UPDATE 05-06-2021/585 Inflatie stijgt in de eurozone: spullen worden duurder

Minder flexwerk, een hoger minimumloon en een nieuw soort werktijdverkorting bij economische tegenspoed. Die speerpunten zijn werkgevers en werknemers binnen de Sociaal Economische Raad (SER) overeengekomen. Het stapeltje ‘zwaarwegende adviezen voor een nieuw kabinet’ begint intussen aardig hoog te worden, schrijft Lukas van der Storm op https://www.trouw.nl/economie/het-ser-rapport-is-alweer-een-advies-aan-het-nieuwe-kabinet-maar-wel-een-voor-bovenop-de-stapel~b28d7a56/. Nederland is een land van miljoenen werknemers met vaste banen bij goedwillende werkgevers. Die zich elke maand zeker weten van hun salaris, ook in coronatijd. Maar ook van groepen flexwerkers, uitzendkrachten en zzp’ers-tegen-wil-en-dank. Die voor werkgevers als onmisbaar voegwerk dienen om roosters dicht te metselen. Maar net zo makkelijk weer gepasseerd worden als hun bijdrage even niet meer noodzakelijk is. Aan die groeiende kloof moet een einde komen, schrijft de SER in een advies voor de komende jaren aan de regering. “Er zijn spanningen in de samenleving”, constateren werkgevers (zoals VNO-NCW en MKB Nederland) en vakbonden (FNV en CNV) in gezamenlijkheid. “De kansenongelijkheid neemt al langer toe. Onzeker werk en flexibele arbeidscontracten spelen een belangrijke rol; flexibiliteit wordt te vaak als ‘beschikbaar voor alles, recht op niets’ vormgegeven.” Jongeren, vrouwen en (arbeids)migranten zijn in dit soort flexibele banen oververtegenwoordigd. “De coronacrisis heeft hun positie extra verslechterd”, analyseert het SER-rapport op https://www.ser.nl/nl/Publicaties/SERmagazine/gelijkheid-vast-flex. Dat vraagt om een hervorming van de arbeidsmarkt, vinden de SER-partners. Waarbij de hoofdlijn is dat flexibele contracten prima zijn om bijvoorbeeld pieken in het hoogseizoen of bezettingsproblemen op te vangen. Maar niet om mensen structurele werkzaamheden te laten doen omdat dat voor werkgevers lekker goedkoop is. Uitzendkrachten moeten daarom op zijn minst op dezelfde arbeidsvoorwaarden kunnen rekenen als collega’s in vaste dienst, adviseert de SER. Dat is vooral voor werkgevers een breuk met het verleden. “Het is voor het eerst dat ook zij erkennen dat vaste contracten de norm zijn”, constateert CNV-voorzitter Piet Fortuin. VNO-NCW-voorzitter Ingrid Thijssen noemt het ‘voortschrijdend inzicht’. “Het past bij onze nieuwe koers.” Bovendien, benadrukt ze, staan in het advies óók plannen om flexibiliteit voor werkgevers op een andere manier te waarborgen. Via een soort nieuwe werktijdverkorting, om precies te zijn. Als werkgevers tijdelijk in zwaar weer belanden, mogen ze werknemers voor 20% van de tijd naar huis sturen. Zij krijgen dan wél volledig doorbetaald, waarbij de overheid 75% van het salaris voor haar rekening neemt. Dat klinkt duur, maar volgens Thijssen kost het uiteindelijk niets. “De situatie nu is dat een bedrijf met vijf werknemers er bij een crisis één naar huis stuurt, die dan een uitkering krijgt. Nu hou je die vijfde in dienst, en smeer je de uitkering over vijf mensen uit.” (bron: Trouw) In eerste reacties komt de vraag naar voren of de reorganisatie van het arbeidssysteem niet te laat komt en of een deel van de achterban van de werkgevers hun verdienmodel wel kunnen uitvoeren als het minimumloon tussen de €30 en €35 ligt. Ik stel zonder te willen discrimineren ‘Marokaantjes voedsel laten rondbrengen voor €30 per uur, ook voor de wachttijden, maakt deze vorm van dienstverlening ‘onverkoopbaar’. En neem de buitenlandse seizoenskrachten, die in de tuinbouw werken. Nee, de voorzet is positief dat het a-sociale van flex en uitbuiting op de agenda wordt gezet door de SER, maar het laatste woord is nog niet gesproken.

Informatie-ontwikkelingen

De situatie in de kabinetsformatie is complex, zeiden VVD-leider Rutte, PvdA-leider Ploumen en GroenLinks-leider Klaver, deze week. Ze spraken kort daarvoor samen met informateur Hamer, die in wisselende samenstellingen besprekingen voerde. De drie hadden van Hamer het verzoek gekregen niets meer te zeggen. Eerder zei ook CDA-leider Hoekstra dat hij niet in een regering wil stappen met de linkse partijen, die niet zonder elkaar in een coalitie willen zitten. Hamer sprak daarna ook met Rutte en ChristenUnie-leider Segers. Hij zei dat hij graag wil meepraten over het herstelbeleid, maar dat hij in de formatie nog geen belangrijke rol ziet voor zijn partij. De grote partijen moeten in zijn ogen het voortouw nemen. Ook VVD-leider Rutte ziet, na Hoekstra het nog altijd helemaal niet zitten om in een coalitie te stappen met GroenLinks en de PvdA. “Die partijen staan politiek gezien ver van ons af”, zei Rutte na een gesprek met informateur Hamer. Rutte verwacht dat ergens in de komende weken duidelijk zal worden met welke partijen er een regeerakkoord gesloten zal worden. D66-leider Kaag heeft de hoop op een samenwerking met VVD, CDA, PvdA en GroenLinks nog niet opgegeven.

Informateur Hamer heeft aan de 2e Kamer 2 weken uitstel gevraagd voor haar informatieopdracht. Er spelen drie ontwikkelingen, op de achtergrond, een rol. De eerste is een fusie dan wel een intensieve samenwerking op landelijk terrein van de PvdA en GL, hetgeen kan betekenen voor de volgende coalitie gaan regeren met de PvdA alsnog betekent dat ze GL er gratis bij krijgen. De tweede is de onduidelijkheid van de positie van Wopke Hoekstra als leider van het CDA en de interne verdeeldheid binnen het CDA over gaan meeregeren in Rutte IV. En dan het dossier ‘aanpak stikstof’. Door Rutte III is een halfslachtig beleid gevoerd en nu moet het volgende kabinet spijkers met koppen gaan slaan. Daar speelt de toekomst van de veehouderij een belangrijke rol. Nu langzamerhand duidelijk wordt met welke dossiers met complexe opdrachten op tafel komen voor het nieuwe kabinet, sluit ik niet uit dat Mark Rutte tot de conclusie zal komen dat hij zijn stijl van regeren niet langer voort kan zetten. Eisen aan de premier zullen hoger worden en van hem of haar zal een visie worden gevraagd, waaraan hij weet niet te kunnen beantwoorden. Om zichzelf voor een nederlaag te behoeden zal hij instemmen met een kabinet Rutte-Kaag: Rutte doet Europa en de representatie en Kaag het inhoudelijke beleid.

Financieel/economische berichten

Joost Derks, valutaspecialist bij iBanFirst, schrijft over ontwikkelingen van de inflatie. De inflatie (HICP) in de eurozone is in mei verder opgelopen tot 2% op jaarbasis. Dat is net ietsje hoger dan de Europese Centrale Bank nastreeft. De ECB heeft tot nog toe volgehouden dat de hogere inflatie tijdelijk is en dat rentes niet omhoog hoeven. Op de beurs gaan beleggers vooralsnog mee met deze boodschap. Beleggers maakten zich de afgelopen maanden regelmatig zorgen over het perspectief van hogere inflatie, vooral als dit in de toekomst gepaard gaat met hogere rentes. Cijfers over de inflatie worden daarom in de VS en de eurozone nauwlettend gevolgd. Met name de hogere energieprijzen jagen de inflatie aan. Ook in de dienstensector stijgen de prijzen nu de economie steeds meer wordt heropend en de vraag van consumenten aantrekt. En industriële goederen zijn tevens wat duurder geworden. Exclusief de schommelende prijzen voor voedsel, energie en genotmiddelen bedroeg de inflatie 0,9%. Dat was 0,7% in april. Tot nog toe heeft de ECB volgehouden dat de hogere inflatie waarschijnlijk van tijdelijke aard is, nu de economie sterk herstelt van de coronacrisis. De vraag is hoelang de centrale bank dit kan volhouden. Macro-econoom Carsten Brzeski van ING gaf deze week in een analyse aan dat met name de inflatie-ontwikkeling in Duitsland de ECB parten kan gaan spelen. Brezeski verwacht dat de Duitse inflatie in de tweede helft van dit jaar kan oplopen tot 3% à 4%. In mei lag de Duitse inflatie op 2,4%. De verdere stijging van de Duitse inflatie in de tweede helft van het jaar komt mede door een btw-effect: in de tweede helft van 2020 verlaagde Duitsland het algemene btw-tarief tijdelijk van 19% naar 16%. Per 1 januari dit jaar is dit teruggedraaid, maar dit betekent dat er in de jaarvergelijking vanaf 1 juli een btw-effect zit in de Duitse inflatie. Boven op het btw-effect zijn er nog andere factoren die de Duitse inflatie opjagen, volgens ING-econoom Brezski. Hierbij gaat het om prijsstijgingen in de industrie, vanwege hogere grondstofkosten én tekorten aan computerchips. Ook de heropening van de economie in de tweede helft van het jaar kan voor prijsstijgingen zorgen in bepaalde sectoren. Aangezien Duitsland een zwaar stempel drukt op de eurozone als geheel, kan hogere inflatie in dat land veel uitmaken voor de gemiddelde inflatie in de eurozone. De ECB hanteert een beleid waarbij via aankopen op de obligatiemarkt de rentes op kapitaalmarkten kunstmatig laag worden gehouden. Volgens de eerder genoemde econoom van ING komt de discussie over het terugdraaien van het ultra-soepele monetaire beleid bij aanhoudend hogere inflatie in Duitsland sneller op tafel dan de ECB lief is. Op de beurs lijken de inflatiezorgen echter minder prominent aanwezig. Beleggers keken dinsdag vooral naar positieve cijfers over de bedrijvigheid in de industrie van de eurozone, die in mei naar een recordniveau is gestegen. Maar die tijdelijke verschijnselen kunnen zomaar de voorbode zijn van een meer structurele toename van de inflatie. Als consumenten en bedrijven verwachten dat de inflatie verder oploopt, anticiperen ze daarop door nu al duurdere prijzen te rekenen en hogere lonen te vragen. Op deze manier kan een loon- prijsspiraal ontstaan. Hogere loonkosten worden dan doorberekend in stijgende verkoopprijzen, die vervolgens weer leiden tot oplopende lonen. Of het zover komt, hangt voor een groot deel af van wat er gebeurt op de arbeidsmarkt. Nu zijn er 8 miljoen minder Amerikanen aan het werk dan begin 2020. Dat aantal kan echter snel afnemen zodra de verhoogde werkloosheidsuitkeringen in september verdwijnen en kinderen weer naar school of opvang gaan. De financiële wereld maakt zich ogenschijnlijk niet veel zorgen te maken over oplopende inflatie. De rente op Amerikaanse obligatiemarkten is daarvoor een belangrijke indicator. Als beleggers vrezen dat inflatie echt een thema wordt, zullen ze een hogere vergoeding over hun geld vragen. Daar is voorlopig niets van te merken. Maar aandelenbeleggers worden wel wat nerveus. De fear/greed-index van CNN, die meet hoeveel risico beleggers willen nemen, is binnen een maand omgeslagen van hebzucht naar angst. Bovendien is de dollar sinds begin april met 4% gedaald t/o de euro. Zolang de inflatieangst doorsuddert, kan de druk op de Amerikaanse munt zomaar aanhouden. (bron: business insider) Enkele kanttekeningen. ‘Deskundigen’ houden in mindere mate rekening met de gevolgen die de corona-pandemie kan hebben op het prijspeil. Zo zie ik bijna wekelijks minder interessante aanbiedingen bij de supermarkt en verbaas ik mij niet meer als dagelijkse voedselbehoeften ineens gestegen zijn van €2,99 naar €3,99. Ook blijft vers fruit stevig aan de prijs, hetgeen ook het gevolg kan zijn van de frisse lente tot 31 mei. Maar dat werkt ook door in het inflatiecijfer. Ook al de getroffen ondernemingen door de lockdown die nu de financiële achterstanden moeten gaan terugverdienen kunnen hun prijzen gaan aanpassen aan het ‘nieuwe normaal’, hetgeen tot prijsverhoging van goederen en diensten kan leiden. Daarnaast lopen er een aantal dossiers, waarover het volgende kabinet standpunten moet innemen en die van invloed zullen zijn op het prijspeil. Ik noem er enkele, die prijsverhogend zullen werken: verduurzaming, beperking van de stikstof, pfas, chemie, meer biologisch voedsel, loonsverhogingen en de energielasten die aan de huishoudens worden doorberekend. In de huidige modellen waarmee de inflatie wordt berekend worden de kosten van wonen (huren en kopen) niet meegerekend, maar die zijn er wel degelijk. Vergeet dan niet de doorrekening van publieke lasten op basis van de WOZ-waarde. Beleggers maken zich niet druk over de ontwikkeling van de rente. Die blijven vertrouwen op het monetaire beleid van de centrale banken van grote liquiditeiten en een lage rente. Dat het geld daarmee waardeloos wordt accepteren ze kennelijk, ze vragen zich niet af welke gevolgen dat op de langere termijn kan geven. Het inflatie-proces wordt beïnvloed door meerdere economische, financiële/fiscale en monetaire bewegingen en de afloop van de wereldwijde corona-pandemie, maar ik ga toch uit van een structurele stijging van meer dan 10%.

China gaat het minen van bitcoin mogelijk verder aan banden leggen. In het land wordt nu nog ¾ van de wereldvoorraad van de digitale munt geproduceerd. Maar het grote energieverbruik dat is gemoeid met het minen van bitcoin, zou haaks staan op de duurzame ambities van het land. Volgens de Amerikaanse zakenkrant The Wall Street Journal trekken miners meer en meer naar het westen. De bitcoin werkt op basis van blockchaintechnologie, een soort collectief logboek waarin alle deelnemers samen alle transacties bijhouden. Dat register wordt om de 10 minuten aangevuld met een nieuwe ‘bladzijde’ met de laatste veranderingen. Om elke aanvulling veilig te verwerken, moet een complexe wiskundige formule worden opgelost. Wereldwijd staan speciale computersystemen daar de hele dag door op te puzzelen. Dat heet minen. Wie de formule oplost, wordt beloond in bitcoins. Het dreigement van Peking toont aan dat de productie van de digitale munt, die buiten het bereik van regeringen ligt, een kwetsbaar punt is. Het minen is afhankelijk van ruime voorraden goedkope elektriciteit en apparatuur. Het zijn juist die elementen die China gebruikte om ‘s werelds grootste productieland te worden. Peking heeft in zijn algemeenheid moeite met cryptovaluta. Jarenlang was er in China geen legale uitwisseling van bitcoin toegestaan, zelfs niet toen de ondernemers van het land zich ontpopten als de belangrijkste producenten. Het land maakte al in 2018 de eerste plannen om het minen van cryptomunten aan banden te leggen. Met name de regio Binnen-Mongolië, waar energie goedkoop is, is populair. De autonome regio kondigde eerder aan het minen aan banden te willen leggen. Eerder kondigde Iran al aan het minen van bitcoin tijdelijk niet toe te staan. Met het verbod wil Iran voorkomen dat tijdens de zomerperiode stroomtekorten ontstaan. Iran is goed voor de productie van 4,5% van bitcoin wereldwijd. Mogelijk mede door dit bericht staat de prijs van de bitcoin vandaag zo’n 2,5% lager op ruim $36.000. (bron: DFT)

Sociaal/maatschappelijke ontwikkelingen

Het kabinet neemt het advies van de Gezondheidsraad over om 60-minners voortaan alleen nog te vaccineren met de coronavaccins van Pfizer of Moderna. Dit zal in de praktijk betekenen dat Janssen en AstraZeneca, zogenaamde vectorvaccins, voortaan op de plank blijven liggen. Pfizer en Moderna zijn zogeheten mRNA-vaccins, die niet alleen effectiever zijn maar bovendien minder nadelen hebben dan de ‘vectorvaccins’, ofwel, die van AstraZeneca en Janssen. “Omdat de mRNA-vaccins nu volop beschikbaar zijn en het aantal corona-besmettingen nu relatief laag is, kan Nederland zich deze keuze in het vaccinatieprogramma veroorloven”, zo schrijft de Gezondheidsraad in een spoedadvies dat begin juni is aangeboden aan minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid). Het kabinet heeft laten weten het advies over te nemen. (bron: Trouw) De effectiviteit van Janssen ligt met 67% een stuk lager. Janssen is niet goed genoeg. Of: de vaccins van Pfizer/BioNTech en Moderna zijn simpelweg beter met een effectiviteit van >90%. Daar komt bij dat er steeds meer aanwijzingen zijn dat ook na een inenting met Janssen mensen een zeldzaam risico lopen op een ernstige bijwerking die lijkt op trombose, dezelfde bijwerking die bij AstraZeneca is geconstateerd. Minister de Jonge benadrukt dat mensen die het Janssen-vaccin al hebben gekregen zich geen zorgen hoeven te maken. Ook mensen die al een afspraak hebben om het Janssen-vaccin te krijgen, kunnen als ze dat willen gewoon laten doorgaan. Ook kunnen ze vragen om een ander vaccin. Laten we het maar noemen ‘voortschrijdend inzicht’. Maar hoe reageren 60-’ers op deze beleidsbeslissing, die eerder op advies van diezelfde minister, de Gezondheidsraad en een leger van artsen verklaarden dat het Janssen en Astra Zeneca vaccin veilig was. Hetzelfde was hetzelfde eerder het geval van de verspreiding van COVID-19 middels aerosol, hetgeen Maurice de Hond een jaar geleden al verklaarde. Nep-informatie, die man moest zich bezighouden met zaken waar hij verstand van had, hij was een ophitser, misschien wel een oplichter, er werd van alles over hem gezegd. Maar ……… een jaar later bleek dat hij wel degelijk gelijk had. In de media werden de hogere risico’s van de vectorvaccins, voor de mensen die er al mee zijn geïnjecteerd, verklaard.

Voorzitter Bart-Jan Kullberg van de Gezondheidsraad noemt het advies om jongere mensen die nu aan de beurt zijn niet meer met Janssen, maar met Pfizer of Moderna te vaccineren “niet meer dan logisch”. In het radioprogramma Nieuws en Co reageerde hij op minister De Jonge, die het advies “lastig” noemde. Volgens De Jonge hadden praktische overwegingen in het advies “een grotere rol mogen spelen”. Het advies zou onrust geven bij groepen met een afspraak. Kullberg wijst die kritiek af. Pfizer en Moderna (mRNA-vaccins) leveren het beste effect op in effectiviteit en snelheid en zijn beschikbaar, zegt hij. (bron: NOS) Ik begrijp deze reacties wel. Janssen en AstraZeneca zijn veilig, maar nu maakt de Gezondheidsraad daar voorbehouden bij en dat mag De Jonge aan de gevaccineerden uitleggen. Overigens wordt verwacht dat 10% tot 15% van de nog niet gevaccineerden zich zullen terugtrekken. Het ‘wonder’ van 2 vaccins loopt schade op, maar over de mate ervan wordt in beperkte termen gesproken. Het zou allemaal ook nog kunnen meevallen.

Twee miljoen huishoudens lopen het risico om €400 per jaar meer te gaan betalen voor een energierekening. De variabele energieprijs stijgt namelijk met maar liefst 25%. Over dit onderwerp schreef ik in het vorige blog ook al. Maar €33 gemiddeld per maand is voor Jan Modaal een rib uit zijn maag. Niet alleen de vaste tarieven voor energie gaan per 1 juli flink omhoog, met gemiddeld zo’n €160. De variabele tarieven blijken dit jaar nog forser te stijgen. Dat concludeert prijsvergelijker Pricewise op basis van eigen onderzoek en de nieuwe tarieven van energiemaatschappij Vattenfall. De berekening gaat uit van een gemiddeld Nederlands huishouden met een verbruik van 3.500 kWh aan stroom en 1.500 m³ aan gas. Huishoudens waarvan het vaste energiecontract afloopt, gaan automatisch over op die – veel duurdere – variabele tarieven. Het gaat volgens de Energiemonitor 2021 van toezichthouder Autoriteit Consument en Markt (ACM) om 27% van de Nederlandse huishoudens die hun vaste contract over laten gaan in een variabel contract en geen nieuw vast contact afsluiten. Als ze niet overstappen naar een andere energiemaatschappij krijgen deze huishoudens vanaf volgende maand te maken met een fiks duurdere energierekening. Ook omdat de prijs op het uitstoten van CO2 de laatste maanden flink is opgelopen. Energiemaatschappijen berekenen die prijsstijging nu door in de energienota. De vraag naar elektriciteit neemt vanwege de verduurzaming enorm toe en moet de capaciteit op het stroomnet worden uitgebreid. Die investeringskosten worden ook doorberekend aan de consument. (bron: DFT)

Mensen krijgen in Nederland te veel van het schadelijke PFAS binnen via eten en drinkwater. Dat kan schadelijk zijn voor de werking van het menselijk immuunsysteem, concludeert het RIVM na bestudering van eerder onderzoek. PFAS is een verzamelnaam voor zo’n 4000 chemische stoffen die nauwelijks in het milieu afbreekbaar zijn. Het RIVM raadt mensen wel aan om kraanwater te blijven drinken en gevarieerd te eten. (bron: NOS) Vreemd advies dat mogelijk is ingegeven om politieke redenen. Als er teveel pfas in kraanwater zit, hetgeen schadelijk is voor de gezondheid, hoe kan het advies dan zijn: gewoon kraanwater door blijven drinken?

Er liggen al veel rapporten over de toekomst van de landbouw. Gaat het nieuwe advies van de SER de spanning tussen de belangen van natuur en boeren doorbreken, vraagt Jelle Brandsma zich af in Trouw? “Het is belangrijk om uit de impasse te komen. De tijd is er rijp voor”, zegt prof. dr.i r. Katrien Termeer, hoogleraar bestuurskunde en kroonlid van de Sociaal-economische raad (SER). Ze gaf deze week een toelichting op het advies aan het kabinet om een landbouwakkoord te sluiten tussen onder meer boerenorganisaties en milieugroepen. “We moeten stoppen met het voeren van een achterhoedegevecht. Doorgaan op dezelfde weg is niet langer houdbaar.” Termeer schreef het advies namens de SER samen met prof. mr. dr. Anna Gerbrandy, hoogleraar mededingingsrecht. Transitie naar duurzame landbouw kost volgens een ruwe schatting van de SER in de komende tien tot vijftien jaar zeker €20 tot €30 mrd. Er zijn al veel rapporten geschreven over de toekomst van de landbouw, met de oproep om tot een nationaal plan te komen. De SER zet nu op verzoek van de Tweede Kamer en het kabinet de route uit om dat te realiseren en sprak al met een groot aantal organisaties. In de SER zitten onafhankelijke deskundigen, vakbonden en werkgevers, waaronder de boerenorganisatie LTO Nederland. Het is een invloedrijk adviesorgaan van de regering. Het belangrijkste element in het advies van de SER is dat het nieuwe kabinet zou moeten beginnen met het stellen van nieuwe milieunormen waaraan een landbouwakkoord moet voldoen. De eisen moeten omhoog, waardoor de natuur beter wordt beschermd dan nu gebeurt. Dat is misschien een harde boodschap voor de boeren, zegt Termeer, maar hogere eisen bieden wel duidelijkheid voor de lange termijn. Het voorkomt dat zij over een paar jaar opnieuw worden geconfronteerd met nieuwe regels. “Het is de enige mogelijkheid om duidelijkheid te creëren”, zegt Termeer. (bron: Trouw)

Corona berichten

Nederland is op weg naar het einde van de huidige coronagolf, maar die duurt naar verwachting langer dan die van een jaar eerder. Dat komt mede doordat we ons nu minder goed aan de coronamaatregelen houden, zei voorzitter Ernst Kuipers van het Landelijk Netwerk Acute Zorg (LNAZ) in zijn persconferentie. “We lopen ten opzichte van vorig jaar een week of 3 achter. Dat heeft misschien te maken met kouder weer, maar ook met het feit dat de naleving van de forse set maatregelen heel anders was”, aldus Kuipers. Uit gedragsonderzoek van het RIVM blijkt dat mensen sinds begin dit jaar het met name minder nauw namen met het advies voor het maximum aantal bezoekers thuis en het thuisblijven en testen bij klachten. Kuipers denkt dat de relatief vroege versoepelingen hebben bijgedragen aan het minder strak naleven van de regels. (bron: nu) Nu mensen weer op vakantie mogen, de terrassen, cafés en restaurants weer open mogen en de jeugd weer naar festivals mogen en voetbalfans weer naar het stadion mogen, waarom dan nog langer de beperkende bepalingen?

Tot zaterdagmorgen 10.00 uur zijn bij het RIVM 2160 nieuwe coronabesmettingen gemeld. Gemiddeld daalt het aantal besmettingen. In de ziekenhuizen nam de bezetting af: er liggen nu 658 covid-patiënten in het ziekenhuis, plus 351 op de IC, meldt het Landelijk Coördinatiecentrum Patiënten Spreiding. (bron: NOS)

Het aantal coronabesmettingen in het Verenigd Koninkrijk is in een week met 2/3 gestegen. Zo’n 100.000 mensen raakten besmet in de week tot 29 mei, tegenover 60.000 een week eerder. Het Britse statistiekbureau meldt de grootste toenames in Engeland en Wales. Een groeiend deel is met de Indiase variant. Omdat in regio’s met de Indiase variant extra wordt getest, kunnen de cijfers vertekend zijn, meldt de BBC. Volgens een hoogleraar geneeskunde is nog niet duidelijk of er meer patiënten in het ziekenhuis komen. Door inentingen is de kans hierop kleiner en dat geldt ook voor de Indiase variant. (bron: NOS)

Eyeliners

Chaotische taferelen in prikstraten en irritatie bij politici na stopzetten Janssen en AstraZeneca vaccins

Gratis testen Nederlandse vakantiegangers kan tot €350 mln gaan kosten

Inflatie in de eurozone is nu iets hoger dan de ECB wil, maar beleggers negeren dat

DNB-president waarschuwt: hoge schulden kunnen probleem worden

Twee miljoen huishoudens dreigen €400 meer te gaan betalen voor gas en licht’

Rutte en Hoekstra trachten GroenLinks en de PvdA uit elkaar te spelen

De ministers van Financiën van de G7 zijn het eens geworden over een minimumbelastingtarief voor bedrijven van 15%. De Britse minister Sunak sprak van een “historisch akkoord”. Voor een definitief akkoord moet het ook worden aangenomen op de G20-top later dit najaar en door de 35 landen die lid zijn van de OESO. Met een wereldwijd tarief wordt het lastiger voor bedrijven belasting te ontwijken via belastingparadijzen.

Frontberichten

Invest-NL is een overheidsfonds voor jonge bedrijven, die zich onder meer toeleggen op een carbonneutrale economie, de circulaire economie, innovatieve scale-ups, het financierbaar maken van collectie warmtesystemen, de verduurzaming van de binnenvaart, start-ups met doorgroei-mogelijkheden. Maar het initiatief is in 2020 traag van start gekomen. Van de €1700 mln, waarmee Invest-NL in januari 2020 van start ging was eind 2020 nog maar €28 mln in 4 bedrijven geïnvesteerd. Wouter Bos, directeur, verdient per jaar voor iedere werkdag per week €100.000, voor een 4-daagse werkweek dus €400.000. De premier verdient voor een volle werkweek slechts €170.910 incl vakantiegeld en een eindejaarsuitkering en nog emolumenten. Maar toch……. De start van Invest-NL leek veelbelovend. Invest-NL is bedoeld is om veelbelovende bedrijven, vooral op het gebied van duurzaamheid, tech en energie, op weg te helpen met overheidsgeld. Er lagen al 120 aanvragen te wachten bij de aanvang. De ambities van Invest-NL zijn onverminderd groot. De bedoeling was en is te investeren in bedrijven die ‘Nederland duurzamer en innovatiever maken’, heet het in het jaarverslag, met veel nadruk op een circulaire economie en het terugdringen van CO2-uitstoot. Van de ‘vliegende start’ die het fonds had willen maken, is in het eerste jaar van zijn bestaan nog niet veel terechtgekomen, daarvoor wordt verwezen naar de economische krimp als gevolg van COVID-19. Het fonds is bedoeld voor start-ups, bedrijven die een investeerder nodig hebben om door te groeien van de fase waarin ze vooral jong en veelbelovend zijn naar die van ‘scale-up’, met een meer gevestigde positie op de markt. Invest-NL moet een ‘revolverend’ fonds worden: de opbrengsten van zijn investeringen vloeien terug in het fonds, zodat weer nieuwe bedrijven op weg geholpen kunnen worden. Begint dat al te lukken? Over de vooruitzichten is Wouter Bos niet somber. Maar in 2020 werden investeringen in bedrijven die zich bezig houden met de energietransitie even op de lange baan geschoven. In plaats daarvan werd geld gestoken in het overeind houden van start-ups die op omvallen stonden vanwege de corona-pandemie. Zo stelde Invest-NL €100 mln beschikbaar voor het ‘tijdelijk overbruggingskrediet innovatieve start- en scale-ups’ (Topps). Het fonds heeft ‘tijd nodig om op stoom te komen’, zei Bos bij de presentatie van het jaarverslag. Van meet af aan waren er twijfels over de vraag of zo’n fonds wel kon. Enerzijds eist het een zeker rendement op een investering – want zonder rendement geen revolverend fonds. En anderzijds mag het niet investeren in bedrijven die ook goed in staat zijn privaat kapitaal aan te trekken – want concurreren met de markt is niet de bedoeling. Bedrijven worden dus uiterst precies gescreend. Dat is de belangrijkste reden dat veel bedrijven die begin vorig jaar een aanvraag hadden klaarliggen, uiteindelijk zijn afgevallen – of zelfs zijn afgehaakt. (bron: Trouw) De tegenslag bij de start, ik vraag mij af of de corona-crisis juist geen stimulans had kunnen geven, Maar er speelt op de achtergrond ook een ander scenario mee: het monetaire. De centrale banken, ook De Nederlandsche Bank, heeft sinds maart 2016 grote hoeveelheden geld in de markten gepompt, waardoor de rente is gedaald richting de 0% en zelfs negatief. Er hangen nu boven de markten enorme hoeveelheden geld, waarvoor geen bestemmingen voorhanden zijn. Je kunt daarover zeggen dat dat een ‘absolute luxe’ is, maar ook dat het een bedreiging vormt voor de economie, voor het beleggingsklimaat. Er zijn vele honderden fondsen met dat gratis geld, die scouts aan het werk hebben gezet starters en start-ups te zoeken met perspectief op dezelfde terrein als waarop de club van Wouter Bos zich richt. De concurrentie is groot en er is voldoende geld beschikbaar. In die wereld moet dit overheidsfonds gegadigden zoeken. Dan kun je je eisen niet te hoog stellen. Vier bedrijfjes in een jaar, waaraan €28 mln is verstrekt, stelt in die wereld helemaal niets voor. Aan nieuwe goederen en diensten bestaat steeds meer vraag. We staan aan de vooravond van een enorme uitdaging: de bouw en inrichting van de samenleving voor komende generaties: de verduurzaming (klimaat, milieu, natuur, biodiversiteit) door verlaging van de CO2-uitstoot, maar ook over de sociaal/maatschappelijke gevolgen van robotisering, werken met algoritmen, digitalisering van de samenleving onder meer de gevolgen van de quantum-computer, bestrijding van cyber-criminaliteit, arbeid, opleiding, her- en omscholing, privacy, veiligheid, internet of things en de beheersing van de macht van data. Dat wordt een enorme complex project, omdat over veel zaken afstemming zal moeten plaatsvinden met Europese partners, maar ook op wereldniveau.

Schengen is dood, lang leve Schengen! Het ongehinderd reizen door de zogeheten Schengenzone in Europa heeft de laatste jaren, vooral vorig jaar, enorm onder druk gestaan, tot afgrijzen van de Europese Commissie. Deze week wierp die commissie alle schroom en frustratie daarover van zich af. Met een nieuwe aanpak moet de Schengenzone stabieler, voorspelbaarder én groter worden. Nu is het afwachten of de 26 Schengenlanden zelf (22 EU-landen plus Liechtenstein, Noorwegen, IJsland en Zwitserland) dat ook een goed idee vinden. De vorige Europese Commissie deed in 2017 al eens een vergeefse poging tot renovatie. Het Schengensysteem, waarbij reizigers die één van de 26 landen binnenkomen vrijelijk naar alle andere kunnen gaan, is al meerdere keren dood verklaard. Tijdens de terrorismegolf rond 2015 en 2016 voerde onder meer Frankrijk strenge grenscontroles in. Helemaal bont werd het in de lente van vorig jaar, toen de coronapaniek uitbrak. Talloze EU-landen sloten haastig de grenzen, vaak zonder elkaar te informeren, met chaotische toestanden bij grensovergangen als gevolg. De beelden van containers die de Belgisch-Nederlandse grens blokkeerden, zeiden eigenlijk alles over hoe het ervoor stond met ‘Schengen’. Het systeem laat dergelijke nationale grenscontroles toe, als ze maar tijdelijk en goed beargumenteerd zijn. Niettemin doet een aantal landen al jarenlang een beroep op het noodweerargument. De tijdelijke maatregelen worden steeds weer verlengd. De Europese Commissie wil de eisen nu aanscherpen. Landen moeten straks echt een goed verhaal hebben als ze zulke rigoureuze reisbeperkingen willen invoeren. Zoals zo vaak is ook nu een beoogde versterking van de buitengrenzen onderdeel van de voorstellen. Daarnaast moet ook de interne informatie-uitwisseling tussen Schengenlanden verbeteren, bijvoorbeeld als een terrorist op de vlucht is. Als dat allemaal goed geregeld is, wil de commissie haar rol van Schengenscheidsrechter ook strenger invullen. Landen kunnen onaangekondigde controles verwachten, of ze wel aan alle regeltjes voldoen. Er komen jaarlijkse landenrapporten. Bovendien wil de commissie dat de landen veel meer met elkaar overleggen, onder meer tijdens een jaarlijkse bijeenkomst. Kortom: Brussel wil ervoor zorgen dat de Schengen-zone een volgende crisis beter aankan. “Terrorisme zal niet stoppen”, zei Eurocommissaris Ylva Johansson (interne EU-zaken). “We zullen waarschijnlijk nieuwe pandemieën krijgen en er zullen andere uitdagingen komen.” Tot slot roept de commissie op tot de ‘voltooiing van Schengen’ met Bulgarije, Cyprus, Kroatië en Roemenië. Bulgarije en Roemenië zitten al heel lang in de wachtkamer. Volgens de commissie zijn ze er technisch gesproken al ruim tien jaar klaar voor. Maar een aantal landen, waaronder Nederland, ziet het vrij reizen vanuit die landen nog niet zitten.

Overwegingen

In de media is op meerdere platforms aandacht besteed aan de uitspraken die Klaas Knot, de President van De Nederlandsche Bank deze week deed in de Tweede Kamer en in de media. Hieronder een samenvatting van hetgeen aan de orde werd gesteld en mijn persoonlijke reacties daarop.

In de eurozone werd afgelopen maand alles gemiddeld 2% duurder, blijkt uit de laatste voorlopige cijfers van Europees statistiek bureau Eurostat. Daarmee heeft de Europese Centrale Bank haar belangrijkste doel bereikt: zorgen dat de waarde van een euro jaarlijks gemiddeld bijna 2% minder wordt. Sterker nog: met een verwachte inflatie van 2% in mei, schiet de bank het doel iets voorbij. Dat is voorlopig niet erg, na ruim twee jaar te weinig inflatie liggen weinig economen wakker van tijdelijk een beetje te veel. Wel leidt het tot discussie: blijft het bij een beetje, en is het tijdelijk? De gedachte is bekend: een euro die voortdurend een klein beetje minder waard wordt, is goed voor de Europese economie. Het zorgt er bijvoorbeeld voor dat mensen hun geld uitgeven en niet oppotten, wat zou gebeuren als het vanzelf meer waard wordt. Bovendien slinken schulden.

Die prijsstabiliteit voor elkaar krijgen valt niet mee. Hoeveel je kunt kopen met een euro, is een optelsom van bijvoorbeeld de vraag en aanbod van producten en diensten, en hoeveel euro’s er in omloop zijn. Die balans is de afgelopen tijd hardhandig door elkaar geschud. Zo zorgde de pandemie voor de sluiting van fabrieken en werden toeleveringsketens stilgelegd. Centrale banken brachten extra geld de economie in, waarmee overheden ondertussen bedrijven overeind konden houden en ervoor zorgden dat mensen hun baan en inkomen behielden. Daardoor kon de vraag naar producten en diensten sneller aantrekken dan verwacht, terwijl de fabrieken en dienstverleners dat niet meteen weer bij konden benen. Bovendien zijn de energieprijzen hersteld van de oliecrisis vorig jaar. Energie is een belangrijke kostenpost die dus zwaar meeweegt in de berekening van hoeveel je met een euro kunt kopen. Al met al is er dus veel geld in omloop, terwijl er schaarste is, wat voor hogere prijzen en dus inflatie zorgt. Dat is terug te zien in recente cijfers. In de VS stegen prijzen in april gemiddeld met 4,2% ten opzichte van het jaar ervoor. In Spanje en Duitsland kwam de inflatie in mei uit op 2,4%. In Nederland bleef het afgelopen twee maanden bij 1,9%. De sprong van 1,6% inflatie in april naar 2% in mei in de eurozone, is grotendeels veroorzaakt door de stijging van energieprijzen. Dat effect zal de komende maanden afnemen, verwacht Bert Colijn, eurozone-econoom bij ING. “Maar dat betekent niet dat hogere inflatie voorbij is.” Hij wijst op de prijs van goederen, die schaars zijn en nog wel even schaars blijven doordat de productie en toelevering nog steeds stokken. Het chiptekort beperkt bijvoorbeeld nog steeds de toestroom aan bijvoorbeeld auto’s, telefoons en vaatwassers. Op dit moment hebben verkopers nog nauwelijks hun prijzen verhoogd, zegt Colijn. Maar aangezien zij zelf ook tegen hogere kosten aanlopen en de vraag hoog is, verwacht hij dat dit wel gaat komen. De eerste prijsstijging in mei is waarschijnlijk de start van een langere rit die nog maanden kan duren. Ook Mateusz Urban, econoom van Oxford Economics, ziet de schaarste de prijzen de komende tijd nog opstuwen. Want ondanks dat de productie in Italiaanse en Spaanse fabrieken op stoom is, hapert die bijvoorbeeld nog in de de grootste economie van Europa: Duitsland. Daarnaast liggen er voor diensten zoals vakantieboekingen nog prijsstijgingen in het verschiet. Verkopers van reisdiensten kunnen hun rekeningen verhogen, zodra er meer kan en veel mensen weer weg willen. In welke mate vakanties inderdaad al duurder worden, is nu nog lastig te zien, omdat beperkende maatregelen boekingen nog remmen. Wel werd deze week al duidelijk dat de prijzen voor pakketreizen in Duitsland al significant stijgen. Het grote Amerikaanse vastgoedbedrijf JLL ziet ook mogelijkheden voor hotels om hun prijzen te verhogen, al is het alleen maar om voor toenemende inflatie te compenseren. “Hotels hebben in feite leasecontracten van een enkele nacht. Als de inflatie stijgt, kunnen ze direct hun tarieven aanpassen”, aldus Gila Perez-Alvaro, directeur bij JLL. Al met al ziet Colijn van ING dat de inflatie na een stijging dit jaar, volgend jaar weer zal zakken tot ongeveer 1,5%. Ook Urban van Oxford Economics verwacht niet dat de inflatie de pan uit zal rijzen. Hij denkt zelfs dat die volgend jaar weer ver onder de 2% zakt en het nog jaren zal duren voordat de ECB haar eigen doel weer zal halen. (bron: https://nos.nl/artikel/2383209-europees-inflatiedoel-is-gehaald-maar-blijven-prijzen-stijgen) Een stijging van de inflatie duidt op een stijging van de goederen en prijzen voor consumenten, het zegt niets over de waarde van de euro, wel over de relatie tussen de euro en het prijspeil. De waarde van de euro wordt door heel andere componenten bepaald, zoals de hoogte/laagte van de rente en de hoeveelheid geld in omloop. Die verhouding wordt ook bepaald door het netto besteedbaar inkomen (salaris, pensioen en (sociale) uitkeringen. Het positieve argument dat schulden gaan slinken bij een stijgende inflatie. De nominale schulden dalen niet, maar kunnen bij verandering van het besteedbaar inkomen en de hypotheekrente tot een daling leiden van de koopprijzen. Ik ben geen waarzegger die kan voorspellen hoe tijdelijk de stijgende inflatie weer terugvalt. Zonder onderbouwing kan ik daar niets mee.

Ook RTL Nieuws besteedde aandacht aan het monetaire beleid van de ECB en DNB. Overheden, bedrijven en consumenten profiteren momenteel van de extreem lage rente, waardoor lenen goedkoper is en hoge schulden draagbaar kunnen zijn. In een interview met RTL Z waarschuwt president Klaas Knot van de Nederlandsche Bank (DNB) dat die rente ook weer omhoog kan. Wie hoge schulden heeft kan dan in de problemen komen. Knot lichtte deze week in de Tweede Kamer de onlangs verschenen rapportage Overzicht Financiële Stabiliteit (OFS) toe. Daarin waarschuwt DNB onder meer voor de huidige hoge schulden van overheden en bedrijven, die mede is gevoed door de huidige extreem lage rente. De president van DNB nuanceert in het interview dat de houdbaarheid daarvan niet alleen wordt bepaald door het niveau van de schulden zelf, maar vooral door de hoogte van de rente en de aflossing daarvan. “Zolang de rente laag blijft, zullen die schulden ook houdbaar blijven. Maar er is natuurlijk geen garantie dat het huidige rentebeeld tot het einde der dagen zal voortduren.” Volgens Knot moeten overheden, bedrijven en consumenten er daarom rekening mee houden dat de rente weer kan oplopen. “Partijen die met die hoge schulden zitten, zullen hun verdienmodel moeten aanpassen zodat zij uit die schuldenproblematiek kunnen groeien voordat de rente ook weer daadwerkelijk materieel gaat stijgen.” De bankpresident wijst daarbij op dat structurele factoren die de rente laag houden, kunnen veranderen. “De huidige extreem lage rente is onder meer het gevolg van de vergrijzing. Maar die vergrijzing zal niet permanent met ons zijn. Ooit zal de demografie weer een ander beeld laten zien.” Knot bedoelt daarmee dat er dankzij de vergrijzing veel meer gespaard wordt, omdat veel mensen geld opzij zetten voor hun pensioen. En een groter aanbod van geld drukt de prijs van geld (de rente). Daarnaast wijst Knot op de lage inflatie als factor. Als die inflatie stijgt, kunnen centrale banken de rente weer gaan verhogen. “Er zijn tekenen dat de inflatieverwachtingen weer aan het oplopen zijn. Met andere woorden, het is wel verstandig om er rekening mee te gaan houden dat er ook een ander renteklimaat kan ontstaan”, aldus de DNB-president. Knot erkent dat de lage rente ook deels wordt bepaald door het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). Wat hem betreft moet er binnenkort een einde komen aan de monetaire noodsteun door de ECB. De discrepantie tussen de florissante economische vooruitzichten aan de ene kant en het in de lucht houden van noodaankoopprogramma wordt steeds schrijnender. Dat is wel een reden om op een bepaald moment weer weg te gaan bewegen van onze noodinstrumenten naar onze reguliere instrumenten van monetaire steun.” (bron: RTLNieuws) Enkele kanttekeningen: de belangrijkste centrale banken, waaronder ook de ECB, jagen al enkele jaren de rente omlaag, hetgeen gepaard gaat met de creatie van grote hoeveelheden geld waarvoor momenteel geen bestemming beschikbaar is. De ECB stelt echt alles in het werk om de rente laag te houden en intervenieert op de geld- en kapitaalmarkten om dat doel te bereiken. Maar er is één partij in de markt die beleid met lede ogen dit beleid aanziet: de grote beleggers. Die hebben maar één doel en dat is met geld rendement maken. Op dit moment maken ze een negatief rendement: stel een negatieve rente op Nederlands 5-jarig papier van 0,5% plus een inflatie van 2% is 2,5% plus de vermogensheffing box3. Daar wordt die groep beleggers niet vrolijk van. Ze komen daartegen, op enig moment, tegen in verzet. De vergrijzing oefent misschien wel invloed uit op de extreem lage rente, maar de grootste boosdoeners zijn de centrale banken zelf, met hun geldexplosies van de afgelopen jaren. Ouderen besteden minder, dat is zeker waar – het spaargeld is bijna net zo groot als onze staatsschuld en dan laat ik de pensioenreserves nog buiten beschouwing – maar die situatie is ook ontstaan omdat die ouderen zijn opgegroeid in een periode waarin geld nog werd gedekt door onderliggende waarden. Het huidige geld heeft geen waarde meer en dat realiseren spaarders zich heel goed sinds ze geen rente meer krijgen op hun spaargeld. Er speelt dus ook ‘gebrek aan vertrouwen’ in dit proces mee. Over een mogelijke blijvende rentestijging doet Knot dubbele uitspraken: aan de ene kant moet hij aan het beleid vanuit Frankfurt, lage rentetarieven, uitvoering geven en aan de andere kant zegt hij bereid je voor op stijgende tarieven. Als die ontwikkeling gaat optreden is de vraag hoe snel de luchtbellen op de financiële markten gaan leeglopen en met welke gevolgen. In zijn hele betoog laat Knot steeds weer slechts de ene kant van de medaille zien, naar de andere moeten we gissen. In hoeverre de economische vooruitzichten als florissant te benoemen vraagt om een stevige onderbouwing. We staan voor enorme uitdagingen: de afbouw van fossiele tijdperk, de conversie naar duurzaam, de beperking van de CO2-uitstoot, stikstof, fpas, klimaat, milieu en natuur en de bouw en inrichting van een samenleving voor volgende generatie met grote financieel/economische en sociaal/maatschappelijke hervormingen. Daarbij komt dat sectoren die grote verliezen hebben geleden door corona nog zitten opgescheept met verliezen en grote achterstanden in betalingsverplichtingen (fiscus, banken, leveranciers). Zo florissant staan alle ondernemers er niet voor.

Nederlandse bedrijven zouden de lonen van hun personeel meer moeten gaan verhogen. Daarvoor pleitte de president Knot van De Nederlandsche Bank (DNB) deze week. Hij begrijpt dat veel werkgevers door de coronacrisis andere zorgen hebben, maar nu de vooruitzichten voor het economisch herstel er goed uitzien, zou er volgens de directeur van De Nederlandsche Bank ook weer ruimte moeten zijn om personeel wat extra’s te bieden, zegt hij tegen ANP. Knot herhaalt hiermee een eerder pleidooi: voor de crisis vond hij ook al dat de lonen omhoog moesten. Dat is in de ogen van de DNB-baas niet alleen goed voor werknemers die daardoor meer te besteden krijgen, maar het jaagt ook de inflatie aan. De recente inflatiestijging in de eurozone naar 2% in mei betreft volgens Knot slechts een tijdelijke opleving, als gevolg van eenmalige factoren, terwijl de toename van het prijspeil eigenlijk structureel omhoog moet. Een hogere inflatie is belangrijk voor een goede prijsstabiliteit en maakt het mogelijk dat de Europese Centrale Bank (ECB) op een gegeven moment de rentes weer wat kan verhogen, geeft Knot aan. Dan zou de economie verlost kunnen worden van een aantal vervelende neveneffecten van de lage rentes. Zo zullen pensioenfondsen er bij hogere rentes financieel beter voorstaan. Waarschijnlijk kunnen mensen dan ook weer wat meer spaarrente tegemoet zien. Een gecontroleerde verhoging van de rente zou ook goed zijn voor de woningmarkt. Knot heeft de indruk dat die markt nu dreigt vast te lopen door hoge huizenprijzen en een beperkt aanbod, waardoor het voor starters heel moeilijk is geworden om nog een huis te bemachtigen. De lage hypotheekrente is een van de factoren die verklaren waarom de huizenprijzen zo hard oplopen. Als de hypotheekrente wat zou stijgen, zou dat dus een gunstig effect kunnen hebben. De hogere lonen moeten natuurlijk wel betaalbaar zijn voor bedrijven. Knot denkt dat dit bij veel ondernemingen wel het geval is. Hij wijst erop dat ondanks de crisis 60% van de bedrijven in Nederland vorig jaar meer omzet draaide dan in 2019. Ook merkt Knot dat het weer moeilijker aan het worden is voor bedrijven om aan personeel te komen. Zelfs de horeca moet moeite doen voor het bemannen van alle terrassen, zegt hij. Dit sterkt hem in zijn overtuiging dat Nederland snel terug zal zijn bij de situatie van voor corona met schaarste op de arbeidsmarkt. Daarbij past volgens Knot dat bedrijven met hogere lonen proberen werknemers te overtuigen om bij hun te komen werken. Over hoe hoog de loonsverhogingen moeten zijn, laat de DNB’er zich niet uit. Dat is volgens hem iets dat het beste besproken kan worden in cao-onderhandelingen tussen vakbonden en werkgevers. In algemene zin geeft hij wel aan dat de inflatie in Nederland eigenlijk hoger zal moeten liggen dan de Europese doelstelling van net geen 2%. Nederland is namelijk een sterke economie en moet op dit punt een beetje de kar trekken om Europees gezien op het juiste niveau uit te komen. (bron: Trouw) Interessant betoog dat vragen oproept. Knot spreekt over loonsverhogingen, maar op welke manier denkt hij aan het verhogen van de bijstand, AOW en andere sociale uitkeringen en de pensioenen. Die kant van de medaille laat hij onbesproken. Ik zit in een spagaat over de gevolgen van een stijging van de inflatie. Knot stelt dat de ECB de rente dan weer gaat verhogen. Maar hij zegt tegelijkertijd dat de centrale bank dan de liquiditeit weer gaat vergroten, maar dat veroorzaakt weer een daling van de rente. Als de inkomens van de huishoudens zouden worden verhoogd zou dat een compensatie zijn voor het gestegen prijspeil.

Zeker niet alle coronasteun is terechtgekomen bij bedrijven die echt hulp nodig hadden. Dat beeld rijst op uit berekeningen van drie statistici, schrijft Hanne Obbink in Trouw. De drie waarschuwen er zelf voor: het is nog te vroeg om te kunnen vaststellen of de coronasteun aan bedrijven wel of niet goed gewerkt heeft. Toch willen ze het debat erover aanzwengelen. En dat doen ze met rekensommen die uitwijzen dat deze steun deels is terechtgekomen bij bedrijven die in 2020 geen omzetverlies leden, maar zelfs groeiden. Ook kregen bedrijven steun die verlies leden dat waarschijnlijk niets te maken had met de coronacrisis. 3 beleidsmedewerkers van het ministerie van financiën schrijven dat in het vakblad Economisch-Statistische Berichten (ESB), misschien niet geheel toevallig, want binnen dat ministerie werd betwijfeld of dat het steunpakket inderdaad nog drie maanden extra in stand moet worden gehouden, zoals het kabinet vorige week besloot. Hoe dan ook lijkt die steun een verklaring voor het ‘historisch lage niveau’ van het aantal faillissementen, merken de drie op. De auteurs van twee ESB-artikelen hierover deden een poging om na te gaan waar drie soorten steun zijn terechtgekomen in 2020: salarissteun via de NOW-regeling, de Tegemoetkoming vaste lasten (TVL) en de Tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren (TOGS). Ook zochten zij uit welke bedrijven uitstel van belastingbetaling vroegen. Dat deden ze met onder meer cijfers van het CBS en uitkeringsinstantie UWV. De uitkomsten kunnen inderdaad tot discussie leiden: bijna een kwart van het steunbedrag van in totaal €32,8 mrd ging naar bedrijven die in coronajaar 2020 niet minder, maar juist meer omzet boekten dan in 2019 terwijl voor NOW-steun minstens 20% omzetverlies vereist is. En van het uitgestelde belastingbedrag, in totaal €16 mrd, staat bijna een derde uit bij bedrijven die in omzet gegroeid zijn. Vervolgens vergeleken de drie auteurs in een tweede artikel de omzetverliezen in het coronajaar met die van 2019, om erachter te komen of de verliezen in 2020 niet deels gewoon verliezen zijn die zich ook zonder pandemie wel hadden voorgedaan. Deels wel, concluderen ze. In zwaar getroffen sectoren als de horeca, de luchtvaart en de reisbranche waarschijnlijk niet of nauwelijks. Maar in andere sectoren werd misschien wel in de helft van de gevallen coronasteun ingezet om reguliere verliezen goed te maken. Dit is een ‘schatting, geen exacte berekening’, waarschuwen de auteurs over deze tweede rekensom, slechts bedoeld om verschillen tussen sectoren in beeld te brengen. De cijfers die ze gebruiken ‘kennen onvermijdelijk beperkingen’, geven ze toe, en de pandemie is nog niet voorbij. Ook zijn terugvorderingen nog niet in de berekeningen verwerkt, en van de helft van alle bedrijfssectoren zijn nog niet eens omzetcijfers over 2020 bekend. Toch geeft de analyse waarschijnlijk toch ‘een relevant eerste beeld’. Dat beeld wakkert de vrees aan dat de coronasteun ook terechtkomt bij bedrijven die sowieso niet levensvatbaar zijn. Tegen die achtergrond adviseerde bijvoorbeeld het Centraal Planbureau de partijen die bij de kabinetsformatie betrokken zijn om te stoppen met de huidige steun. Zodra de coronabeperkingen zijn opgeheven, schreef het CPB vorige week, kan beter worden overgestapt op het kwijtschelden van schulden van bedrijven die wel levensvatbaar zijn. (bron: Trouw) Het zou in deze eerste data gaan om 25% die overheidsonderstening hebben ontvangen en daar geen recht op zouden hebben.

Het Kennisinstituut voor Onderzoek naar Genocide en Reparaties is sinds 1 augustus 2013 intensief bezig met inventarisatie en analyse van uiteenlopende internationale claims over reparaties van koloniaal beleid van Nederland. Het Instituut verricht onderzoek naar de formulering van mogelijke juridische stappen, indien het zover mocht komen, dat de voormalige kolonisator voor de International Court of Justice moet worden gedaagd. Ook wordt er onderzoek gedaan naar de mogelijke diplomatieke strategieën voor de weg naar reparaties. Tevens wordt een database aangelegd van doelgroepen die direct en indirect te maken zullen hebben met reparaties. In 2014 werd gestart met het onderzoek naar de effecten van genocide onder inheemsen, trans-Atlantische slavenhandel en slavernij op nazaten van tot slaaf gemaakte Afrikanen. De voorouders van degenen die in de periode van 1683 tot 1873 Afrikaanse slaven gedurende 10 uur of meer op plantages, onder mensonterende omstandigheden, onder de toen geldende omstandigheden, hebben laten werken, zijn nooit voor deze arbeid betaald. Het instituut heeft berekend dat de contante waarde van deze achterstallige loonsom per ultimo 2016 €25.312.643.821 (ruim 25 mrd) bedroeg. In Suriname hebben de bepaalde voorvaderen van de huidige Nederlanders, over een periode tussen 1667 en 1939 (van de zogeheten Gouden Eeuw tot aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog), misdaden tegen de menselijkheid gepleegd: grondroof, afschuwelijke martelingen, genocide onder inheemsen en Afrikanen, uitbuiting, plundering, slavenhandel, slavernij, contractarbeid, gedwongen opsluiting in psychiatrische instelling Wolffenbüttel en verbanning waren de beproefde methodes in de koloniale tijd. In dezelfde periode hebben Nederlandse kooplieden de contante waarde van meer dan €125 mrd uit Suriname in Nederland geïmporteerd. In die tijd draaide het de Nederlandse koloniale bezetters om grondroof, slavernij, genocide, uitbuiting en economische plundering, wordt gesteld. Het is de vraag bij wie legt de directeur van het Kennisinstituut, Armand Zunder, de claim neer? Bij de bewoners die nu op dit plekje van de wereld verblijven en geen enkele rechtstreekse binding hebben of hebben gehad met Suriname, bij de nazaten van de bestuurders, kooplieden en ambtenaren van toen, bij diegenen die nog altijd persoonlijk profiteren van het toen gevoerde koloniale beleid, als dat al aantoonbaar is? Kun je eeuwen later mensen aansprakelijk stellen voor het handelen, dat lang geleden heeft plaatsgevonden en door de toenmalige bestuurders werd gelegaliseerd, onder de toen geldende regels. Kun je de Fransen nog aansprakelijk stellen voor de oorlogsdaden van Napoleon en de Duitsers van Hitler, de Amerikanen voor hun handelen in Vietnam en voor wat er plaatsvond in Quantanamo Bay. Ik ben helemaal niet trots op hoe koloniale landen hun ‘bezit’ hebben uitgebuit, op de wijze waarop zij de bezittingen hebben leeggeroofd en het leed dat zij daarbij hebben toegebracht. Maar kun je de claim, naar hedendaagse normen, nog indienen en wie zijn daar nu nog voor verantwoordelijk te stellen? Maar ik heb ook grote problemen voor het huidige bewind dat toestaat dat de moderne slaven door de mammon worden uitgebuit. Het gebeurde toen en het gebeurt vandaag de dag nog steeds omdat we het kapitalisme verheerlijken.
©2021 hannesdewitte@02051935.nl

Slotstand indices d.d. 4 juni 2021, week 22: AEX 720,18; Bel 20 4.087,28; CAC40 6.515,66; DAX 15.692,90; FTSE 100 7.069,04; SMI 11.570,68; RTS (Rusland) 1.647,06; SXXP (Stoxx Europe) 452,57; DJIA 34.756,39; NY-Nasdaq 100 13.770,77; Nikkei 28.941,52; Hang Seng 28.880,52; All Ords 7.543,30; SSEC 3.591,84; €/$1.2167; BTC/USD $37.559,60; 1 troy ounce goud $1.892,00, dat is €49.952,94 per kilo; 3 maands Euribor -0,542%; 1 weeks -0,568%; 1 mnds -0,558%; 10 jaar Duitse Staat -0,211%; 10 jaar CHF (Zwitserse franken) -0,174%; 10 jarig Nederlandse Staat -0,07%; 10 jaar Japan 0,0804%; 10 jaar Belgische Staat 0,122%; 10 jaar Franse Staat 0,153%; 10 jaar Spanje 0,455%; 10 jaar VK 0,795%; Italië 0,877%; 10 jaar VS 1,5713%. Een liter E10 hier aan de pomp €1,721.

De indices van de belangrijkste aandelenbeurzen noteerden flat tot licht hoger, de rentetarieven stegen opnieuw. Ik sluit niet uit dat de centrale banken ook deze week de markten hebben verruimd. De dollar noteerde flat. De bitcoin en andere crypto’s trokken weer aan. Nieuws vanuit getroffen sectoren in het bedrijfsleven, zoals de luchtvaart, de reiswereld en kunst en cultuur, oplopende begrotingstekorten, stijgende staatsschulden en onzekere verwachtingen voor de werkgelegenheid en het aantal faillissementen, de financieel/economische gevolgen van de lockdown als gevolg van de corona-pandemie bepalen nog altijd de sfeer, de centrale banken spreken geruststellende woorden, ondanks de sterke stijging van de inflatie in de VS. Ook in de eurozone steeg in mei de inflatie naar 2% en riep DNB op de lonen te verhogen. De 3e coronagolf lijkt in Europa over zijn hoogtepunt heen te zijn, het aantal besmettingen neemt af en de druk op de ziekenhuizen daalt. Dat is in ieder geval goed nieuws als we de teugels niet te vroeg laten vieren. In het VK zijn de besmettingen met de Indiase variant sterk toegenomen. Ik voeg ook deze keer weer een lijst toe van 10 landen met een rentenotering voor 30-jarig staatspapier. In de meeste landen daalden de tarieven: Zwitserland 0,174%; Duitsland 0,351%; Nederland 0,424%; Japan 0,6896%; Frankrijk 0,962%; VK 1,331%; Spanje 1,426%; Italië 1,868%; Canada 1,9591%; VS 2,2543%. 5-jarig staatspapier met een negatieve rente: Duitsland -0,597%; Zwitserland -0,553%; Frankrijk -0,527%; Nederland -0,526%; België -0,453%; Denemarken -0,423%; Spanje -0,253%; Japan -0,0999%.

Dit bericht is geplaatst in Financieel/economisch. Bookmark de permalink.