UPDATE 05052018/425 Revolutie: de nieuwe economie versie 4.0 komt eraan

Om te beginnen twee stellingen, die ik hier neerleg, met het voornemen in de komende maanden daarop dieper in te gaan. De eerste is: in de Franse media wordt president Emmanuel Macron neergezet als ‘de keizer van Frankrijk’, die zich gaat profileren als ‘de keizer van Europa’. Waar staat in dit proces Angela Merkel? Op een gelijk niveau of als een volgende ondersteuner? Ze maakt niet de indruk voor de absolute leider dan wel een duo-leider. Interessant is hoe ze, beiden, afgelopen week in Washington door de Amerikaanse president werden geschoffeerd en met lege handen in Europa terugkwamen. Trump heeft het dreigement van het opleggen van invoerheffingen voor Europees staal en aluminium, nog niet uitgevoerd, maar doorgeschoven naar de onderhandelingstafel waar hij van Europa eist dat de EU zich schrap zet voor een handelsoorlog met de Verenigde Staten. Een tijdelijke uitzondering op de in maart ingestelde Amerikaanse importheffingen op staal en aluminium liep op 1 mei af. Achter de schermen werkte Brussel koortsachtig aan een oplossing. Die kwam er nog niet. EU-commissaris Cecilia Malmström (handel) heeft telefonisch spoedoverleg met de Amerikaanse minister Wilbur Ross. Volgens een woordvoerder in Brussel zijn er ,,op alle niveaus’’ gesprekken met Washington en heeft de commissie ,,permanent contact met de lidstaten.’’ De EU ,,is voorbereid’’ als er geen positief bericht komt. Bezoeken van de Franse president Emmanuel Macron en bondskanselier Angela Merkel aan president Donald Trump vorige week hebben geen resultaat opgeleverd. De commissie heeft gezegd met tegenheffingen te antwoorden op het invoertarief van 25% op staal en 10% op aluminium. Er komen nieuwe tarieven op typisch Amerikaanse producten als jeans, Harley Davidson-motoren en pindakaas. Trump eist dat de EU de importheffingen op Amerikaanse auto’s verlaagt en hij ‘eist’ dat de EU met aantrekkelijke voorstellen komt voor het Amerikaanse bedrijfsleven. Een handelsoorlog blijft nog altijd een optie, maar hoe hoog is de prijs die de EU daarvoor moet betalen. Het tweede onderwerp is de vraag over de toekomst van Europa en de positie van Nederland daarin. Macron en Merkel willen verdergaande maatregelen dan waar Rutte toe bereid is. Valt de EU in twee delen uiteen: de voortrekkers en de achterblijvers. De snelle leiders onder leiding van Macron en Merkel en de landen die een pas op de plaats willen maken zoals Rutte. Ik kom hier in de komende tijd op terug. In dit blog citeer ik, verop in dit blog, uit de column van de beide economen van socialistische komaf, Willem Vermeend en Rick van der Ploeg, uit het ‘rapport ’Technology and the Future of Work’ van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). De kernboodschap is dat de impact van de verdere opmars van digitalisering en de nieuwste technologieën, zoals kunstmatige intelligentie en robots, een ongekende maatschappelijke en economische invloed zullen hebben. Ze zullen op allerlei gebieden leiden tot diep ingrijpende automatiseringsprocessen. Alles wordt op zijn kop gezet, ook wel aangeduid als de revolutie van de nieuwe economie 4.0.’ Er zullen meer banen verloren gaan dan dat er nieuwe zullen worden gecreëerd. De uitdaging wordt of de overheid in staat is mensen op te leiden dan wel om te scholen naar de hogere eisen, die de overheid en het bedrijfsleven zullen gaan eisen. De vraag naar beta-geschoolden zal fors gaan toenemen. 

In blog 424 heb ik over de memo’s, handelend over de afschaffing van de dividendvoorheffing, waardoor jaarlijks €1,4 mrd aan inkomsten voor de schatkist wegvallen: “Een premier die de Kamer, de media en het volk misleidt, kan dit land niet langer blijven regeren. De premier zegt hierover dat hij zich niet herkent in de scherpe kwalificaties van de oppositie, maar herhaalt wel dat er fouten zijn gemaakt. Hij vindt het onterecht dat de oppositie woorden heeft gebruikt als “onwaarheid, actieve misleiding en evident leugenachtig”. Na negen uur debatteren over de dividend-memo’s dacht premier Rutte gewoon door te kunnen gaan met Rutte III. “Hij is een weer deukje rijker, maar verder liep het met een sisser af”, dachten de media (en Rutte zelf) ondanks een motie van afkeuring van de oppositiepartijen kamerbreed, zonder de 3 stemmen van de SGP, die met 67 tegen 76 stemmen werd verworpen. Nog erger is, dat als de informatie waarmee RTLZ nu naar buiten komt, juist hij nu met lege handen staat en hij mogelijk bewust het spel ‘alles of niets’ heeft gespeeld. Ik trek, wellicht enigszins voorbarig, de conclusie dat ons land op korte termijn verlost wordt van het beleid Rutte. In het wekelijkse gesprek met de Minister-President met Ron Fresen bevestigt Rutte, op een vraag of hij schade heeft opgelopen, maar niet omdat hij de memo’s niet kende, maar omdat hij in het debet in de 2e Kamer op 2/9 november 2017 niet had moeten ontkennen dat er stukken zouden zijn achtergehouden, maar dat die stukken, als ze er al waren, door hem niet openbaar zouden worden gemaakt. Ze maakten geen deel uit van het openbare formatie-archief. Rutte geeft antwoord op de gestelde vraag ‘waarom de betreffende memo’s niet in het formatiedossier zitten’, maar zegt dat hij een fout heeft gemaakt door te stellen dat hij er geen herinnering aan heeft’. Achteraf verdedigt hij zich met de uitspraak dat deze memo’s niet beschikbaar waren voor de oppositie. Het ‘waarom’ verklaart hij niet. Daarmee geeft hij een reactie op een niet-gestelde vraag, een typische Rutte draai. Rutte erkent, zogenaamd, dat hij zichzelf in de problemen heeft gebracht. De voorstelling van premier Rutte is misleidend. Het bestaan van de stukken over de dividendbelasting blijkt uit een afwijzing dd 16 maart j.l. door het Ministerie van Financiën op een verzoek voor ‘openbaarheid van bestuur’ door de UvA-onderzoekers prof. dr. J.L. (Jan) van de Streek en mr. M.F. (Martijn) Nouwen(afgestudeerd op fiscaal recht: zowel Nederlands als Europees- en internationaal belastingrecht) terzake van memo’s over het wel/niet afschaffen van de dividendvoorheffing. Zij deden daarvoor op 16 november j.l. een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur om zo onderzoek te kunnen doen naar het afschaffen van de dividendbelasting, en de overwegingen daarvan. Het Wob-verzoek gaat onder meer om een reeks notities die voor en tijdens de kabinetsformatie zijn geschreven. In de afwijzing stelt Financiën dat er ‘documenten [zijn] aangetroffen die door ambtenaren van mijn ministerie ten behoeve van de Kabinetsinformatie op verzoek van aan de informatieonderhandelingen deelnemende partijen zijn opgesteld. Interessant is het gebruik van het woord “Kabinetsinformatie”. Dat wijst in de richting van de informateurs Edith Schippers en Gerrit Zalm (beiden VVD). Zalm heeft ‘geen herinnering’ aan de betreffende memo’s. De vraag is nu of de informatie van de memo’s voor Zalm is afgeschermd dan wel dat Zalm helemaal van niets weet. Dat laatste neem ik niet aan, aangezien aan hoofdonderhandelingstafel daarover, op enig moment, moet zijn gediscussieerd. Uiteindelijk moet de tekst in de Regeringsverklaring daarover Zalm zijn gepasseerd. Ik neem aan dat Zalm daarover is geïnformeerd, maar daarover heeft hij achteraf, in de Kamer, onvoldoend inzicht gegeven. Daardoor geeft het mij een beeld van een VVD machtsgreep over het jaarlijks weggeven van €1400 mln aan de rijken der aarde. Financiën schrijft: “de stukken bieden inzicht in de voorstellen die de deelnemende partijen hebben overwogen en de gezichtspunten, argumenten en feitelijke gegevens die daarin wel of niet zijn betrokken.” In het al wel openbare formatiedossier – waarin alle documenten zitten die door de onderhandelende partijen zijn besproken – zijn geen stukken te vinden over het afschaffen van de dividendbelasting. Dit wekte op 2/9 november 2017 tijdens het debat over het afschaffen van de dividendbelasting al verbazing bij de oppositie. “Dit lijkt me zo’n ingewikkeld onderwerp. Zijn hier geen notities over voorbij gekomen aan de onderhandelingstafel, zodat die gedeeld konden worden?”, vroeg GroenLinks-leider Klaver aan D66-leider Pechtold. “Als die memo er zou zijn, zou hij [in het formatiedossier] zitten. Als dat niet zo is, is het zonder memo besproken. Rutte blijft herhalen dat hij er geen herinnering aan heeft, maar wel dat hij in bila daarover heeft gesproken. Bilateraal (bila) overleg betekent tweezijdig of wederzijds bindend. Een bilateraal gesprek wordt ook wel een gesprek onder vier ogen genoemd. De onbeantwoorde vraag hier is waarom één van de vier fractievoorzitters van het formatieoverleg onder leiding van Zalm, de demissionair premier Mark Rutte, over zo’n heet hangijzer van €1400 mln jaarlijks bilateraal overleg is gaan voeren met de drie andere fractievoorzitters, zonder dat daar iets over terug te vinden is in de formatiestukken en alle vier partijen zich daarover nog iets kunnen herinneren. Hier wordt gedoeld op een-op-een gesprekken die Rutte heeft gehad, dus buiten de hoofdonderhandelingstafel, met de drie fractievoorzitters die aan de formatie deelnamen, aan de hand van een memo van Wiebes, staatssecretaris op Financiën, als deskundig op dit onderwerp dat later door Rutte werd gebruikt als een partij-stuk van de VVD. De handelwijze roept een beeld op van een VVD-combine, van enkele vooraanstaande VVD politici, zoals dat ook het geval was bij de ‘bonnentjes-affaire’onder het kabinet Rutte II. Financiën schrijft aan de beide wetenschappers van het wob-verzoek dat de memo’s ‘op verzoek van aan de informatieonderhandelingen deelnemende partijen zijn opgesteld. En daar heb ik noch de coalitie- noch de oppositiepartijen over gehoord. Rutte spreekt hierover of dat de gewoonste zaak van de wereld is. Hij onderhandelt, buiten de geëigende wegen om, om deals te sluiten over het schrappen van de dividendvoorheffing van 1,4 mrd jaarlijks, waardoor voornamelijk Engelse beleggers worden bevoordeeld en houdt de daarvoor beschikbare info buiten de onderhandelingstafel het buiten het openbare dossier. Als mijn aannames juist zijn moet Rutte naar de Koning. Maar ik sluit ook niet uit dat Pechtold de stekker op enig moment uit het kabinet gaat trekken.

De winkelverkopen in Duitsland zijn in maart met 0,6% gedaald in vergelijking met een maand eerder, aldus het Duitse federale statistiekbureau. Economen rekenden voor maart in doorsnee op een stijging van de detailhandelsomzet met 0,8%. Het betekende de vierde maand op rij dat de detailhandelsverkopen in de grootste economie van Europa lager uitvielen. Het cijfer over februari werd wel bijgesteld naar min 0,2% van een eerdere min van 0,7%. Op jaarbasis gingen de Duitse detailhandelsverkopen in maart met 1,3% vooruit. Hier werd in doorsnee op een stijging met 1,2% gerekend.

Op DFT stond deze week een artikel van Leon Bransema, met als titel Belasting experts trekken aan de noodrem. ’Snel moet de noodtoestand uitroepen’. De Belastingdienst staat op springen. De ict-systemen staan op instorten en het gros van het goede personeel is met een riante vertrekregeling de deur uit gelopen. Het is inmiddels tien jaar geleden dat de fiscus schoon schip probeerde te maken met het vertrek van topambtenaar Jenny Thunnissen. Maar de chaos is alleen maar groter geworden. Onze belangrijkste dienst ligt bijna knock-out”, waarschuwt Michiel Spanjers, oud-adviseur van het Ministerie van Financiën. „Dat systemen eruit liggen en de dienst echt mensen tekort komt heb ik nog nooit gezien. De staatssecretaris zou de noodtoestand uit moeten roepen”, zegt Spanjers die van 2007 tot en met 2010 de rechterhand was van Jan-Kees de Jager, toen als staatssecretaris verantwoordelijk voor de fiscus. Alle alarmseinen staan inmiddels op rood voor staatssecretaris Menno Snel (Financiën), signaleren fiscaal experts en oud-staatssecretarissen. De D66’er bood de afgelopen weken een onthutsend inzicht in de staat van de fiscus. Bij de halfjaarrapportage van de fiscus wist hij bijvoorbeeld te melden dat de ict van de dienst bijna op zijn gat ligt. Daar kwam een brief over de vernieuwing bij de Belastingdienst nog eens bovenop. De conclusie daaruit: de Belastingdienst moet heel rap mensen aan gaan nemen, anders komt de handhaving en zelfs de belastingmoraal van dit land in gevaar. Er wordt nog eens bijna €100 mln voor uitgetrokken. Ten grondslag aan de teloorgang van de Belastingdienst liggen twee oorzaken: ict en personeel. De verhalen over de krakkemikkige ouderwetse systemen van de Belastingdienst zijn talrijk. Bij zijn laatste overleg met de Tweede Kamercommissie voor Financiën eind vorig jaar vertelde Snels voorganger Wiebes dat de ’bonuskaart van de grootgrutter’ soms nog geavanceerder was. Er draaien bij de dienst achter de schermen zelfs nog systemen uit eind jaren 60. Het ict-systeem van de fiscus is inmiddels een niet te ontwaren (bedoeld wordt hier: ontwarren, uit de knoop halen) verzameling van programma’s geworden. Enkele jaren geleden maakte de fiscus een overzicht en kwam tot 1200 verschillende applicaties. En toen was 10% nog niet eens in kaart gebracht. Inmiddels is dat teruggebracht tot ongeveer 900. Er is nooit één systeem gebouwd met de gedachte om dit hét systeem voor de Belastingdienst te laten zijn”, legt Spanjers uit. „Ooit is er een systeem opgezet. Daar is nog een systeem bij gekomen en toen nog één. Nu is het een kluwen van ict-oplossingen.” Het ict-landschap is een kwetsbaar punt van de fiscus. Als dat inklapt zou het zorgen voor een enorm lek in de financiering van publieke domeinen”, zegt Kees Vendrik die eerst als Tweede Kamerlid en later als lid van de Algemene Rekenkamer de fiscus twintig jaar op de voet volgde. „Het probleem is dat de winkel open moet blijven tijdens de verbouwing.” Intussen is er nog maar weinig mogelijk bij de Belastingdienst. „De dienst kan niet belast worden met wijzigingen die niet in het systeem passen”, weet Steven van Eijck, die staatssecretaris van Financiën was in Balkenende I. „Tariefswijzigingen kunnen wel. Maar nieuwe wetten vergen systeemwijzigingen. Dat is uitermate lastig. Je ziet de ict kraken in zijn voegen.” En dan is er nog het punt van personeel. Op ieders netvlies staat de compleet mislukte vertrekregeling van Snel’s voorganger Eric Wiebes. Die was zó aantrekkelijk dat in plaats van ouder laagopgeleid personeel ook veel te veel hoogopgeleide mensen de deur achter zich dichttrokken. Het kostte bijna €800 mln en liet de fiscus met een kwantitatief en kwalitatief personeelsgebrek achter. Maar fiscaal hoogleraar Leo Stevens ziet nog een ander personeelsprobleem. Hij wijst op het opzetten van de Algemene Bestuursdienst, de verzameling van de topambtenaren van de overheid, als één van de probleemveroorzakers: „Sindsdien is er een grote mate van wisselingen aan de top bij ministeries. Managers worden geacht overal inzetbaar te zijn. Daardoor verwaterde de inhoudelijke kennis van topbestuurders. Die werden op den duur vervangen door onderling verwisselbare managers.” Oud-staatssecretaris Willem Vermeend beaamt deze problemen. „In mijn tijd hadden we topfiscalisten en economen in dienst. De beste mensen zaten bij de Belastingdienst en Financiën. Dat is nu niet meer zo. En jongeren gaan liever aan de Zuidas werken.” Een oplossingsrichting vinden de kenners al net zo moeilijk te bedenken als alle staatssecretarissen die hun tanden erop stuk beten bij de Belastingdienst. Er zal in elk geval een heleboel geld in gestoken moeten worden. Vendrik: „De overheid wil altijd bedrijfsmatig opereren. Maar in het bedrijfsleven weet iedereen: als je wil saneren, moet je daar eerst voor betalen.” Een harde reset is volgens hoogleraar Stevens geen optie: „De enige stabiele factor in de afgelopen jaren is de roep geweest om de zaak stil te leggen. Maar dat heeft eigenlijk nooit gekund. De winkel moet altijd openblijven. Het is naïef om te denken dat je de fiscale wetgeving en de uitvoeringssystemen van de Belastingdienst stil kunt leggen.” De Belastingdienst reageert bij monde van een woordvoerder: „Het zal absoluut niet zo zijn dat we alle problemen snel opgelost hebben, het wordt een kwestie van de lange adem. We gaan ook geen garanties geven over hoeveel jaar het gaat duren. Eerst wilden we het groot en massaal aanpakken, nu doen we een stapje terug en kijken we wat we aan kunnen. We hadden te veel hooi op de vork genomen. We hebben specifieke maatregelen genomen om de continuïteit te waarborgen.” En tot slot een persoonlijke inbreng. Ik ken iemand van oudere leeftijd, die vorig jaar zijn vrouw verloor. Bij de invulling van de aangifte IB2017 heeft hij eerst geverifieerd of het juist was of hij in de aangifte zijn overleden echtgenote nog als ‘fiscaal partner’ mocht inbrengen. Dat mocht hij. Digitale aangifte opgestart, vooringevulde data opgehaald, gecontroleerd en aangevuld en gereedgezet voor verzending. Maar daar ging het fout. De DigiD van de fiscale partner blokkeerde. Belastingdienst gebeld. Dat klopte, ze hadden gelijk moeten zeggen dat daarvoor een papieren versie moet worden ingevuld. Een paar dagen later viel het P-formulier in de bus. Ingevuld en verstuurd. Volgende dag valt een F-formulier in de bus. Gebeld, het P-formulier was voor de aangifte voor de man en het F-formulier voor zijn overleden vrouw. Of hij beide formulieren nog een keer in wilde vullen en per post toe wilde sturen. De man weigerde dat. Hij voelde zich misbruikt door de Belastingdienst (medewerkers). Daar was wel een oplossing voor. De fiscus kon de beide formulieren ook voor hem invullen. Daarvoor werd gelijk een afspraak gemaakt voor komende maand. Hoe hou je je mensen bezig als Belastingdienst: door een slechte dienstverlening en door de aangiftes steeds ingewikkelder te maken.

In de Tweede Kamer wordt aangedrongen op actie van het kabinet, nu ex-bewindslieden en belastingexperts deze week in De Telegraaf de noodklok luidden over de Belastingdienst. De PvdA wil dat de reorganisatie van de dienst door het kabinet als ’groot project’ wordt aangewezen. Hiermee zou de Tweede Kamer beter grip moeten krijgen op de reorganisatie van de fiscus. „Een goed functionerende belastingdienst is een kerntaak van de overheid”. „Bij de reorganisatie zijn al honderden miljoenen verspild en ook bij de ict is het einde van de problemen nog niet in zicht.” PvdA-kamerlid Nijboer wil snel in debat met verantwoordelijk staatssecretaris Snel (Financiën). CDA-Kamerlid Omtzigt dringt eveneens aan om een spoedig debat met Snel over de fiscus. „De duizenden ervaren belastingambtenaren die met een gouden handdruk gebruik maakten van de Wiebes-regeling konden en kunnen niet gemist worden”, aldus de christendemocraat. Zijn verzoek om over tal van problemen bij de belastingdienst te spreken staat al tijden op een lange wachtlijst aan debatten in het parlement. Staatssecretaris Snel maakte deze week bekend dat het belangrijkste ict-systeem van de fiscus nog maar tot eind 2019 wordt onderhouden, terwijl de vervanger op z’n vroegst eind 2021 klaarstaat. Wat wil de staatssecretaris hiermee bereiken? De belastingdienst gaat al jaren gebukt onder tal van problemen, die door een verkeerd uitgepakte reorganisatie onder Snels voorganger Wiebes verder uit de hand zijn gelopen. Oud-bewindsman Willem Vermeend denkt dat Snel (D66), als hij voldoende steun krijgt van zijn collega’s in het kabinet, de fiscus vlot kan trekken. „Ik ben blij dat Snel er zit. Die heeft kennis van zaken en ervaring bij de fiscus. Ik hoop dat hij ook de financiële middelen krijgt om de problemen op te lossen.” Maar de vraag is of alle problemen op te lossen zijn met geld, ik denk van niet. Het gaat ook over de efficiency van de systemen, de steeds verdere ingewikkelde fiscale regels, de complexibiliteit van de samenleving en personeel dat bijgeschoold moet gaan worden.

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg schrijven op DFT: de economen van het IMF beginnen met een positief bericht. Deze processen stimuleren de economische groei en leveren veel nieuwe banen op die nu nog niet bestaan. Het gaat veelal om extra werk in de techsector, waaronder ICT. Maar tegenover deze voordelen staan nadelen. Volgens het IMF is dit in de eerste plaats het verlies aan banen die weggeautomatiseerd worden en het risico dat op de korte termijn dit verlies groter is dan de creatie. Daarnaast ontstaat er een toenemende inkomenskloof tussen werknemers die in de techsecor werkzaam zijn en werknemers die aangewezen zijn op banen in de zwakkere sectoren van de economie waar lagere beloningen gelden. Bovendien is de kans groot dat werknemers die weggeautomatiseerd worden over onvoldoende scholing beschikken om direct aan de slag te kunnen gaan in de nieuwe banen. Ook zijn er werknemers die, bijvoorbeeld vanwege hun leeftijd, niet meer aan het werk komen. De einduitkomst is dat vooral de kapitaalbezitters (aandeelhouders) de winnaars van de automatisering zijn. Het kapitaalaandeel in de economie neemt toe ten koste van het loonaandeel. Volgens de IMF-economen kunnen regeringen met een combinatie van maatregelen deze nadelen beperken. Daarbij gaat het om permanente om- en bijscholingsprogramma’s die zich richten op de nieuwe arbeidsmarkt, een adequaat sociaal vangnet voor de ‘verliezers’ en een belastingstelsel waarbij draagkracht een centraal element is. Omdat de komende jaren de effecten van automatisering ook in Nederland steeds zichtbaarder worden, zal het kabinet Rutte III daarop voorbereid moeten zijn. Het IMF-rapport is ook een waarschuwing aan het adres van veel ondernemers die menen dat ze voorlopig nog met hun bestaande verdienmodel uit de voeten kunnen en geen haast hoeven te maken. Opvallend is dat in steeds meer landen aandeelhouders van bedrijven zich bemoeien met het beleid van bestuurders en commissarissen op het terrein van beloningen voor de top en het duurzaam ondernemen, maar niet met het cruciale verdienmodel. In onze werkkring zien we van de kant van bestuurders wel een toenemende belangstelling. Daarbij gaat het om de vraag of hun onderneming met het bestaande model over vijf jaar nog wel bestaat. Lees deze column verder op https://www.telegraaf.nl/financieel/1998691/column-bedrijven-die-gaan-omvallen

©2018 hannesdewitte@gmail.com

Slotstand indices d.d. 4 mei 2018; week 18: AEX 555,7; Bel20 3894,6; CAC40 5516,05; DAX 30 12.819,6; FTSE 100 7.567,14; DJIA 24.262,51; NY-Nasdaq 100 6769,12; Nikkei 225 22.472,78; All Ords 6155,4; SSEC 3.091,03; €/$ 1,1961; BTC/USD volatile: $9.562,57; 1 troy ounce goud $1315,00; dat is €35.357,28 per kilo; 3 maands Euribor -0,328% (1 weeks -0,379%, 1 mnds -0,372%), 10 jarig Nederlandse Staat 0,683%; 10 jaar VS 2,9333%; Belgische Staat 0,81%, 10 jaar Duitse Staat 0,538%, 10 jaar CHF (Zwitserse franken) 0,04%, Japan 0,0406; Italië 1,77. Een liter diesel hier aan de pomp €1,279.

Dit bericht is geplaatst in Financieel/economisch. Bookmark de permalink.