan deze futures te gaan noteren. Daarmee kunnen beleggers niet alleen koersen op winst van de munten, maar ook contracten afsluiten rekenend op koersdalingen van de munt (als het al een munt is) die in 2009 werd bedacht door de anoniem gebleven Satoshi Nakamoto. Hedgefondsen gebruiken naast andere instrumenten hefboomconstructies om met extra risico meer rendement te behalen op een bitcoinaankoop. De drukte op de London’s IG Group, het grootste Britse platform voor bitcointransacties, moest de handel deze week stil leggen. Volgens consultant Aite Group werden er de afgelopen weken in de Verenigde Staten tienduizenden bitcoinrekeningen geopend. Het maken van cryptomunten stuit op steeds meer kritiek: de mijncomputers die momenteel munten zoals bitcoin ’delven’ verbruiken 30,2 terrawattuur stroom per jaar. Dat is iets meer dan het verbruik van heel Slowakije. Om nieuwe munten te mijnen is nog meer stroom nodig. CME, de grootste beursuitbater ter wereld, is een van de drie partijen die groen licht kreeg voor futures. Analisten denken dat de futures positief zullen zijn voor de ontwikkeling van digitale valuta. Zo zouden ze kunnen zorgen voor lagere transactiekosten. Die zijn nu voor bitcoins relatief hoog. Chris Iggo, hoofd beleggingen (investment officer vastrentende waarden) bij de grote vermogensbeheerder (cio) bij AXA Investment Managers, brengt dit weekend naar buiten dat de waarde van de bitcoin dusdanig sterk is opgelopen, dat een crash van de digitale munt onafwendbaar wordt. Die crash zal echter geen risico vormen voor het financiële systeem. Althans waarschijnlijk” niet. En het zal ook niet het einde van de digitale marktplaats zijn”, schrijft hij in een notitie over cryptocurrencies. Daarvoor heeft de munt nog te weinig ingang bij het grote publiek gekregen. Wel heeft dezelfde munt, die zaterdag weer $11.612 per stuk geprijsd werd op platforms als Coindesk, volgens Iggo alle eigenschappen van een digitale zeepbel. AXA IM is in Europa één van de grootste fondsen met €735 mrd aan vermogen van bijvoorbeeld Nederlandse pensioenfondsen onder beheer dat Iggo een positief rendement moet bieden. Iggo beschouwt de bitcoin (ik zou hier op de wat bredere interpretatie hebben geduid = virtuele producten als cryptomunten) anders dan veel economen van goede naam en faam niet zozeer als een valuta noch als een belegging in het rijtje aandelen, obligaties of vastgoed. De digitale munt is volgens hem eerder te zien als een grondstof. Die zijn historisch gezien notoir vatbaar gebleken voor zeepbellen en speculatie, zegt de cio. Volgens sommigen kunnen robots onze banen gaan innemen, maar ik denk dat de bitcoin dat eerst kan doen met het vermogen van mensen”, schrijft Iggo in zijn Insights. Iggo stopt zijn spaargeld alleen in beleggingen waarover ‘enige wettelijk afspraken’ zijn gemaakt. De marktkapitalisatie van de bitcoin ligt met $165 miljard inmiddels boven die van grote multinationals als GE Corporation, McDonald’s, General Motors en BP. Iggo beschrijft die snelle waardeontwikkeling voor een munt die geen bedrijfsmodel kent als een ‘gekte’. Waar is de economische waarde die deze enorme waardestijging rechtvaardigt? Ik kan me alleen voorstellen dat er een soort van crash komt voordat de meeste bezitters van de bitcoin in staat zijn om de waarde van hun bezit om te zetten in echte valuta’s.” Ik denk dat Chris Iggo in een moeilijk parket zit. Hij moet zijn opdrachtgevers, zoals pensioenfondsen, een aantrekkelijk rendement bieden op het geld dat voor vermogensbeheer is ingezet. En dat is moeilijk geworden met een nul procent rente voor kort geld. Dan biedt zich de bitcoin aan, waar gigantische koerswinsten mee gemaakt zijn in de afgelopen tijd. Dat lijkt aantrekkelijk, maar tegelijk ook heel risicovol, als uitkomt dat cryptomunten allemaal luchtbellen zijn. In de wereld van de cryptomunten is er duizelingwekkend veel keuze. In totaal zijn er 919 munten te vinden op coinmarketcap, waar in gehandeld wordt, schrijft businessinsider.nl Die hebben samen een marktwaarde (aantal digimunten in omloop maal de koers) van bijna $100 mrd. De top 8 bestaat uit digimunten met een marktwaarde van meer dan $1 mrd. Samen nemen deze munten bijna 85% van de totale waarde van de cryptomarkt voor hun rekening. Dan zijn er 34 digimunten met een marktwaarde tussen de $100 mln en de $1 mrd. Vervolgens is er een groep van 111 munten met een marktwaarde tussen de $10 mln en de $100 mln, waaronder de digitale gulden. Deze Nederlandse cryptomunt, behoort tot de ‘kleinere jongens’, met een marktwaarde van ongeveer $36 mln, die op plaats 76 van de totale ranglijst staat. Iggo staat voor een moeilijke zaak: van hem wordt verwacht dat hij aantrekkelijke rendementen biedt, maar die moeten wel ‘met wettelijke afspraken’ zijn gemaakt. Dat zou ik ervaren als een ‘duivels dilemma’. Met zijn uitspraak dat de Bitcoinhandel zich in een situatie bevindt dat een ‘crash van de digitale munt onafwendbaar wordt. Die crash zal echter geen risico vormen voor het financiële systeem. Althans waarschijnlijk” niet. En het zal ook niet het einde van de digitale marktplaats zijn”, schrijft hij in een notitie over cryptocurrencies.’ Ik kan dat niet goed plaatsen want in mijn beleving gaat het wel om luchtbellen, hebzucht en goklust. De grote centrale banken zullen duidelijk moeten maken, een waarschuwing is daarvoor te weinig, dat hier een gokspel wordt gespeeld met een inzet van $100 mrd. Als nu niet wordt ingegrepen resteren uiteindelijk alleen maar ‘losers’. En iedereen vraagt zich dan af waarom onze politieke en monetaire autoriteiten niet hebben ingegrepen. Ik denk het antwoord daarop wel te kennen.

Eindelijk komt de Europese Commissie tot het besef dat er structureel van alles mis is met de bijwerkingen van het monetaire beleid van Mario Draghi c.s. In Brussel maken ze zich zorgen om de markt voor bedrijfsobligaties. De handel droogt op, zodat er nauwelijks nog een buffer is om klappen op te vangen als het mis gaat. „Iedereen wil dan door dezelfde deur naar buiten, dat kan niet.” Dat blijkt uit een rapport dat in opdracht van de Commissie is geschreven en dat deze maand is gepubliceerd. Daarin staat dat de liquiditeit op de bedrijfsobligatiemarkt opdroogt, er wordt dus steeds minder in schuldpapier van Europese bedrijven gehandeld. Brussel begint daarom volgend jaar met een onderzoek naar hoe de bedrijfsobligatiemarkt beter kan functioneren. Dat lijkt mij niet zo moeilijk. De partijen die deze handel hebben opgekocht, de ECB en de 19 centrale banken in de eurozone, moeten een groot deel van de ingekochte obligaties weer terugsluizen naar de markten. Dan gaat de rente weer stijgen en wordt de handel in (bedrijfs)obligaties weer volatiel. Alleen moet Draghi er nog van worden overtuigd dat het monetaire beleid moet worden aangepast.

In mijn vorige blog deed ik er al melding van, dat minister Koolmees (D66) van Sociale Zaken de uitgesproken verwachting in het Regeerakkoord van het kabinet Rutte III dat de lonen komend jaar met 2,3% zouden stijgen en in 2019 met 3,5%, niet zal worden gehaald. DFT meldt dat werkgevers niet in staat zijn om de lonen de komende twee jaar gemiddeld met 3% te verhogen. Te veel bedrijven en sectoren kunnen daardoor in de problemen komen vanwege de hoge loonkosten. Ook de krapte op de arbeidsmarkt heeft nog steeds niet geleid tot een flinke loonstijging. Uit cijfers van werkgeversvereniging AWVN blijkt dat de cao-lonen in oktober zijn gestegen met 1,94%. Over de afgelopen twaalf maanden is sprake van een stijging van 1,7%. Volgens een woordvoerder loopt de gemiddelde loonstijging op, maar is een stijging van 3% per jaar nog niet aan de orde. ,,Daar kan wel sprake van zijn als een werknemer naast zijn cao-loon ook een individuele beloning krijgt. Dat kan bijvoorbeeld als hij wordt ingedeeld in een hogere loonschaal na een goede beoordeling of door een eenmalige uitkering.” Pieter Gautier, hoogleraar arbeidsmarkt aan de Vrije Universiteit Amsterdam, constateert dat de lonen nog altijd niet stijgen terwijl veel sectoren staan te springen om extra personeel. ,,De krapte op de arbeidsmarkt neemt toe, maar ik zie nog geen flinke loonstijgingen. Bovendien zijn er nog genoeg sectoren en bedrijven waarmee het slecht gaat. Zij kunnen de lonen niet fors verhogen.” De achterblijvende lonen kunnen het nieuwe kabinet nog wel eens een flinke domper bezorgen. De koopkrachtplaatjes van Rutte III zijn namelijk gebaseerd op de ramingen van het Centraal Planbureau (CPB). Daarin wordt uitgegaan van een loonstijging van 2,3% (1,3% inflatiecorrectie en 1,0% structureel) volgend jaar en 3,5% in 2019. De FNV gaf eerder al aan dat de koopkrachtstijging die in het regeerakkoord wordt genoemd niet kan worden gerealiseerd zonder een cao-loonstijging in alle sectoren. De vakbond gaat daarbij uit van een minimale stijging van 3,1%. Cao-deskundige Henk Strating van HS Arbeidsvoorwaarden zegt dat er te veel sectoren zijn die een loonsverhoging van 3% nog niet aankunnen. ,,Deze sectoren hebben al te maken met hoge loonkosten. Door de lonen verder te verhogen prijs je jezelf uit de markt en dat gaat ten koste van werkgelegenheid.” Strating benadrukt dat ook de inflatie een rol speelt bij de loonstijging. ,,Het beleid van ECB is erop gericht dat de inflatie tussen de 1,5 en 2% ligt, maar de inflatie is op dit moment lager. Als we daarvan uitgaan dan is het veel realistischer dat de lonen de komende twee jaar met gemiddeld 2% zullen stijgen.” Maar dan moeten de koopkrachtplaatjes worden bijgesteld en blijkt het voor werknemers en ondernemers er minder optimistisch uit te zien in de komende twee jaar.

Onlangs was ze te gast bij College Tour: de journaliste en activiste Naomi Klein (Montreal, 1970), waar ze werd ondervraagd door Twan Huys. Ook werd ze geïnterviewd door het dagblad Trouw. Ze staat te boek als het boegbeeld tegen het neo-liberalisme, ze is een anti-globaliste, ze is tegen de ‘vrije markt’, ze is een strijdster voor ‘vrede’ en heeft grote zorgen over het klimaat en ons milieu. Daarover heeft ze diverse boeken geschreven (klimaat, feminisme en kapitalisme). Klein studeerde filosofie en literatuurwetenschap, maar verruilde die studies voor de journalistiek. Ze begon boeken te schrijven die zich kenmerken door een activistische toon. Ze zet zich fel af tegen de ‘meedogenloze’ praktijken van grote bedrijven. De Canadese activiste houdt er rekening mee dat Trump nog vele jaren in het Witte Huis zal zetelen. Wie hem wil bestrijden, moet zich richten op zijn kiezers, is haar boodschap. Ze heeft haar laatste boek ‘Nee is niet genoeg’ in grote haast geschreven, het was ‘een race tegen de klok’. De problemen die ze aansnijdt zijn dan ook van ‘de hoogste urgentie’, vindt ze. President Donald Trump vormt een bedreiging: in de gezondheidszorg en de economie voor Amerikanen en voor de hele wereld, met zijn wispelturige buitenlandse politiek en klimaatbeleid. Kleins ‘Nee is niet genoeg’ leest als één lange aanklacht tegen hem. Hij past in een trend waarin infotainment belangrijker is dan nieuws en waarin alles om hem draait. “Het meest angstaanjagend vind ze dat Trump in z’n eentje een nucleaire aanval kan bevelen. Op de meeste andere terreinen is er een systeem van checks and balances – hij kan niet zomaar de gezondheidszorg ontmantelen of de belastingen voor de rijken verlagen, daarbij heeft hij de medewerking van zijn kabinet (administration) en van het Congres nodig. Maar hij kan wel op eigen houtje een atoomoorlog beginnen, niemand kan hem daarbij stoppen, zelfs zijn vicepresident Mike Pence niet. Ze maakt zich grote zorgen over de wijze waarop hij met een grote internationale crisis zal omgaan. Hij is een racist, dat geloof ik echt, zegt ze. En ook een seksist trouwens. En een leugenaar, z’n hele leven staat bol van de leugens.” En een idioot. Dat is nogal wat als je zo een wereldleider neerzet. En toch stelt deze 47-jarige journaliste dat “je hem niet moet behandelen als iemand die helemaal niks kan. In veel dingen is hij een stomme vent. Maar hij heeft zichzelf wel extreem rijk weten te maken, heeft zich uit een hoop faillissementen gered, ook door zakenpartners te belazeren, kortom, hij weet hoe je moet overleven. Hij heeft van zijn leven een soapopera gemaakt, weet precies hoe je de media moet bespelen, en krijgt steeds weer gratis publiciteit door buitengewoon grof te zijn en door zijn waanzinnige tweets. Er hangt permanent drama om hem heen.” De vraag van mij is of je hem daarvoor credits moet toekennen. Je kunt hem er ook voor in het gevang zetten. Opmerkelijk is dat veel Trumpstemmers de dupe zullen zijn als Obamacare wordt afgeschaft, de belastingen voor de rijken omlaag gaan en die voor de gewone Amerikaan omhoog. “Trump heeft iets ongelooflijks gedaan: hij heeft Amerikanen ervan overtuigd iemand te vertrouwen die fundamenteel onbetrouwbaar is. Hij gaat hen verraden, we gaan de komende jaren het ene na het andere verraad zien. De Amerikaanse media zouden zich daar eens mee bezig moeten houden, uitpluizen wat het voor gewone mensen betekent als Obamacare wordt afgeschaft. Ga de straat op, praat met hen, onderzoek wat de gevolgen zijn van de politiek van Trump, gewoon het klassieke journalistieke werk. Dat gebeurt veel te weinig. In plaats daarvan is er op de tv vooral aandacht voor de schandalen waarin hij verwikkeld is.” De vraag rijst dan bij mij ‘wat de positie van de journalistiek is in dit proces?’ Het imago van de VS is door Trump ronduit slecht, slechter dan ooit, zeker ook hier in Europa. “Trump is nu een jaar geleden gekozen, en nog altijd hebben de Democraten geen deugdelijk plan over hoe ze het bewind weer over kunnen nemen. Ze wachten nu lijdzaam af wat het onderzoek naar de banden tussen Trump en de Russen oplevert. Ze hopen dat de president daarna afgezet kan worden, ze zijn helemaal geobsedeerd door zo’n impeachment. Maar dat is geen politieke strategie, je maakt jezelf afhankelijk van anderen. Ik zou zeggen: verzin zelf eens wat inhoudelijks.” “Het kan snel veranderen, kijk naar Groot-Brittannië: een jaar geleden gaf niemand een cent voor de kansen van de Labourpartij en haar leider Jeremy Corbyn, dit voorjaar won hij bijna de verkiezingen. Terwijl geen enkele politicus zo’n slechte pers had als hij. Ook Klein memoreert dat deelstaten en steden meewerken aan de afspraken van het Parijse Klimaatverdrag zoals “in Seattle bijvoorbeeld, en in Los Angeles. Los Angeles wil zo snel mogelijk voor 100 procent duurzame energie, Pittsburgh ook. Dat kan, want we betrekken onze energie namelijk niet van Washington, dat is een taak voor staten en steden.” “Een ander voorbeeld is Obamacare. We moeten ons blijven verzetten tegen Trumps pogingen om deze ziektekostenverzekering af te schaffen. Tot nu toe met succes: het is de president nog niet gelukt want er zijn voldoende Republikeinse Congresleden geweest die zich op dit punt tegen hem hebben gekeerd.” Wat is uw doel? Moet Donald Trump weg? Ze denkt “dat dat niet eens genoeg zou zijn. Want dan krijg je z’n vicepresident, Mike Pence. Het grote gevaar van Trump is dat, afgezet tegen hem, iedereen goed lijkt. Dat is natuurlijk niet zo. Het uiteindelijke doel is wat anders: een eerlijke, groene economie die niet op voet van oorlog met de planeet verkeert. Als je alleen tegen Trump bent, leg je de lat wel heel erg laag, we kunnen beter dan dat.” De milieu-problematiek ligt niet alleen in de VS. In 2015, tijdens de campagne van de parlementsverkiezingen in Canada, stelden milieu-activisten, wetenschappers, feministen, inheemse groepen en mensenrechtenactivisten het zogeheten Leap-manifest op (leap = sprong). Daarin bepleiten ze een integrale aanpak van de problemen die de aarde bedreigen, onder het motto ‘alles hangt met alles samen’. Vooropstaat het streven naar een groene, rechtvaardige economie zonder fossiele brandstoffen. Maar het manifest bepleit ook verlaging van de militaire uitgaven, zwaarder belasten van hogere inkomens, bestrijden van racisme en seksisme, en verbetering van de positie van inheemse groepen. Het manifest was vooral gericht tegen het beleid van de Conservatieve premier Harper (die de verkiezingen verloor), maar ook de programma’s van de Liberalen van huidig premier Justin Trudeau en de linkse NDP werden als onvoldoende gekwalificeerd. Initiatiefnemers waren onder andere Naomi Klein en haar man Avi Lewis, documentairemaker. Ook artiesten als Donald Sutherland, Neil Young en Leonard Cohen tekenden. Op zich hoor en lees ik een aanklacht tegen het neo-liberale beleid en van het kapitalistische handelen en denken. Geld moet weer terug naar het ruilmiddel en het moet niet langer een machtsmiddel zijn van de Westerse wereld.

Om de kritiek op het bewind van Trump te onderschrijven heeft de Amerikaanse president forse kritiek geuit op het Consumer Financial Protection Bureau (CFGP), dat instaat voor consumentenbelangen in de financiële sector. De consumentenbelangen worden geofferd op het altaar van de banken en financiële instellingen. Een dag eerder had het staatshoofd een nieuwe interim-directeur aangesteld. “Het CFPB is een totale ramp geweest onder de leiding van de directeur die onder de vorige regering werd gekozen”, haalt Trump uit op Twitter. “Financiële instellingen zijn geruïneerd en zijn niet in staat om het publiek naar behoren te dienen. We zullen het doen heropleven! ” Trump had eerder Mick Mulvaney, directeur begroting van het Witte Huis, aangesteld als interim-directeur, een benoeming die heel wat kritiek veroorzaakte. Enkele uren eerder had het uittredende hoofd, Richard Cordray, zijn adjunct Leandra English al aangeduid om zijn stoel te vullen. Kritiek kwam onder meer van de Democratische senator Elizabeth Warren. Volgens haar had de functie van interim-directeur wel degelijk naar English moeten gaan. Ze baseert zich daarbij op de “Dodd-Frank Act”, die in 2008 na de financiële crisis werd doorgevoerd en de financiële sector strengere regels oplegt. “The Dodd-Frank Act is duidelijk: als er een vacature is voor directeur bij het CFPB, dan wordt de adjunct-directeur de interim-directeur. Daar kan Donald Trump niet omheen”, zegt ze op Twitter. “Donald Trump kan wel de volgende CFPB-directeur benoemen, maar tot die benoeming is bevestigd door de Senaat, is Leandra English interim-directeur.” Het Witte Huis zegt recht in zijn schoenen te staan en zich te baseren op de “Vacancies Act”, die de regels voor vacatures bij overheidsagentschappen vastlegt. Trump trekt zich van ‘regels’ niets aan als ze hem niet uitkomen, hij negeert ze en regeert met harde hand. Van bescherming van consumentenbelangen in de financiële sector moet hij niets hebben.

Positief en negatief nieuws voor Nederland afkomstig van de OESO, Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, een samenwerkingsverband van 35 landen om sociaal en economisch beleid te bespreken, te bestuderen en te coördineren. De aangesloten landen proberen gezamenlijke problemen op te lossen en trachten internationaal beleid af te stemmen. De lidstaten zijn overwegend welvarende landen. Het lage btw-tarief in Nederland kan best nog verder omhoog, vindt de OESO. Volgens de denktank is het verhogen van de btw een relatief veilige manier om op andere vlakken weer extra investeringen en belastingverlagingen mogelijk te maken. Nederland heeft nu btw-tarieven van 21% en 6%. Het kabinet wil het lage tarief, dat geldt voor onder andere etenswaren en kappersbeurten, verhogen naar 9%. Die plannen stuitten nu al op verzet bij oppositiepartijen, maar volgens de OESO zou het gat tussen het hoge en lage btw-tarief in aanvulling op de voorgestelde maatregel nog wel wat kleiner mogen worden. Het gaat de belangrijke internationale organisatie er vooral om dat Nederland geld vrijmaakt om bijvoorbeeld de belasting voor lage inkomens en tweeverdieners met jonge kinderen verder terug te brengen. Dat zou de deelname van vrouwen aan de arbeidsmarkt extra kunnen aanjagen. Ook pleit de OESO voor meer overheidsinvesteringen in onderzoek en innovatie. De economische vooruitzichten voor Nederland zien er voorlopig wel goed uit. De OESO rekent voor Nederland nu op een groei van 3,3% dit jaar en 3,1% volgend jaar. Voor 2019 ligt de prognose op 2,4%. Deze voorspellingen zijn aanzienlijk positiever dan eerder dit jaar. De OESO heeft zijn ramingen, net als bijvoorbeeld het Internationaal Monetair Fonds (IMF), flink naar boven bijgesteld na het onverwacht krachtige economisch herstel dat ons land in het tweede kwartaal liet zien. Wel een aandachtspunt vormt de steeds groter wordende groep zelfstandigen en mensen met tijdelijke contracten. Verder blijft de uitkomst van de brexitonderhandelingen een belangrijk risicopunt voor Nederland. De OESO wijst tevens op de hoge hypotheekschulden bij huishoudens. Net als het IMF en ook De Nederlandsche Bank (DNB) ziet de OESO het liefst dat Nederland meer perken stelt aan het bedrag dat maximaal geleend kan worden voor een huis. Met de wereldeconomie in het algemeen gaat het volgens de OESO eveneens de goede kant op. De verwachte groei schommelt komende jaren rond de 3,6% en 3,7%. Door extra hervormingen en investeringen zou de groei in veel landen wel nog hoger kunnen uitkomen, aldus de denktank. Reactie: Aan het verder verhogen van het lage BTW-tarief kleven sociale problemen. Maar liefst 1 op de 9 kinderen in Nederland groeit op in armoede. Voor kinderen kan dit betekenen dat er onvoldoende geld is voor voedsel, kleding of een verwarmd huis. Het gaat om enkele honderdduizenden kinderen, misschien wel 400.000. ‘De armoede daalt,’ meende staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken, PvdA) vorig jaar in reactie op de laatste armoedecijfers van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). ‘De koopkracht van werkenden met een laag inkomen is deze kabinetsperiode dan ook het sterkst gestegen van alle groepen.’ Ze zei dat wel ‘maar is dat ook zo’? Daalt de armoede wel? Nederlandse armen zijn steeds vaker mensen die misschien geen honger hebben, maar wel een berg ongeopende post. Mensen die lamgeslagen onder een dekentje liggen met de gordijnen dicht. Die de deur voor niemand meer openmaken, uit angst voor deurwaarders. Het zijn mensen die op een camping op de Veluwe gaan wonen, op de vlucht voor hun schuldeisers. Die Nederlandse armoede zie je niet terug in de cijfers. Want voor de rekenaars van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), het Sociaal en Cultureel Planbureau en Eurostat bestaat het rijk der schulden niet. Toch zijn die armoedecijfers wel van wezenlijk belang. Gemeenten gebruiken de gegevens bijvoorbeeld om te bepalen wie aanspraak mag maken op armoederegelingen. Maar deze cijfers zien mogelijk tienduizenden, zo niet honderdduizenden arme mensen over het hoofd. In het TV-programma Radar zag ik een dochter met een bijstandsuitkering die als mantelzorger haar dementerende moeder verzorgde. De Sicherheidspolizei van de gemeente verdacht de 62-jarige dochter ervan dat zij boodschappen had gedaan voor zichzelf met het bankpasje van haar moeder, die onbekwaam is. Het bewijs dat werd aangevoerd was dat zij bij de Gemeentelijke Bijstand niet had gemeld dat zij en haar zus beiden de pincode hadden van het pasje van hun moeder. De aanname is dat daarmede fraude is gepleegd. Verder bewijs is er niet, maar dat hoefde van de rechter ook niet. De gemeente beëindigde de bijstandsuitkering en eist twee jaar bijstand terug. Vreemd in dit dossier is dat er geen enkel hard bewijs is van frauduleus handelen, alleen verdenkingen en aannames, maar dat is voldoende voor Justitie om de bewijslast om te keren. De mantelzorger moet aantonen dat ze nooit fraude heeft gepleegd en dat kan ze niet. Er moet een einde komen aan het ‘wantrouwen’ vanuit de politiek richting mantelzorgers. Door de huidige wet- en regelgeving (de Participatiewet) krijgt deze groep veel te veel tegenwerking, stelt Mezzo, de landelijke vereniging voor iedereen die zorgt voor een naaste. ,,Mantelzorgers gaan een steeds grotere rol spelen in de zorg

voor ouderen. Maar van de overheid krijgt deze groep wantrouwen in plaats van erkenning. Met het oog op fraude zijn er nu zoveel regels, maar deze groep heeft het beste met hun naasten voor. Ze verdienen veel meer vertrouwen”, zegt een woordvoerster van de belangenorganisatie. Bij samenwonen om te mantelzorgen bestaat de kans dat er wordt gekort op de bijstandsuitkering (mantelzorgboete) en kan de mantelzorger uit huis worden gezet (medehuurderschap). ,,En de mantelzorger kan van het kastje naar de muur worden gestuurd voor een mantelzorgverklaring die formeel niet bestaat”, aldus de zegsvrouw. Bij Mezzo komen steeds vaker meldingen binnen van mensen die in de problemen komen. Het televisieprogramma Radar besteedde er eerder deze week ook aandacht aan. ,,Na deze uitzending hebben we ook meer telefoontjes gekregen. Mezzo is momenteel in gesprek met het ministerie van VWS over de regels die mantelzorgers ontmoedigen in de zorg voor een ander.” Het leermoment: geef burocraten nooit macht, want de burger loopt het risico dat hij/zij wordt beschuldigd van een misdrijf zonder er bewijs op tafel ligt.

Günter Hannich, een Duitse vermogensanalist, dat “die Eurokrise scheint – zumindest für das Gros der Massenmedien – gelöst und beendet zu sein. Leider ist es aber so, dass die Krise, die im Kern ja eine Schuldenkrise, eine Staatsschuldenkrise ist, alles andere als überwunden ist. Ganz im Gegenteil. Selbst die Bürokraten bei der EU in Brüssel machen sich völlig berechtigt Sorgen um die Staatsfinanzen in einigen Mitgliedsstaaten. Jahr für Jahr schaut die EU-Kommission genau auf die Haushaltspläne der diversen Staaten. Und da gerät das Krisenland im Süden, Italien, einmal mehr in den Fokus. Erst jüngst bekam die italienische Regierung deswegen den blauen Brief aus Brüssel. EU-Finanzkommissar Moscovici macht in dem Brief der italienischen Regierung klar, dass bei der Bewertung der Haushaltspläne aller Euro-Länder Italien besonders schlecht abschneiden würde. Konkret heißt es, dass die immense Verschuldung von Italien ein großes Risiko für die gesamte Eurozone sei. Zweifelsohne, Italien kämpft und leidet seit Jahren mit einer tiefen Wirtschaftskrise. Die Italiener haben nunmehr einen gewaltigen Staatsschuldenberg von 2,2 Billionen Euro angehäuft. Und die Bankenkrise ist alles andere als beendet, geschweige denn gelöst. Wenig verwunderlich, dass sich die Bürokraten in Brüssel große Sorgen um Italien machen. In dem blauen Brief an die Regierung in Rom heißt es wortwörtlich, dass eine so hohe öffentliche Verschuldung den Handlungsspielraum für produktivere Investitionen zugunsten der Bürger einschränken würde. Das ist schon mehr als nur ein erhobener Zeigefinger. Anders formuliert, selbst in Brüssel sind die Eurokraten ob der Lage in Italien äußerst besorgt. Damit aber nicht genug. Es gibt weitere Länder, deren Budgteplanung die Eurokraten umtreibt. Selbst Länder wie Österreich, Belgien, Portugal und die Slowakei werden wohl im Neuen Jahr 2018 die Haushaltsziele, die im Währungs- und Stabilitätspakt vorgeschrieben wurden, nicht erreichen. Besonders schlecht steht es dabei um die belgischen Staatsfinanzen. Ja, liebe Leser, die Eurokrise ist zwar nicht mehr im Fokus der Medien. Fakt ist aber, dass wir meilenweit von einer wirklichen Lösung entfernt sind. Im Gegenteil. Schon im Neuen Jahr 2018 stehen extrem wichtige Parlementswahlen im Krisenland Italien an. Sollten bei der Wahl, die spätestens bis zum 20.5.2018 abgehalten werden muss, dann eurokritische Parteien relativ gute Ergebnisse erzielen, wird die Debatte um den Euro auch massenmedial in deutschen Landen wieder hochkochen. Alles eine Frage der Zeit eben….”

Liebe Leser, neben dem politischen Chaos in Berlin stehen aktuell fast nur positive Daten zur wirtschaftlichen Lage auf der Agenda. Es ist schon bezeichnend, dass die Bankenkrise, die ja keinesfalls beendet und gelöst ist, nur noch als Randnotiz erwähnt wird. Und da wären wir wieder beim nach wie vor desaströs schlechten Zustand der Banken in Italien. Hier ist die Lage weiterhin extrem angespannt, ja prekär. Sie erinnern sich vielleicht, dass nicht vor allzu langer Zeit die älteste Bank der Welt, die Monte dei Paschi die Siena, vom italienischen Staat gerettet werden musste. In diesen Spätherbsttagen geht es nun um die neuntgrößte Bank des Landes, die vor dem Zusammenbruch gerettet werden muss. Konkret geht es um die altehrwürdige Banca Carige, die 1483 gegründet wurde. Die Bank betreibt 600 Filialen und betreut sage und schreibe eine Million Kunden. Schockierend hoch ist allerdings die Lasten der faulen Kredite, die sich im Kreditbuch der Bank aus Genua angehäuft haben. Hier reden wir über eine gigantische Verlustsumme von drei Milliarden Euro, die seit dem Jahr 2013 aufgelaufen ist. Wenig verwunderlich, dass die Bank mit einer extremen Kapitalerhöhung und einer Finanzspritze der Anleihenbesitzer insgesamt 560 Millionen Euro einwerben muss, um nicht von der Bildfläche zu verschwinden. In der Praxis heißt das, dass die Anteilseigner, die Aktionäre der Bank durch die anstehende Mega-Kapitalerhöhung gnadenlos kalt enteignet werden. Die Aktionäre müssen nun bis zum 6.12.2017 neue Aktien im Gesamtwert von 500 Millionen Euro zeichnen. Wohl gemerkt, wir reden hier von einem Ausgabekurs der neuen Aktien von einem Cent pro Aktie. Ja, Sie lesen richtig, die Aktie der Banca Carige ist auf ein Niveau von nur noch einem Cent verkommen. Anders formuliert, die Aktionäre haben ihren Kapitaleinsatz aufgrund des extremen Kursrückgangs bereits fast komplett verloren. Es wird spannend, ob insbesondere die vielen Kleinaktionäre weiteres frisches Geld der Bank zuschießen. Immerhin hat sich ein internationales Bankenkonsortium, das aus der Deutschen Bank, der Barclays Bank und der Credit Suisse besteht, dazu verpflichtet, die nicht platzierbaren neuen Aktien zu kaufen. Womöglich ist das auch nicht die letzte Finanzspritze, die die Bank braucht. Im offiziellen Prospekt zur Kapitalerhöhung räumt die Bank selbst ein, dass die Betriebsmittel nicht ausreichen würden, um den Bedarf für die nächsten zwölf Monaten zu decken. Zudem sei nicht ausgeschlossen, dass die EZB eine weitere Stärkung des Kapitalpolsters fordert. Ja, liebe Leser, das dramatische Beispiel der Banca Carige zeigt leider sehr klar auf, dass die Bankenkrise in Europa auch im Jahr 2017 im Hintergrund weiterschwelt und nicht gelöst ist. Die Bundesregierung trifft in aller Heimlichkeit die Vorbereitungen für eine rasche und gnadenlose Beschlagnahmung von Privatgold. Betroffen sind Goldbesitzer, ab einer Freigrenze von 10 Gramm, aber auch Anleger und Sparer gleichermaßen!!! Lees het artikel over de voorbereiding over de inbeslagname van goud in bezit van de bevolking.

http://www.srv3.de/ov?mailing=2HRW6HWJ-5TQTXD&m2u=2HT4KSEN-2HRW6HWJ-14IEKW1&SYS=230&SCID=amFuYmxAbmtlc3RlaW4ubmw%3D&utm_source=4016638430&utm_medium=email&utm_campaign=195420265507_2017-11-30T17%3A00_%5BAC%5D+Newsletter+vom+30.11.2017

Roland Nündel schrijft “völlig unbeachtet von der Öffentlichkeit wurden in den letzten Monaten folgende Maßnahmen eingeleitet: Kontrolle: Die Behörden registrieren privaten Goldbesitz und speichern die Daten der Eigentümer. Das Bankgeheimnis ist quasi aufgehoben. Goldverbot: Zugleich wurde klammheimlich die gesetzliche Grundlage geschaffen, privaten Goldbesitz ab einer Freigrenze von 10 Gramm zu verbieten. Zwangsverkäufe: Banken manipulieren den Goldpreis und bestimmen so den staatlich festgesetzten Rückkaufwert für Ihr Gold! Dahinter steckt eine unsägliche Allianz aus Zentralbanken und internationalen Großbanken, aus Regierungen und Politikern. Normale Bürger ahnen nichts davon und sind dieser mächtigen Goldverschwörung praktisch schutzlos ausgeliefert! Das perfide an diesem Vorgehen: Die meisten Anleger und Sparer denken, sie wären nicht betroffen. Ein fataler Irrtum! Fest steht, geht der Staat dem Bürger ans Gold, geht es ums Ganze! Dann sind auch Spareinlagen, Tagesgeldkonten, Lebensversicherungen und alle weitere Vermögenswerte in Gefahr! Die Einlagensicherung kann jederzeit aufgehoben werden! Gold ist das älteste Zahlungsmittel der Welt. Es hat niemals in seiner Historie, in über 6.000 Jahren, seinen inneren Wert verloren. Es ist für Millionen sicherheitsorientierte Menschen ein einzigartiger Krisenschutz. Aber…… Wer Gold besitzt, lässt sich mit Kräften ein, die gierig, skrupellos und ganz offenbar allmächtig sind! Es handelt sich um Insider-Wissen, von solcher Brisanz, dass alles, was Sie bisher über Gold gewusst haben, auf den Kopf gestellt wird! Wir bitten Sie eindringlich um äußerste Vorsicht!

Of bovenstaand bericht fake-news is of berust op betrouwbare informatie laat ik in het midden. Maar er bestaat in Nederland een al oude Vorderingswet, waarin is geregeld waartoe de regering gemachtigd is in noodsituaties. Wet van 12 december 1962, houdende een regeling betreffende het vorderen van zaken door de landsoverheid. 

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz. Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is een nieuwe regeling vast te stellen betreffende het vorderen van zaken door de landsoverheid; Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze: 

Artikel 1

  • 1 Voor de toepassing van het bij en krachtens deze wet bepaalde worden onder zaken verstaan de voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten.

  • 2 Met betrekking tot vermogensrechten kan in dezelfde gevallen een vordering plaats vinden als met betrekking tot zaken. Voor zover geen andere regels zijn gegeven, is het bij en krachtens deze wet met betrekking tot zaken bepaalde van overeenkomstige toepassing.

  • 3 Op grond van het bij en krachtens deze wet bepaalde is geen vordering toegelaten van enig recht dat betrekking heeft op

    • a. alle vaartuigen, hoe ook genaamd en van welke aard ook, welke geheel of in hoofdzaak tot de vaart ter zee zijn bestemd;

    • b. effecten, betaalmiddelen, geldswaardige papieren, goud, vorderingen en documenten waarin zodanige vorderingen zijn belichaamd, ten aanzien waarvan het bepaalde bij of krachtens de Wet financiële betrekkingen buitenland 1994 van toepassing is.

Artikel 2

De toepasselijkheid van deze wet wordt beperkt door de in het volkenrecht erkende uitzonderingen. En zo voort, en zo voort, en zo voort ………………………………………………… Formeel gezien kan de Nederlandse overheid dus besluiten om goud van haar burgers te nationaliseren, zoals wordt omschreven in artikel 26 van de Noodwet Financieel Verkeer (25 mei 1978). De minister-president heeft volgens deze noodwet de bevoegdheid om in uitzonderlijke situaties gouden munten, goudbaren en onbewerkt goud in te vorderen. Denk hierbij aan een situaties waarbij de Europese muntunie sneuvelt, de financiële markten niet meer normaal kunnen functioneren en/of in Nederland oorlog uitbreekt. Betekent dat dat de overheid goud mag confisqueren? In beginsel moet deze vraag bevestigend worden beantwoord. Allereerst is het goed om een onderscheid te definiëren tussen ‘confisqueren’ en ‘nationaliseren’. Bij confisqueren neemt de staat het goud in beslag en staat hier geen vergoeding tegenover. Bij een ‘nationalisatie’ eist de staat ook het goud op, maar zet hier een vergoeding tegenover. Dit laatste hebben we ook gezien bij de ABN Amro bank die in 2008 genationaliseerd is. De Nederlandse staat heeft zowel de mogelijkheid van confisqueren als nationaliseren. De minister van Financiën heeft de bevoegdheid om gouden munten, fijn goud, onbewerkt goud of halffabricaten te vorderen van ingezetenen van Nederland. Op grond van de Coördinatiewet Uitzonderingstoestanden (3 april 1996) en de hierin genoemde afroep van de noodtoestand kan deze noodwet in werking worden gesteld. Dat de theoretische mogelijkheid er is dat de Nederlandse staat het goud in beslag kan nemen wil niet zeggen dat deze kans ook in de praktijk reëel is. Een dergelijke actie zal niet zonder meer geaccepteerd worden door de Nederlandse burger. Daarbij is een confiscatie lastig uitvoerbaar. Er is geen register van goudbezit en daarbij is goud in veel verschillende vormen aanwezig. Maar de fiscus beschikt wel, uit de aangiftes IB voor de vaststelling van de vermogensrendementsheffing over bezittingen in box 3: sparen en beleggen, over indicaties. Daarbij wordt het bezit van edele metalen geduid als een vorm van beleggen. Zo wordt er volgens deze wet geen mogelijkheid gegeven voor het confisqueren van sieraden. Maar dat de mogelijkheid van confiscatie er is blijft een feit. In Nederland is deze confiscatie of nationalisering van goud nooit voorgekomen. De Verenigde Staten is een goed voorbeeld waar wel, in de dertiger jaren van de vorige eeuw, een nationalisering van goud is voorgekomen. In 1933 heeft President Roosevelt, onder Executive Order No. 6102, de gehele Amerikaanse particuliere goudvoorraad opgeëist. Het werd verboden om goud in bezit te hebben en de burgers werden verplicht om hun goud in te leveren bij de FED. Hierbij was er wel een compensatie van $ 20,67 per troy ounce (31,1 gram) voor het goud. De reden die genoemd werd was het sterker maken van de dollar die door de economisch depressie aanzienlijk verzwakt was. Critici spreken over een grote goudroof, aangezien de FED een jaar later de prijs op $ 35,- vaststelde. Deze week sloot de prijs van een troy ounce goud op $1279,60.

Ik kwam deze week een interessant opiniestuk tegen van emeritus hoogleraar economie aan de VU en de TU Delft, Alfred Kleinknecht. Hij studeerde in 1977 af in de economie aan de Vrije Universiteit Berlijn en was daarna enige tijd aan het Wissenschaftszentrum Berlin verbonden. In 1984 promoveerde hij aan de VU in Amsterdam. Sindsdien is hij verbonden geweest aan de Universiteit van Maastricht, de Universiteit van Amsterdam, wederom de Vrije Universiteit Amsterdam en van 1997 tot 2013 aan de TU Delft. In 2006 was hij gasthoogleraar aan de Universita in Rome en in 2009 was hij gasthoogleraar aan de Université Paris 1 Pantéon-Sorbonne in Parijs. Sinds 2013 is onder andere hij verbonden aan de Hans-Böckler-Stiftung in Düsseldorf. Kleinknecht is geliefd bij de media vanwege zijn veelal afwijkende maar doordachte kijk op de economische actualiteit. In een opiniërend stuk, https://www.trouw.nl/opinie/waarom-afschaffing-dividendbelasting-roekeloze-overnames-aanmoedigt~a5efe315/, zet hij vraagtekens bij de positieve verwachtingen van de premier over het afschaffen van de dividendbelasting voor buitenlandse aandeelhouders. Het kabinet Rutte III verwacht daarvan dat ons land internationaal concurrerend blijft als vestigingsland voor ondernemingen. Er wordt ook op gespeculeerd dat het afweren van vijandelijke overnames van in Nederland gevestigde ondernemingen, zoals AKZO/Nobel, door buitenlandse hedgefunds oninteressant zal worden voor investeringsmaatschappijen. Prof Kleinknecht haalt een studie naar voren van de Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen waaruit zou blijken dat veel buitenlandse aandeelhouders van Nederlandse ondernemingen helemaal geen voordeel hebben van het afschaffen van de dividendbelasting in ons land. Ingewikkelde fiscale regelingen en belastingverdragen blijken zo uitpakken dat buitenlandse aandeelhouders dan nog steeds belasting betalen maar niet aan Nederland maar aan de belastingdiensten van het thuisland. Het zou best zo kunnen zijn dat Nederland ieder jaar circa een miljard euro aan buitenlandse belastingdiensten doneert, zonder dat daar enig voordeel van wordt verkregen. Als gevolg van de ingewikkelde regelgeving zou Nederland, waar geen dividendbelasting meer wordt geheven, een aantrekkingskracht kunnen hebben op hedgefunds, speculatieve fondsen, om hier vijandige overnames van bedrijven ‘goedkoop’ te kunnen uitvoeren. Dus precies het tegengestelde van wat de premier denkt te bereiken: de argumentatie voor het laten varen van de dividendbelasting deugt niet. Lees het hele stuk om erachter te komen hoe wij extra prikkels geven aan hedgefunds om ze tot roekeloos gedrag aan te zetten.

Op de website beleggenmetkennis.nl vond ik een artikel over de Tulpenmanie in de jaren 1634-1637 en de enorme schade die de ineenstorting van de handel in tulpenbollen aanrichtte. In die tijd waren tulpen de meest gevraagde bloemen, niet alleen bij de tuinbouwkundigen, maar ook bij de “dames der uitgaande wereld” in Parijs en andere Europese centra. Grote bedragen werden er betaald voor zeldzame exemplaren en men meende, dat de tulpenhandel zulke grote mogelijkheden voor Nederland opende, dat de verschillende gilden en tuinbouwverenigingen in die tijd enorme prijzen uitloofden voor bollen met bijzondere kleur en tekening. De toenmalige Tuinbouwkundige Vereniging van Haarlem loofde een prijs van honderd duizend gulden uit voor een volkomen zwarte tulp, terwijl de stad Haarlem hieraan nog een gelijk bedrag toevoegde. Voor die tijd uiteraard een ongekend vermogen. In het begin berustte de tulpenhandel op een reële grondslag. Vóór 1634 bleef de handel beperkt tot beroepstuiniers en deskundigen, terwijl de tulpenbollen uitsluitend werden gekocht en verkocht voor teeltdoeleinden. Maar in 1634 begonnen ook anderen, hebzuchtigen die niets met de bloembollenteelt te maken hadden, bollen te kopen en te verkopen, waarmee de grote speculatie begon. Onder deze kopers bevonden zich wevers, spinners, schoenlappers, bakkers en andere kleine ambachtslieden. Toen de speculatiewoede grotere afmetingen aannam, werden andere verkoopmethoden ingevoerd: zo werden de gewone bollen per duizend aas (= 50gram) tegelijk verkocht, terwijl de meer ordinaire soorten per pond, per mand, per bed of per tuin werden verhandeld. In een bijdrage over dit onderwerp van prof. Posthumus worden ook voorbeelden gegeven van de scherpe prijsschommelingen, die zich al spoedig voordeden. Zo had een bollenkweker bijv. een “Gheel ende Root van Leyden” met een gewicht van 515 aas verkocht voor 45 gulden, terwijl de nieuwe eigenaar de bol even later weer voor 550 gulden van de hand deed. Een “Gouda”-bol van 20 aas, gekocht voor 20 gulden, werd verkocht voor 225 gulden, terwijl “Gheele Croonen” in één maand tijd stegen van 21 tot meer dan 1000 gulden, “Witte Croonen” gingen van 125 naar 3600 gulden per pond en een “Vice Roy” werd voor 6700 gulden van de hand gedaan. Cijfers, die duidelijk aantonen, welk een verbazingwekkende omvang de speculatie had bereikt. Was, zoals reeds gezegd, de handel in het begin reëel, met het toenemen van de speculatie bleken de bollen zelf niet meer dan waardemeters te zijn geworden. De kopers kochten uitsluitend met het doel, deze weer met winst te verkopen en merendeels zouden zij in werkelijkheid niet in staat zijn geweest te betalen, indien de verkoper inderdaad zou hebben geleverd. Het feit, dat het grootste deel van de handel termijnhandel was, werkte dat de windhandel ten zeerste in de hand. Met andere woorden, het werd een “boom” op papier, waarbij de bollenprijzen tot een belachelijk hoog peil stegen als gevolg van een enorme vraag en een min of meer schaars aanbod. De rage duurde in toenemende mate twee tot drie jaar. Toen kwam de onvermijdelijke ineenstorting. De grote vraag had eindelijk ook een sterk vermeerderd aanbod doen ontstaan. Kopers waren niet alleen niet geneigd, doch in vele gevallen niet in staat, om de gekochte goederen te accepteren. Begin 1637 was het vertrouwen geschokt en de prijzen van de bollen kelderden nog vlugger dan ze waren gestegen. De toestand werd in een ommezien zo ernstig, dat speciale wettelijke maatregelen nodig werden. Deze schreven voor, dat wanneer een koper weigerde de bollen te accepteren, de verkoper ze zo goed mogelijk kon verkopen, waarna echter de eerste verantwoordelijk bleef voor het door de laatste geleden verlies. Vervolgens werd door burgemeesters en wethouders van Haarlem een soort moratorium verleend. Dit tussenbeide komen van officiële zijde leidde tot het aangaan van een groot aantal akkoorden, waarbij de speculanten een zeer klein percentage van de koopprijs, tegen volledige afdoening, betaalden. In 1638 werd een commissie benoemd, die moest trachten, een vriendschappelijke regeling ten aanzien van het grote aantal onuitgevoerde contracten te bewerkstelligen. De Haarlemse overheid machtigde de commissie alle contracten te annuleren tegen betaling van een afkoopsom, door de koper aan de verkoper te voldoen, ten bedrage van 3½ % van de contractprijs. Terwijl het grote publiek, dat aan deze windhandel had deelgenomen, aanzienlijke verliezen leed, werd het grootste verlies toch gedragen door de bollenkwekers zelf. Zij hadden hun bollen gekweekt en verkocht zonder in vele gevallen de verkoopprijs te ontvangen en de bollenindustrie bleef gedurende vele jaren financieel volkomen gedesorganiseerd als gevolg van de rage. De bedragen, die in de tulpenspeculatie werden verloren, zijn niet bekend, doch met zekerheid kan gezegd worden, dat duizenden kleine speculanten niet alleen al hun beschikbare geld hadden verloren, maar ook het merendeel van hun hebben en houden, daar een aanzienlijk deel van de bollenhandel werd gedreven tegen betaling in alle mogelijke goederen. Prof. Posthumus noemt als zodanig: koeien, fruit, wijn, stoffen, zilver, paarden, voertuigen, land, huizen, winkelneringen en schilderijen. Zoals het geval is bij elke hoogconjunctuur, waren er handelaren, die vroeg genoeg de “meltdown” zagen aankomen; op tijd hun winsten incasseerden en de speelzaal verlieten. Maar over het algemeen genomen bleek voor veel speculanten de tulpenkoorts een zeer kostbare geschiedenis te zijn geweest. De Tulpencrisis is een prachtig voorbeeld van hoever speculatie en hebzucht kunnen gaan. In de bijna vierhonderd jaar daarna zouden nog vele crisissen volgen. De menselijke natuur is van dien aard dat deze ook tot in de verre toekomst zullen blijven bestaan, zolang er speculatieobjecten en speculanten zijn. Hebzucht is nu eenmaal een onuitroeibare drijfveer.

De Nederlandse economie draait als een tierelier, maar in Denemarken is de krimp van de economie in het 3e kwartaal teruggevallen naar 2011. De economie daalde met 0,6% ten opzichte van het 2e kwartaal 2017. De groei was toen 0,6%, waardoor de groei en de krimp tegenover elkaar wegvallen: de export viel terug en de bestedingen van de consumenten vielen terug.

Griekenland, de landen van de eurozone en het IMF hebben een voorlopig akkoord bereikt over hervormingen die Athene zal doorvoeren in ruil voor financiële steun. De overeenkomst betreft, volgens persbureau Reuters, een groot aantal afspraken op terreinen als energielevering, de Europese arbeidsmarkt, privatiseringen in Griekenland van overheidsdiensten en de afbouw van de portefeuille met ’zwakke’ leningen. Bij een akkoord zal er tot €5 miljard aan leningen van een totaalpakket van €86 miljard worden overgeboekt aan Athene, het derde steunpakket sinds 2010. Terwijl de functionarissen afgelopen dagen tot afspraken probeerden te komen, protesteerden de Grieken tegen de slechte levensomstandigheden. In Athene gingen gepensioneerden de straat op om hun beklag te doen over de armoede. Bij het parlement kwam het tot rellen met de politie. Dit pakket, de derde fase van het reddingsprogramma, moet uiteindelijk leiden tot de terugkeer van Griekenland naar de kapitaalmarkt zonder beperkingen. Het is een akkoord van topambtenaren. De ministers van Financiën van de eurozone moeten zich nog wel uitspreken over de details van deze overeenkomst tijdens een vergadering op 4 december. Met hun steun zou het pakket voor eind januari gereed voor verzending zijn. Na zeven jaar van zware bezuinigingen in Griekenland en telkens nieuwe steunpakketten met leningen oplopend tot €270 mrd, claimde Athene dat deze derde redding zijn laatste zou zijn. Een ander dossier in Athene is dat van de vluchtelingenkampen op de Griekse eilanden, die onder dramatisch slechte omstandigheden overvol zitten. Oorlogsvluchtelingen wachten nog altijd op de uitslag van hun asielaanvraag. Van het terugsturen van vluchtelingen, die op de eilanden bivakeren, naar Turkije komt niets terecht. De Griekse regering gaat daar nu, met de winter op komst, wat aan doen. Een aantal worden overgebracht naar het vasteland.

Het dossier Poch is nog niet afgehandeld. Hij is vrijgesproken van oorlogshandelingen maar het Argentijnse OM gaat tegen de vrijspraak in beroep. Hij zou wel terug naar Nederland kunnen in afwachting van de behandeling van het hoger beroep.

©2017 hannesdewitte@gmail.com

Slotstand indices d.d. 1 december 2017; week 48: AEX 535,57; BEL-20 3964,28; CAC-40 5316,89; DAX 30 12.861,49; FTSE 100 7300,49; SMI 9294,55; RTS (Rusland) 1133,33; DJIA 24231,59; NY-Nasdaq 100 6337,874; Nikkei 225 22819,03; Hang Seng 29.082,31; All Ords 6075,50; SSEC 3,317.617; €/$ 1,1891; goud $1287,90; dat is €34.570,02 per kilo; 3 maands Euribor -0,326% (1 weeks -0,376%, 1 mnds -0,369%), 10 jarig Nederlandse Staat 0,471%; 10 jaar VS 2,3401%. 10 jaar Duitse Staat 0,362%, 10 jaar CHF (Zwitserse franken) -0,127%. Een liter diesel hier aan de pomp €1,219, elders €1,239. 

Dit bericht is geplaatst in Financieel/economisch. Bookmark de permalink.