UPDATE 03112018/451 Aandelenkoersen omhoog, rente stijgt ook

Robots zijn in staat om volledig zelfstandig andere robots te bouwen. Het Zwitserse industriële concern ABB tuigt daarvoor een fabriek van $150 miljoen in Shanghai op. De fabriek ligt vlakbij de robotica-campus van ABB in China. Tegen het einde van 2020 moet de fabriek open zijn en robots produceren voor zowel China als voor export binnen Azië. In ABB’s eerste fabriek werken al 2000 mensen. De robot-maakt-robot productie geldt als volgende stap in de automatisering. China speelt volgens industriedeskundigen met de nieuwste levering van robots in op de handelsspanningen tussen de Verenigde Staten en China die elkaar doorlopend importheffingen opleggen. Daardoor stijgen de kosten per product. Robots kunnen die kosten naar beneden brengen, zeker in de bijna volledig geautomatiseerde productielijnen. De automatisering gaat snel. Vorig jaar ging een op de drie verkochte robots naar China, dat bijna 138.000 eenheden kocht, aldus ABB. De nieuwe 75.000 vierkante meter grote fabriek van ABB zal software gebruiken om mensen naast robots veilig in de buurt te laten werken, stelt het bedrijf. Chinezen werken al met de meer fijngevoelige YuMi-robots die dusdanig ontworpen zijn om met mensen te werken in assemblage voor de productie van andere robots. ABB-robots worden gebruikt voor het bouwen van auto’s en voor het assembleren van elektronische apparaten.

Microsoft is terug in de race als meest waardevolle bedrijf: de soft- en hardwaremaker stootte Amazon van de tweede plaats achter Apple. Na een dramatische beursweek in week 43 verloor Amazon $65 mrd waarde. [dan vraag ik mij af waarop de value van Amazon is gebaseerd als er in 5 beursdagen zo’n enorm beurswaarde teloor gaat] Microsoft, waarin medeoprichter Bill Gates nog altijd een fors belang heeft, is nu $821 miljard waard. Het concern uit Seattle hield de schade op de beurs beperkt (-1,1%) en steeg met 4%, toen het veertig jaar oude bedrijf na zijn kwartaalresultaten alle verwachtingen van analisten over zijn kwartaalresultaten aftroefde. Voor het eerst sinds april is het in 1975 opgerichte concern weer meer waard dan voormalige webwinkel Amazon van Jeff Bezos, tevens eigenaar van de Washington Post. Apple blijft koploper met $1004 mrd marktwaarde. Amazon ging eerder door de grens van $1000 mrd waarde. Het leek daarmee het ’oude’ technologiebedrijf definitief te hebben afgetroefd. Maar het is dit jaar ruim 18% kwijtgeraakt op de beurs. Volgens analisten zit er in online retailer en het enorme datacenter van Amazon nog altijd meer waarde dan in de reus uit Seattle: $1,068 mrd versus $963 miljard voor Microsoft. Veel technologieaandelen kregen afgelopen week een tik nadat de cijfers van Google-moederbedrijf Alphabet minder goed bleken te zijn dan beleggers hadden ingeschat. ’Oudere’ technologiebedrijven als Microsoft, Apple en chipmaker Intel blijken het nu even beter te doen dan jongere techconcerns als Netflix, Amazon en Facebook.

De afgelopen maand schreven de economen Vermeend en van der Ploeg twee columns op DFT, die de moeite waard zijn er kennis van te nemen. De eerste is van 15 oktober en gaat over de overgang van eco 3.0 naar eco 4.0. Zie dat in het beursoverzicht van week 43, hierboven. <citaat> Het komende decenium zullen onze maatschappij en economie spectaculair veranderen. Wereldwijd krijgen we te maken met een snelle digitalisering van productie en bedrijfsprocessen, de opmars van nieuwe technologieën, zoals kunstmatige intelligentie, het Internet of Things (IoT), slimme robots en zelflerende computerprogramma’s. Maar daarnaast ook met de ongekende impact van het mondiale en nationale klimaatbeleid. Het valt op dat deze revolutie van de nieuwe economie 4.0 bij de meeste bazen van multinationals, vooral in de financiële sector, nog onvoldoende op hun netvlies staat. Dit geldt ook voor de gewijzigde opvattingen in de wereld van de politiek en in de publieke opinie over de status en de positie van deze bazen. Vooral sinds de economische wereldcrisis van 2008 kampen deze bazen met het probleem dat het bedrijfsimago van veel ondernemingen fors verslechterd is. Zo zijn er al bankiers die er alles aan doen om niet ontmaskerd te worden. Maar ook de bazen van multinationals en olieconcerns hebben een probleem. Ze lopen het risico dat ze worden gebrandmerkt als belastingontwijkers en de concerns als ‘boeven’ die ons klimaat verpesten. Mede onder invloed van de publieke opinie, zien we ook een kentering in de politiek. Deze maand zagen we in de Tweede Kamer hiervan een aardig voorbeeldje. Vorige maand werd de president-commissaris van ING door minister van Financiën Wopke Hoekstra op het matje geroepen naar aanleiding van witwaspraktijken bij de bank. Deze week verscheen ING-commissaris Henk Breukink in de pers om Hoekstra de les te lezen. Volgens Breukink zouden de minister en de Tweede Kamer met hun optredens in de ING-zaak het wantrouwen in de samenleving tegen de bancaire sector hebben aangewakkerd in plaats van te dempen, zoals politici volgens de ING-commissaris behoren te doen. Inmiddels is het algemene beeld dat dit een dom verwijt is en dat Breukink de imagoschade voor de sector daardoor zelf nog eens heeft vergroot. In de sociale media overheerste de aanduiding “arrogantie”. In zijn reactie in de Tweede Kamer was Wopke Hoekstra wat milder, maar wel duidelijker. De minister merkte op dat Breukink een heel ander wereldbeeld heeft dan hij. Dat is zacht uitgedrukt, want de ING-commissaris maakt duidelijk dat hij buiten de realiteit staat. Dat is ook de reactie van Roald van der Linde, lid van de Tweede Kamer voor de VVD. In een ingezonden stuk in het FD zegt hij tegen Breukink dat de ING moet stoppen met vingerwijzen en eens goed in de spiegel moet kijken: de ING zat fout, niet de Tweede Kamer, niet de minister, niet het OM en zeker niet de samenleving. Breukink staat met zijn wereldbeeld helaas niet alleen. Ook rond de afschaffing van de dividendbelasting zagen we dat de bazen als vanouds de politiek dicteren wat goed voor het land is. Maar tot verbazing van iedereen maakte Unilever-topman Paul Polman een definitief einde aan de invloed van de bazen op politiek Den Haag. Niet alleen in Nederland hebben de bazen problemen met de realiteit. Dit zien we bijvoorbeeld ook in de VS. De bazen in de internationale techsector hebben zich een heldenstatus aangemeten en beïnvloeden de politiek. Je hoeft geen fan van Donald Trump te zijn om op te merken dat ze bij hem aan het verkeerde adres zijn. Vooral via Twitter maakt hij steeds duidelijk dat de politiek (hij dus) het voor het zeggen heeft en niet de bestuurders van deze multinationals die een te grote broek hebben aangetrokken. Met de opkomende polarisatie tegen het grote bedrijfsleven is niemand gediend en moet dan ook voorkomen worden. Het staat vast dat ze landen veel voordelen opleveren, zoals banen, innovaties, belastinginkomsten, internationale uitstraling en een stimulans kunnen zijn voor het mkb. Daarmee vertegenwoordigen ze een economische machtspositie die tegelijkertijd ook maatschappelijke verantwoordelijkheden met zich meebrengt. Als deze bedrijven afgaan op de huidige brede opvattingen in de publieke opinie en bij de meeste politieke partijen, dan kunnen ze zelf constateren dat ze daarin te kort zijn geschoten. Bovendien krijgen ze te maken met een wereld waarin niet zij, maar kleine innovatieve 4.0-bedrijven een hoofdrol gaan vervullen. Ze worden ook geconfronteerd met een kritischer samenleving en een politiek die deze bedrijven op afstand gaat zetten. Voor de bazen is er maar een oplossing: ga vooroplopen bij het klimaatbeleid, neem het voortouw bij een eerlijke belastingbetaling, zet werknemersbelangen hoger op de agenda en een beetje nederigheid helpt ook. </citaat> Op 27 oktober schreven de heren over zwaar weer en tegenwind op de beurzen de afgelopen weken. <citaat> Tegelijk verschenen er in de wereldwijde media doemscenario’s waarin een nieuwe economische crisis wordt voorspeld. Vooral het afgelopen jaar is er bij internationale economische denktanks en beursexperts een opvallende kentering te bespeuren. Alle optimistische voorspellingen over mooie groeicijfers voor de komende jaren zijn naar beneden bijgesteld en de vrees neemt toe dat veel landen te maken krijgen met een economische neergang. Het grote probleem is dat economische voorspellingen gekenmerkt worden door het feit dat ze onvoorspelbaar zijn. Daar komt nog bij dat een nieuwe economische crisis, die vorig jaar al door veel goeroes werd voorspeld, en dat er nu wereldwijd nog steeds sprake is van een goed draaiende economie. Toch zien we op dit moment wel een optelsom van signalen die op zwaar weer wijzen, maar bijna niemand durft te voorspellen wanneer de bui losbarst. De econoom Nouriel Roubini, die als Dr. Doom beroemd is geworden doordat hij de kredietcrisis van 2008 goed voorspelde, durft dat wel: hij verwacht dat de crisis in de tweede helft van 2019 zal toeslaan [in de VS]. Als we afgaan op de recente voorspellingen van de meeste denktanks, dan is er naast een nieuwe economische malaise ook extra reden voor bezorgdheid voor de langere termijn. Voor de komende tien jaar wordt voor de meeste landen uitgegaan van lage groeicijfers die gemiddeld per jaar tussen 1-2% zullen liggen. De verwachting is ook dat we in deze periode opnieuw te maken krijgen met lage renteniveaus en een lage productiviteit. Dit komt vooral door de vergrijzing van de samenleving. De onderzoekers doen de aanbeveling aan bedrijven en landen om zoveel mogelijk te gaan investeren in digitalisering en nieuwe technologieën, zoals kunstmatige intelligentie, het internet of things en robottechnologie. Met deze investeringen kunnen ze de productiviteit aanzwengelen en de groei stimuleren. Zonder deze investeringen gaat er werk en welvaart verloren. [de vraag is dan wel op welke wijze mensen die afvallen in dit proces in leven worden gehouden] De internationale beleggingsgigant Vanguard meldt bijvoorbeeld dat het risico dat de beurzen instorten is gestegen naar 70%. Deze somberheid stoelt vooral op de te hoge beurskoersen (een zeepbel). Daarnaast wijzen andere experts op de hoogopgelopen schulden bij overheden, burgers en bedrijven en de oplopende rente. Wereldwijd nemen de zorgen toe over het onberekenbare beleid van president Donald Trump en landen die met protectionistische maatregelen de wereldhandel afremmen. [ik deel de uitspraak van de beide heren economen niet dat een rentestijging een oplopende last zou zijn voor de overheid, het bedrijfsleven en de samenleving. In het vorige blog heb ik geschreven dat het extreem lage renteniveau diefstal is van het spaargeld van de burgers. Buiten hun gezichtsveld wordt door de ECB hun spaargeld en het opgebouwde pensioenvermogen gratis beschikbaar gesteld aan de machtige financiële wereld, die daar casinootje mee hebben gespeeld op de beurzen en nu de zeepballonnen leeglopen gaat ook het achterliggende vermogen teloor] Het risico neemt ook toe dat we door het beleid van Trump met handelsoorlogen te maken krijgen. Het conflict tussen de VS en China heeft nu al negatieve gevolgen voor de groei van de wereldeconomie. In Europa speelt ook de onzekerheid over brexit en de politieke toekomst van de EU een rol. Bovendien heeft de Italiaanse regering een feestbegroting ingediend die schade toebrengt aan de Europese economie en de euro. [dat is maar hoe je ernaar kijkt. De erfenis van voorgaande regeringen is zodanig dramatisch dat het extreem rechtse en extreem linkse kabinet weinig andere keus heeft dan niet eerst een Europees financieel beleid, dat afgedwongen wordt door de financiële machten en wordt uitgevoerd door techneuten in Brussel, uit te voeren, maar eerst gaan puinruimen] Wij zijn geen doemdenkers, maar het kan geen kwaad als regeringen en ondernemingen met een economische neergang rekening gaan houden. Kijken we naar de huidige mooie groeicijfers van de meeste landen, dan is een recessie moeilijk voorstelbaar. Maar de geschiedenis leert dat ze onverwacht snel kunnen keren. Hoe kunnen we een economische crisis voorkomen en bestrijden? Economische denktanks adviseren regeringen om buffers op te bouwen, schulden te verminderen, de economische structuur te versterken en de nuttigheid van overheidsuitgaven opnieuw te bezien. Op dit moment heeft Rutte III gekozen voor extra uitgaven, zowel voor de publieke sector als het bedrijfsleven. Maar als de economische crisis toeslaat, hebben we onvoldoende financiële buffers opgebouwd om deze het hoofd te bieden en is de kans groot dat het kabinet de komende jaren pijnlijke bezuinigingsoperaties zal moeten doorvoeren. Voor de toekomst heeft Nederland ook een probleem. We zijn niet goed voorbereid op een lagere economische groei. Die leidt tot minder inkomsten voor de schatkist en minder werk. Onze huidige sterke economie en hoge groeicijfers zijn vooral te danken aan investeringen en economische programma’s die de afgelopen decennia zijn uitgevoerd. Deze zijn nu uitgewerkt en de afgelopen kabinetten [Rutte] hebben onvoldoende geïnvesteerd in nieuwe ontwikkelingen. Zo geven overheden en bedrijven veel te weinig uit aan onderwijs en bijscholing dat zich richt op de digitale economie en onderzoek en ontwikkeling. Ons onderwijs is bovendien niet ondernemend genoeg en veel instellingen leiden op voor banen uit het verleden, terwijl juist de toekomst centraal dient te staan. Daarnaast zou Rutte III samen met het bedrijfsleven een meerjarenplan voor een versterking van het mkb, starters en start-ups moeten ontwikkelen. Dit is niet alleen de banenmotor van de toekomst, maar ook een bron van innovaties. Die hebben we hard nodig om onze welvaart te kunnen waarborgen. Vorige week heeft Rutte III al de eerste waarschuwing gekregen dat Nederland achterblijft en voorbij wordt gelopen door andere landen. Op de wereldranglijst van de meest concurrerende de landen in de wereld is ons land gezakt van de vierde naar de zesde plaats. Wie de onderliggende gegevens van deze lijst analyseert, komt al snel tot de conclusie dat Nederland in de komende jaren verder zal wegzakken, tenzij Rutte III de noodzakelijke innovatieve maatregelen neemt [en stopt met het weggeven van kadootjes aan het bedrijfsleven zonder eisen te stellen over de aanwending ervan]. </citaat> Ik dank de beide heren voor hun heldere schets op de huidige situatie en op hun visie op de toekomst.

De inflatie in Duitsland is in oktober uitgekomen op 2,5% op jaarbasis. Dat meldde het Duitse federale statistiekbureau op basis van gegevens uit zeven deelstaten. In september bedroeg de geldontwaarding in Europa’s grootste economie nog 2,3% op jaarbasis. Op basis van de Europese geharmoniseerde meetmethode werd een inflatie gemeten van 2,4%, tegen 2,2% in de voorgaande maand. Volgens economen van ING is de inflatiestijging vooral het gevolg van stijgende olieprijzen en seizoensinvloeden. Zo gaven Duitsers in het zomerseizoen meer geld uit aan hotels en pakketreizen. De gevolgen van oplopende lonen op de inflatie zijn er nog nauwelijks, stellen zij.

Er is eindelijk aan de vergadertafels, waar gepolderd wordt over pensioenen, één partij wakker geworden. In DFT lees ik: Vakbond FNV heeft een nieuwe eis bij de onderhandelingen over het pensioenakkoord op tafel gelegd. De bond wil dat een hogere rekenrente wordt gehanteerd. In een interview met NRC zegt vicevoorzitter van het FNV, Tuur Elzinga, dat hij zo wil voorkomen dat er tussen generaties verschillen ontstaan in het pensioen. Volgens hem gaat ,,dit pensioen helemaal niet werken zonder een andere rekenrente”. De rekenrente wordt gebruikt om te berekenen of fondsen ook in de toekomst genoeg geld in de pot hebben. Omdat de rente nu laag is, moeten fondsen zich kunstmatig arm rekenen. Dat kan ertoe leiden dat zij uitkeringen moeten verlagen. FNV wil de regels versoepelen. De vakbond legt daarmee een nieuwe bom onder het pensioenakkoord dat nabij is. De Nederlandsche Bank (DNB) stelt de rekenrente vast. Minister Wouter Koolmees liet de Tweede Kamer onlangs weten, op advies van DNB, niet aan de regels te willen tornen. Elzinga zegt in NRC dat de rekenrente vooral voor jongeren een probleem is. ,,In het nieuwe stelsel bouwen mensen het grootste deel van hun pensioen op in het eerste deel van hun carrière. Als zij op dat moment, door een lage rekenrente, weinig pensioen opbouwen, komen ze op een achterstand die niet meer in te halen is. Dan gaan er verschillen ontstaan tussen generaties. Tussen jongeren die zijn ingestapt bij een hele hoge of juist lage rente. Dat willen wij niet. We willen pech- en gelukgeneraties voorkomen.” [ik stel al een jaar dat de verrekenrente die DNB oplegt aan de pensioenfondsen niet representatief is voor de berekening van pensioenuitkeringen die in een termijn van 40 jaar worden opgebouwd. Daarvoor moet een inschatting worden gemaakt voor de toekomstige renteniveaus dan is dat niet mogelijk, maar we kunnen wel berekenen wat de gemiddelde rente en rendementen die zijn behaald in de periode 1978-2018. In die periode hebben ook twee financiële crises hebben plaatsgevonden in 1987 en in 2008. Dat geeft een indicatie. En ja, ik weet ik ook dat er momenteel een monetair beleid wordt gevoerd dat STERK afwijkt van het klassieke model. Maar ik weet ook dat de ECB niet voort kan gaan met een rentebeleid van 0%. Dat is absurd en niet toekomstbestendig. Een deel van het geld waarmee wordt ondernomen levert rendement (winst) op en een deel daarvan komt toe aan de geldverstrekker. In de periode dat ik nog actief was in het bankwezen, in de tijd dat een bankier integer was, een dienstverlener voor bedrijven en consumenten, rekenden wij met een vaste basis van 4% ‘s jaars met een opslag van het inflatiepercentage. Dus momenteel zou dat 6,5% zijn. Dat was voor pensioenfondsen, verzekeraars, spaarders, hypotheekgevers en -nemers en beleggers een stabiele basis om toekomstige verplichtingen te kunnen berekenen?] [Deze week kwam er druk op de ketel te staan om snel resultaat te boeken in het pensioenoverleg. Omdat er al enige tijd geen vorderingen meer zijn gemaakt vanwege eisen van de vakbonden heeft minister Koolmees besloten enkele grotere oppositiepartijen als GL, de PvdA en de SP te gaan raadplegen hoe uit het vastgelopen overleg te komen. Wat blijkt, zegt het Nibud, is dat de koopkracht van veel ouderen de afgelopen jaren achter is gebleven bij dat van de werkenden. Dat is niets nieuws, alleen komt het Nibud wel erg laat van die constatering. Vanwege het wegvallen van de inflatiecorrectie bij pensioenuitkeringen hebben gepensioneerden met een uitkering van een pensioenfonds zeker 10% koopkracht ingeleverd. Dat is mede het gevolg van de lage rente, de mindere rendementen en de vergrijzing. EN door de, door DNB voorgeschreven, veel te lage verrekenrente waarmee toekomstige verplichtingen worden berekend. Dat is alleen te billijken als de komende 10 tot 20 jaar de rente zo laag zou worden gehouden door de ECB als nu het geval is. Dat weiger ik op dit moment te accepteren, want dat zou betekenen dat, op de lange termijn, de waarde van het spaargeld jaarlijks zou devalueren met het inflatiepercentage en de vermogensheffing die aan de fiscus betaald moet worden.Het is al erg genoeg dat deelnemers, werknemers, wel maandelijks hun pensioenpremie moeten betalen maar dat er geen enkele zekerheid wordt gegeven welke pensioenuitkering daarmee opgebouwd. Vakbonden en werkgevers zouden het er al over eens zijn dat het gegarandeerde pensioen tot het verleden behoort. In een nieuw stelsel is er een optie dat bij ‘mooi weer’ de uitkeringen stijgen, maar, binnen marges, bij slecht weer’ worden gekort. Veel onduidelijkheid dus.]

[In juni stelde DNB dat cash in het betalingsverkeer niet mag verdwijnen. Die stelling onderschrijf ik. Maar ik maak mij zorgen over de mogelijkheid om cash mijn spaargeld op te nemen. De digitalisering van spaargeld is bij banken en andere financiële instellingen zover gevorderd dat als ik een vraag aan mijn huisbankier of er een mogelijk is om mijn spaargeld contant op te nemen, krijg ik als antwoord ‘ ja alleen via de pinautomaat’. Dat is geen optie. Dat betekent dus als op enig moment het vertrouwen in het financiële stelsel dan wel de euro afneemt, spaarders niet meer over hun geld kunnen beschikken. Is daar wel eens over nagedacht bij DNB of hebben technocraten de vrije hand gekregen deze mogelijkheid te schappen. Het monetaire beleid van de ECB, verwoord door Mario Draghi, geeft steeds minder vertrouwen in de euro, doordat de rente is gedaald tot 0%, dan wel 0,05%. De heer Knot tekent mee voor dat beleid. Ik stel ook grote vraagtekens bij de uitvoerbaarheid van het Deposito-Garantie-Stelsel in de EU. Dat stelsel is gebaseerd op nationale solidariteit tussen banken, niet met een financiële garantie van DNB e/o de overheid. Dat stelsel werkte tot dusverre goed zolang er een kleine speler, als de DSB bank, bankroet gaat. Maar als grote spelers in grote problemen komen, werkt het DGS niet langer, omdat, in die situatie, zo’n grote speler andere grote spelers kan meeslepen. In zijn huidige vorm werkt het DSG dan niet meer. Weg spaargeld. We verkeren momenteel niet in de meest stabiele periode, waarin centrale banken een baken van rust en betrouwbaarheid zouden moeten zijn.]

Is het vragen om een eerlijke prijs voor de producten die de boer levert. De tussenhandel en de retail (supermarkten) en de voedsel verwerkende industrieën verdienen veel meer aan groenten, fruit, vlees en zuivel dan de boeren die ervan moeten leven en moeten investeren in duurzaamheid. Enkele voorbeelden: de tuinder krijgt €0,22 per komkommer en die kost in de supermarkt en op de markten €0,70, 250 gram champions kosten €0,82 en de tuinder krijgt daarvoor €0,39, het verschil in aardappelen per kg is nog veel groter €0,17 tegen €1,30, 10 scharreleieren €2,24 en de boer krijgt €1,00 en tot slot een liter halfvolle melk kost €0,90 en daarvan gaat €0,33 naar de boer. We moeten daarbij wel meerekenen dat de BTW op deze artikelen 6% bedraagt. ABN\Amro meldt dat de prijzen de komende jaren in de supermarkten fors omhoog zullen gaan, niet alleen vanwege de BTW-stijging van 6% naar 9% maar ook door hogere kosten waarmee de plastic berg kan worden gereduceerd alsmede de investeringen die moeten worden gedaan voor de verduurzaming van de foodsector en om de schadelijke milieu-effecten van de landbouw op te vangen. Daarmee komt het koopkrachtplaatje van de overheid voor 2019 verder onder druk te staan en komen mensen met een laag inkomen verder in de problemen.

De NS verhogen per 1 januari aanstaande ook de prijzen van treinkaartjes en abonnementen. Dat is volgens het spoorbedrijf vooral nodig door de verhoging van het btw-tarief voor het openbaar vervoer, van 6 naar 9 procent. NS vindt de btw-verhoging een slechte zaak omdat meer mensen zullen kiezen voor alternatief vervoer en niet voor het duurzame ov. „Tweedeklas reizen wordt, in lijn met de inflatie, gemiddeld 1,8% duurder. Maar daar komt de btw-verhoging bovenop”, aldus een woordvoerder. „Het openbaar vervoer wordt duurder ten opzichte van de auto.” Net als vorig jaar past NS de inflatiecorrectie niet toe op eersteklas reizen. Het prijsverschil tussen tweede- en eersteklas reizen wordt daardoor iets kleiner.

Crisis of koopjes: particulieren schaffen weer meer goud aan. De prijs van het goud was deze week stabiel op $1232. De vraag naar het edelmetaal is wereldwijd met ruim 6 ton gestegen naar 964,3 ton. Volgens de World Gold Council tasten particulieren toe omdat de prijs een tijdlang flauwtjes was, terwijl aandelenbeurzen terrein verloren. De goudprijs daalde bijna 5% in het kwartaal. In zijn kwartaalrapport meldt de World Gold Council een stevige stijging van vooral munten en goudstaven met 28%. Particulieren kochten daarnaast 6% meer juwelen dan in dezelfde drie maanden vorig jaar. De centrale banken zijn evenwel de grootste kopers en kochten bijna een kwart (+23%) meer goud in tot 148,4 ton, volgens de Gold Council het hoogste niveau sinds 2015. Daar staat tegenover dat de goudbeleggingsfondsen meer goud hebben verkocht. Netto stroomde daar voor 103,2 ton de deur uit.

De Amerikaanse regering heeft nieuwe sancties aan Venezuela opgelegd om de goudmarkt van het land te ontregelen. Met deze maatregel probeert Trump de druk op de Venezolaanse president Maduro verder op te voeren, omdat de export van goud een interessante bron van inkomsten is voor de regering. In de eerste negen maanden van dit jaar heeft Venezuela al 23,62 ton goud naar Turkije geëxporteerd, goed voor een opbrengst van $900 miljoen. Dat is slechts een fractie van de inkomsten die het land haalt uit de export van olie, maar voor de Amerikaanse regering is dat bedrag blijkbaar voldoende om nieuwe sancties op te leggen. De nieuwe sancties geven de Amerikaanse overheid de bevoegdheid om alle tegoeden en bezittingen te blokkeren van personen die werkzaam zijn in de goudsector van Venezuela of die in financiële, technologische of materiële zin ondersteuning bieden aan de goudsector van Venezuela. Door deze ruime definitie is het moeilijk om de impact van deze nieuwe sancties op de economie van Venezuela in te schatten.

De rente steeg afgelopen week sterk maar op de aandelenbeurzen stegen de koersen fors. Dat laatste is toe te schrijven aan geruchten dat de handelsoorlog tussen de VS en China zou worden beëindigd. Dat zou kunnen maar ik hou er ook rekening mee dat het verkiezingsretoriek is van Trump om de kiezers in de VS die komende woensdag naar de stembus gaan om te kiezen voor het landelijke Congres (een deel van de Senaat plus het hele Huis van Afgevaardigden) en voor bestuurders in staten en steden, duidelijk te maken hoe sterk hun president wel niet is. Alle 435 zetels in het Huis van Afgevaardigden staan op het spel. De Republikeinen hebben momenteel een meerderheid van 235 zetels, tegenover 193 voor de Democraten. Zeven zetels zijn vacant. Om het Huis in handen te krijgen moeten de Democraten een netto winst boeken van tenminste 23 zetels. De kans dat dat gebeurt is vrij groot. Om de Senaat in handen te krijgen moeten de Democraten tenminste twee zetels netto winnen. Die kans lijkt klein. Gouverneurs besturen met de lokale Congressen de staten en zijn voor de bevolking daarom vaak belangrijker dan Washington. Ze zitten vier jaar en maximaal twee termijnen. Momenteel hebben 33 staten een Republikein als gouverneur, 16 een Democraat. Over 35 gouverneurschappen wordt gestemd, waarvan de Republikeinen er het meest moeten verdedigen: 26. De strijd die landelijk gevoerd wordt tussen de Republikeinen en Democraten is tot een kookpunt gestegen. In deze fase weten de Amerikanen niet waar het met hun land naar toegaat. Trump zal willen laten zien hoe hij de absolute macht in de wereld in handen heeft. Hoe hij Iran, Turkije, China en de EU op de knieën zal krijgen. Daarvoor strijdt hij als een straatvechter. Hij dreigde deze week ook al de financiële wereld en Amerikaanse beleggers dat als ze democratisch stemmen dat een ineenstorting van Wall Street teweeg zou kunnen brengen. In die contekst zie ik ook de geruchten dat China en de VS de strijdbijl neer zouden leggen. Maar dat China door het stof zal gaan, verwacht ik niet. Verder zou er ook bijna een akkoord zijn tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie. In het akkoord zou onder meer afgesproken zijn dat de Britten deel blijven uitmaken van de douane-unie. Dat zou een grote overwinning zijn voor May. De EU heeft dan toch eieren voor hun geld gekozen. Het is gunstig voor het Nederlandse bedrijfsleven, maar het is nog geen definitieve overeenkomst en er zitten nog wel wat haken en ogen aan. Het is niet voor het eerst dat er gesproken wordt over deze optie. Wanneer de Britten deel blijven uitmaken van een douane-unie met de EU, betekent dat er vrije handel van goederen is tussen het Verenigd Koninkrijk en de EU-lidstaten. Minimale douane-formaliteiten en geen tarieven dus. „Dat zou goed nieuws zijn voor het Nederlandse bedrijfsleven”, stelt Jeroen Lammers, directeur Economische Zaken van werkgeversorganisatie VNO-NCW. Lammers deed die uitspraak al in februari, toen Labour-leider Jeremy Corbyn met een voorstel kwam waarbij het VK in de douane-unie bleef. Lammers: „Dit komt dichterbij wat wij willen. Wij willen een zo frictieloos mogelijke handel. Eigenlijk had ik niet meer verwacht dat dit nog op zou komen in de Britse politiek.” “Dan kunnen we in ieder geval de goederenstromen zonder problemen van de ene kant naar de andere krijgen”, aldus Lammers. „We zitten dan nog niet op het niveau van de interne markt, maar een douane-unie komt redelijk in de buurt.” Onder de interne markt valt ook het vrije verkeer van diensten, personen en kapitaal. In het Verenigd Koninkrijk ligt vooral de vrije toegang van personen gevoelig. Veel Britten menen dat hun banen worden ingepikt door Polen. „Áls dit doorgaat, is dat heel gunstig voor het Nederlandse bedrijfsleven”, zegt ING-econoom Raoul Leering. „Onze belangrijkste exportonderdelen met de Britten zijn machinebouw en agri- en voedingsindustrie. Die douane-unie geldt voor de goederenhandel, voor diensten zou je eigenlijk iets soortgelijks moeten regelen.” In het geval van een harde Brexit, het uitblijven van een akkoord tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk, valt de handel terug op het regime van de Wereldhandelsorganisatie. In dat geval gelden standaard-handelstarieven. „Er liggen natuurlijk in het verlengde wel nieuwe vragen over het recht om zelfstandig handelsverdragen af te sluiten”, aldus Adriaan Schout, Europa-deskundige van Clingendael. . „Zal het Verenigd Koninkrijk zich schikken in de wens van de EU om de Europese Commissie de handelsverdragen te laten afsluiten en coördineren?” Een douanie-unie betekent wel dat de Britten een deel van hun soevereiniteit opgeven. „Bij de douane-unie is het Verenigd Koninkrijk gebonden aan de douanetarieven die de EU hanteert in handelsrelaties met andere landen”, legt Peter Van Elsuwege, hoogleraar EU-recht aan de Universiteit van Gent, uit. „Dat betekent dus dat de Britten geen zelfstandig handelsbeleid kunnen voeren. Dit ligt natuurlijk heel moeilijk voor premier May, aangezien ze meermaals heeft beklemtoond dat het voeren van een zelfstandig Brits handelsbeleid voor haar één van de belangrijkste gevolgen is van Brexit.”

© 2018 hannesdewitte@02051935.nl

Slotstand indices d.d. 2 november 2018; week 44: AEX 521,8; Bel20 3521,93; CAC40 5102,13; DAX30 11.518,99; FTSE 100 7.094,12; SMI 8992,3; RTS (Rusland) 1134,8; DJIA 25.270,83; NY-Nasdaq 100 6.965,29; Nikkei 22.243,66; Hang Seng 26.486,35; All Ords 5953,8; SSEC 2.674,48; €/$1,138246; BTC/USD $6400,8; 1 troy ounce goud $1232,2; dat is €34.763,17 per kilo; 3 maands Euribor -0,318% (1 weeks -0,376%, 1 mnds -0,368%), 10 jarig Nederlandse Staat 0,552%; 10 jaar VS 3,1936%; 10 jaar Belgische Staat 0,821%, 10 jaar Duitse Staat 0,435%, 10 jaar CHF (Zwitserse franken) -0,02%, 10 jaar Japan 0,1244%; 10 jaar Italië 3,334%. Een liter diesel hier aan de pomp €1,369.

Dit bericht is geplaatst in Financieel/economisch. Bookmark de permalink.